Cristobal Serrano

Human Rights Watch: "Europa en Italië mee verantwoordelijk voor mensenrechten­schendingen in Libië"

De Europese Unie en meer nog Italië dragen een zware verantwoordelijkheid in het extreme misbruik van migranten en vluchtelingen in Libië. Dat zegt de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch in een nieuw rapport. Met de steun van Europa en Italië worden mensen steeds vaker op zee onderschept door de Libische kustwacht. In Libië worden ze opgesloten in detentiecentra, waar ze afschuwelijk behandeld worden. Italië lijkt zelfs mee te werken aan echte pushbacks, in strijd met de internationale wetgeving. 

Europa en Italië besteden steeds meer hun grensbewaking uit aan de Libische kustwacht, stelt het rapport. In juni 2018 erkende de Internationale Maritieme Organisatie – een VN-organisatie – de enorme Libische reddingszone die de internationaal erkende regering in de Libische hoofdstad Tripoli eenzijdig had afgebakend. In die zone is de Libische kustwacht verantwoordelijk voor reddingsoperaties. Maar die kustwacht is bij lange na niet uitgerust om heel die zone te bewaken, ondanks de trainingsprogramma’s van de Europese Unie en het geld en de materiële steun van de Italianen. 

Ongeveer tegelijkertijd kwam in Italië een nieuwe regering aan de macht van de populistische Vijfsterrenbeweging en de uiterst rechtse Lega. De vorige Italiaanse regering had al verregaande akkoorden gesloten met de regering in Libië. Maar de nieuwe ging nog een stap verder. Het lijkt erop dat het coördinatiecentrum van de Italiaanse kustwacht tegenwoordig noodsituaties op zee systematisch doorschuift naar de Libische kustwacht, zegt het rapport. Ook in internationale wateren. En zelfs als er andere, beter toegeruste schepen in de buurt zijn. 

Het lijkt erop dat Italië tegenwoordig noodsituaties op zee systematisch doorschuift naar de Libische kustwacht, ook in internationale wateren

Een illustratie van Human Rights Watch, die de situatie omschrijft.

Verontrustende getuigenissen

“We waren verrast toen we de Libische kustwacht zagen”, getuigt een vrouw, “want we waren in de blauwe zee [de benaming die migranten en vluchtelingen gebruiken voor internationale wateren].” Een Palestijnse man vertelt hoe het bootje waarop hij zat onderschept werd door de Libische kustwacht. Vlakbij zagen ze ook een groot oranje schip (mogelijk de Aquarius van de hulporganisatie SOS Méditerranée, die een dergelijk incident rapporteerde). “Sommige mensen sprongen van onze boot en begonnen in de richting van dat schip te zwemmen. Twee of drie Libiërs schoten met hun geweren in het water vlak naast ons.” Ook andere getuigen melden dat de Libische kustwacht hen intimideerde of bedreigde als ze niet op hun reddingsboten wilden stappen.

Er zijn verschillende meldingen van commerciële schepen die in internationale wateren mensen redden, en de opdracht krijgen van het Italiaanse coördinatiecentrum om die over te dragen aan de Libische kustwacht. Het vrachtschip Nivin moest zo naar de haven van Misrata in Libië varen, om daar in internationale wateren geredde mensen af te zetten. De migranten en vluchtelingen weigerden tien dagen lang om het schip te verlaten, tot Libische soldaten ze op 20 november met geweld van het schip haalden. Er vielen elf gewonden, drie van hen hadden schotwonden.

De Spaanse vissersboot Nuestra Madre de Loreto redde eind november elf mensen in internationale wateren. De kapitein kreeg instructies – zelfs van de Spaanse regering – om naar een Libische haven te varen. Maar hij weigerde tien dagen lang, tot hij uiteindelijk toestemming kreeg om naar Malta te varen. 

Doordat de Libische kustwacht onvoldoende capaciteit heeft om de hele Libische reddingszone te bewaken, en omdat er nog maar weinig reddingsschepen van NGO’s actief zijn voor de Libische kust, is het risico om te verdrinken opgelopen van 1 op 42 tot 1 op 18 mensen die oversteken, zo blijkt uit cijfers van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR. Andere rapporten schatten de situatie nog erger in.

Foltering

Zodra de Libische kustwacht onderschepte migranten en vluchtelingen afzet in Libië, worden ze naar detentiecentra gebracht. Daar zijn de omstandigheden hels, zo blijkt nog maar eens uit dit rapport. Human Rights Watch kon afgelopen zomer spreken met 107 mannen, vrouwen en kinderen die opgesloten zaten in vier detentiecentra. Die centra worden beheerd door het Directoraat voor Illegale Migratie van de Libische regering in Tripoli, die onder meer door de Europese Unie is erkend. Dat directoraat krijgt voor alle duidelijkheid geen geld van Europa.

