Video player inladen...

Federale regering en Theo Francken gaan zich burgerlijke partij stellen in gerechtelijk onderzoek naar humanitaire visa

De federale regering neemt een advocaat onder de arm die gaat onderzoeken of ze zich burgerlijke partij kan stellen in het onderzoek naar Melikan Kucam, het Mechelse N-VA-gemeenteraadslid dat zich zou hebben verrijkt door humanitaire visa te verkopen. Dat heeft premier Charles Michel (MR) aangekondigd. Ook ex-staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken stelt zich burgerlijke partij.

Gisteren kwam het Mechelse gemeenteraadslid Melikan Kucam in opspraak omdat hij humanitaire visa zou hebben verkocht aan christenen in Irak en Syrië. Daarmee zou Kucam grof geld hebben verdiend, tot wel 10.000 euro per visum. Het parket van Antwerpen startte een onderzoek, op hetzelfde moment dat het VRT-progamma "Pano" de zaak onderzocht.  Kucam wordt nu mensensmokkel, afpersing, omkoping en deelname aan een criminele organisatie ten laste gelegd. Intussen heeft N-VA de man in al zijn functies geschorst. 

Bij een bijeenkomst van de federale regering over de brexit deze voormiddag, meldt premier Michel dat de regering zich burgerlijke partij wil stellen in het onderzoek. "Wij zullen de belangen van de staat verdedigen", aldus Michel. "Daarom hebben we beslist een advocaat de opdracht te geven om onze belangen te verdedigen en te bekijken of we ons burgerlijke partij kunnen stellen."

Door zich burgerlijke partij te stellen kan de regering inzage vragen in het dossier. Zowel vicepremier De Croo (Open VLD) en vicepremier Peeters (CD&V) uiten kritiek op het beleid rond humanitaire visa zoals dat gevoerd werd door voormalig staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA). Momenteel is er geen teken dat iemand binnen het kabinet op de hoogte was van de vermoedelijke handel in humanitaire visa. 

Ook Francken burgerlijke partij

Ook ex-staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken stelt zich burgerlijke partij in de zaak rond mogelijke fraude met humanitaire visa. "Dit omwille van de ernst van de vermeende feiten en het misbruik van vertrouwen dat gepleegd werd ten aanzien van de betrokken slachtoffers, zijn kabinet en zijn persoon", luidt het in een mededeling.