Archieffoto

Bijna 900 doden in Congo bij etnisch geweld vorige maand

Bij een uitbarsting van geweld zijn midden december bijna 900 mensen vermoord in vier dorpen in het westen van Congo. Volgens de VN-Mensenrechtenraad komt het nieuws van betrouwbare bronnen. Ruzies tussen twee bevolkingsgroepen zouden het geweld hebben veroorzaakt.  

Volgens het VN-agentschap zouden zeker 890 mensen zijn omgekomen tussen 16 en 18 december in vier dorpen in de omgeving van de stad Yumbi, aan de oevers van de Congo-stroom in de westelijke Mai-Ndombe, zo'n 300 kilometer ten noorden van de Congolese hoofdstad Kinshasa.

Het geweld lijkt niet meteen een gevolg van de toen nakende presidentsverkiezingen, maar van oude vetes tussen twee rivaliserende bevolkingsgroepen, de Banunu en de Batende. De vonk die het geweld deed overslaan zou onenigheid geweest zijn over de begraafplaats van een stamhoofd. Op drie dagen tijd zijn er 465 huizen en gebouwen platgebrand of geplunderd, waarbij ook twee basisscholen, een gezondheidscentrum en een kantoor van de nationale kiescommissie (CENI).

Door het geweld zouden naar schatting 16.000 mensen gevlucht zijn naar buurland Congo-Brazzaville, aan de overkant van de Congo-grensrivier. De VN-Mensenrechtenraad noemt het geweld schokkend en wil snel een grondig onderzoek.