De 26-jarige Elijah uit Sierra Leone getuigt dat hij in het detentiecentrum in Misrata geslagen is. “Ze dwingen ons om recht in de zon te kijken. Als we protesteren, slaan ze ons. Ze nemen mensen mee naar de voorste kamer, en slaan ze. Ze namen mij mee daarnaartoe, bonden mijn handen vast, en sloegen me op mijn voetzolen. Mijn vriend kreeg klappen op het hoofd.” Er zijn ook getuigenissen over foltering met elektroshocks. Diezelfde Elijah vertelt: “Er is een man uit Mali, twee maanden geleden hebben ze hem elektroshocks gegeven. Vroeger praatte hij normaal, nu zit hij gewoon voor zich uit te staren (…). Er zijn nog drie andere mannen zoals hij, allemaal door elektroshocks.” De onderzoekers van Human Rights Watch zien ook zelf zo iemand wezenloos voor zich uit zitten staren.

Een man kreeg elektroshocks. Vroeger praatte hij normaal, nu zit hij gewoon voor zich uit te staren

Wie tracht te ontsnappen, wordt geslagen, en vaak ook iedereen die in de buurt was en mogelijk geholpen heeft, of iedereen van dezelfde nationaliteit. Anderzijds zijn er ook bewakers die zich laten betalen om iemand vrij te laten, en soms zelfs meteen ook naar Europa te smokkelen, want er zijn nogal wat aanwijzingen van betrokkenheid van overheidspersoneel, ook leden van de kustwacht, bij mensensmokkel. Ook vrouwen worden mishandeld, zelfs als ze zwanger zijn. “Ik ga vaak geen eten halen, omdat ik bang ben om geslagen te worden”, getuigt een 31-jarige vrouw uit Nigeria. Zelfs kinderen krijgen klappen. Kinderen worden al vanaf de leeftijd van 12 of 14 jaar beschouwd als volwassenen.

Een illustratie van Human Rights Watch, die de situatie omschrijft.

Vrouwen en kinderen

Vrouwen en kinderen vallen ook ten prooi aan seksueel geweld. Vrouwen worden vaak meermaals verkracht tijdens hun hele reis. “Ik denk dat ik vier maanden zwanger ben”, getuigt de 17-jarige Nyala uit Ethiopië. Ze vertelt dat ze maandenlang vastgehouden is door smokkelaars, die haar twee of drie keer verkrachtten, en haar dwongen naar haar ouders te bellen om meer geld te sturen. Al haar verkrachters waren Libiërs. Ook in de officiële detentiecentra, waar alle bewakers mannen zijn, worden vrouwen verkracht.

Ook in de officiële detentiecentra, waar alle bewakers mannen zijn, worden vrouwen verkracht

Andere migranten en vluchtelingen getuigen over hoe ze verplicht worden om gratis te werken, vaak door milities die in opdracht van de regering de detentiecentra runnen. Sommigen zeggen dat al hun bezittingen en geld worden afgepakt. En ze getuigen over barre hygiënische omstandigheden die leiden tot ziektes als tbc en schurft, en over structurele tekorten aan alles, ook voedsel. Iedereen krijgt hetzelfde eenzijdige voedsel (meestal pasta), voor baby’s is er geen aangepaste voeding.

De 24-jarige Nzube uit Nigeria kan haar drie maanden oude baby geen borstvoeding geven omdat haar borsten verbrand zijn door een mengsel van zeewater en brandstof toen ze op een rubberbootje de oversteek probeerde te maken. Het bootje kapseisde, en 36 mensen verdronken voor de Libische kustwacht arriveerde. In Libië werd ze gescheiden van haar man, ze weet niet waar hij is. Zij werd met haar kind opgesloten in een detentiecentrum ten zuiden van Tripoli. Haar grootste zorg is dat ze haar baby niet kan voeden.

Zware verantwoordelijkheid

De Europese Unie heeft al herhaaldelijk toegegeven dat ze op de hoogte is van de situatie in de Libische detentiecentra. Ze doet pogingen om de situatie daar te verbeteren, via sponsoring van programma’s van hulporganisaties. Maar dat is een druppel op een hete plaat, zegt het rapport. Het verandert niets aan de structurele problemen in de detentiecentra. Evacuatieprogramma’s die opgezet worden voor vluchtelingen (via de VN-vluchtelingenorganisatie) of voor migranten (via het VN-migratieagentschap) zijn ontoereikend, zegt Human Rights Watch.

Europa voert een beleid dat erop gericht is op zoveel mogelijk migranten en vluchtelingen te onderscheppen, voor ze Europa bereiken, aldus Human Rights Watch. De Europese Unie en sommige lidstaten, vooral Italië, geven daarvoor veel steun. Het gaat om financiële steun, maar ook materiële steun en opleiding en training van de kustwacht. Maar de EU en die lidstaten weten dat migranten en vluchtelingen die onderschept worden opgesloten worden in deze detentiecentra, stelt het rapport. En ze weten dat mensen daar blootgesteld worden aan foltering en extreem misbruik. Europa en die lidstaten dragen dus een zware verantwoordelijkheid, vindt Human Rights Watch. De organisatie vraagt dat de EU haar beleid over Libië bijstuurt.