Video player inladen...

Amerika tegen China. De nieuwe Koude Oorlog?

Als we in de media lezen of horen over de positie van China in de wereld, dan hangt daar vaak een negatieve bijklank aan vast. De Chinezen profiteren van de globalisatie om zich economisch, politiek en zo nodig ook militair op te dringen, zo klinkt het niet zelden. In de eigen regio maken ze onrechtmatige claims op gebieden die aan andere landen toebehoren. Ze kapen de hightech van het makke Westen in het belang van hun eigen technologische ambities. En dies meer. De anti-Chinese retoriek werd de voorbije jaren overgenomen en versterkt door de Amerikaanse president Donald Trump. Met het boek "Amerika tegen China" biedt de Britse publicist Jude Woodward een tegenwicht.

Het jaar 1991. De Koude Oorlog is definitief voorbij. Na de val van de Berlijnse Muur en de anticommunistische revoluties in de Centraal-Europese landen op het einde van de jaren 80, spat nu de Sovjet-Unie zelf uit elkaar. Het is afgelopen met de bipolaire wereld, het kapitalistische Westen heeft gewonnen. En er blijft dus maar één wereldmacht over: de Verenigde Staten. Economische concurrentie is er nog wel van Europa en Japan, op militair en politiek vlak daarentegen zijn de Amerikanen de onbetwiste nummer één. 

China wordt alsmaar sterker

Maar geleidelijk aan groeit in Washington het besef dat daar verandering in zal komen met de steile opgang van China. Het land kan sinds de start van de hervormingspolitiek eind jaren 70 rekenen op een jaarlijkse economische groei van gemiddeld tien procent, en zelfs na de financiële crisis van een decennium geleden blijven er cijfers van 7-8% op de Chinese jaarbalans verschijnen. Samen met zijn toenemende economische macht zal China op termijn ook een steeds sterkere diplomatieke en militaire positie verwerven. Het is een evolutie die de Amerikanen met lede ogen aanzien.

(Lees voort onder de foto.)

Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved

Al van in de tijd van de voormalige Amerikaanse president Barack Obama proberen de Verenigde Staten daarop een antwoord te bieden. Hillary Clinton lanceert in het begin van dit decennium – toen ze minister van Buitenlandse Zaken was – de "pivot to Asia". Die geopolitieke heroriëntering is erop gericht dat de VS op economisch, diplomatiek en militair vlak meer aandacht gaat besteden aan Azië en in de regio bondgenootschappen zal sluiten om de Chinese opmars te vertragen en te verhinderen dat China het leiderschap in Azië en mogelijk zelfs in de wereld zou verwerven. Het TPP (het multilateraal handelsakkoord met de VS waar verscheidene Aziatische landen deel van zouden uitmaken) past perfect in die strategie. 

China permanent verzwakken

Met de komst van Trump worden zowel de "pivot" als het TPP begraven, maar de pogingen om China in te dammen allerminst. Integendeel, zo schrijft Woodward: "Voor de haviken in de VS zijn (…) zelfs een gestagneerde economie, regime change en militair containment niet genoeg. Zij willen China niet alleen beteugelen, maar ook permanent verzwakken om te voorkomen dat het in de toekomst het Amerikaanse leiderschap zou bedreigen." In dit licht is het handelsconflict dat Trump met de Chinezen ontketende dus allesbehalve louter een politiek om de Amerikaanse arbeiders en de industrie te beschermen tegen oneerlijke handelspraktijken van Peking.  

(Lees voort onder de foto.)

Xinhua

In "Amerika tegen China" wordt uitgebreid aandacht besteed aan de relaties die China onderhoudt met de andere landen in Azië. In dat verband komen vanzelfsprekend ook de spanningen in de Oost- en Zuid-Chinese Zee aan bod. Met Japan ligt China al jaren in de clinch over de Diaoyu-eilanden (Senkaku in het Japans). En met een reeks landen waaronder Vietnam, de Filipijnen en Maleisië maken de Chinezen ruzie over de Paracel- en de Spratly-archipels.

Over het algemeen gaan westerse media en politici ervan uit dat China onterecht aanspraken maakt op die rotspartijen, en dat het Peking alleen te doen is om de controle over de koopvaardijroutes, visgronden en de olie- en gasreserves onder de zeebodem. Met historische en juridische argumenten probeert Woodward aan te tonen dat de claims van de Chinezen misschien niet zo onterecht zijn. 

Keuze tussen bommen of banken

De Verenigde Staten leverden in het recente verleden veel inspanningen om de Aziatische naties uit de invloedssfeer van China te houden. Maar dat lijkt alsmaar moeilijker te worden. "De keuze waarvoor de buurlanden van China staan kan (…) worden beschreven als de keuze tussen Amerikaanse bommen of Chinese banken."

Zo spanden de Filipijnen met enthousiaste steun van Washington bij het Internationaal Arbitragehof een rechtszaak aan tegen China over de eigendomsrechten van enkele Spratly-eilanden, en ze wonnen die ook. Maar uiteindelijk koos president Rodrigo Duterte toch eieren voor zijn geld en ging hij in Peking zoete broodjes bakken, met Chinese investeringen en economische samenwerking als beloning. Zelfs de trouwe VS-bondgenoot Japan zwicht meer en meer voor de voordelen van een goede handelsrelatie met China.   

(Lees voort onder de foto.)

Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved.

Zijn de bedoelingen van China expansionistisch, willen ze Azië en misschien zelfs andere delen van de wereld overheersen? Het is een vraag die doorheen het hele boek terugkeert. De auteur is geneigd om het discours van de Chinese leiders te volgen. Die houden steevast vol dat ze alleen vredelievende overwegingen hebben, en dat ze ook op economisch vlak louter naar win-winrelaties streven. "De allergrootste prioriteit voor China is om de capaciteit van de economie verder uit te breiden, zodat de algemene levensstandaard van de bevolking verder kan stijgen", zo vat Woodward het samen. 

Wat als het uit de hand loopt?

Maar wat als er een crisis uitbreekt, bijvoorbeeld over Taiwan – waarin de Amerikanen ook betrokken partij zijn – of als het handelsconflict met de VS uit de hand loopt? Uiteraard heb je ook in China haviken en ultranationalisten. De auteur citeert zelf een Amerikaanse veiligheidsadviseur van het Witte Huis in het vorige decennium: "De geschiedenis leert ons dat als het menens wordt, de politiek sterker is dan de handel." Op dat vlak kunnen we alleen hopen dat de redelijkheid het haalt, aan beide kanten van de Stille Oceaan. 

Bij het lezen van "Amerika tegen China" krijg je hier en daar de indruk dat de auteur alleen maar de visie van Peking aan bod laat komen. Maar dat gebeurt zeker niet consequent, en het verfrissende aan dit boek is dat je over heel wat kwesties inzake de relatie tussen China en de VS een compleet ander geluid hoort dan wat gemeengoed is geworden in de meeste westerse publicaties. En ook voor wie het niet altijd eens is met de analyse en conclusies van Jude Woodward, blijft het boek een uitstekende bron van informatie over diverse aspecten van de Chinese opmars en van de hedendaagse Amerikaanse strategie in Azië. 

Bekijk hieronder het volledige interview met Jude Woodward in "Terzake":

Video player inladen...

Jude Woodward, Amerika tegen China. Berchem: EPO, 2018.