Begroting sluit 2018 af met tekort van 0,8 procent

De begroting heeft vorig jaar afgesloten met een nominaal en structureel tekort van 0,79 procent van het bbp. Dat blijkt uit de definitieve begrotingscijfers die de regering donderdag heeft ontvangen. Premier Charles Michel en Begrotingsminister Sophie Wilmès (MR) benadrukken dat het tekort bij het begin van de legislatuur 3,1 procent bedroeg en dus met drie vierde is verlaagd.

"Zo'n prestatie heeft België in de laatste tien jaar niet meer neergezet, met andere woorden de periode voor de crisis", reageert premier Michel. "Deze sanering komt tot uiting in de drastische vermindering van ons nominale tekort, in de daling van onze schuld - terwijl deze sinds 2008 gestaag was toegenomen - en in de daling van onze uitgaven".

Minister Wilmès benadrukt dat de verlaging van het tekort gepaard ging met een verlaging van de fiscale druk. "Het volstaat om te kijken naar de cijfers van het reëel beschikbaar inkomen: +1,8 procent in 2018 en tot +1,9 procent in 2019", aldus de liberale begrotingsminister. Volgens minister van Sociale Zaken Maggie De Block (Open Vld) volgen de bijdragen aan de sociale zekerheid de vooropgestelde koers. De uitkeringen voor werkzoekenden tonen een daling van 142 miljoen euro, terwijl de pensioenuitgaven met 96 miljoen euro stijgen.

Afwachten wat begroting dit jaar doet

Zoals bekend had de regering-Michel bij haar aantreden de ambitie om weer met een begroting in evenwicht aan te knopen, maar liet ze die ambitie varen. Het is afwachten hoe de cijfers in 2019 zullen evolueren. De Nationale Bank waarschuwde eerder al dat een "one shot" vanaf dit jaar uitgewerkt zal zijn. Het gaat om de beslissing om bedrijven die te weinig voorafbetalingen doen op hun belastingen, zwaarder te belasten. Daardoor waren er in 2018 veel hogere voorafbetalingen. Een groot deel van die verbetering wordt als tijdelijk beschouwd en valt dus weg in de jaren nadien.

Bovendien valt af te wachten wat de invloed zal zijn van het regime van voorlopige twaalfden waaronder de regering werkt. Het valt ook niet uit te sluiten dat de vorming van een nieuwe regering na de verkiezingen van eind mei enkele maanden in beslag kan nemen. Ondertussen heeft de regering in lopende zaken maar weinig budgettaire manoeuvreerruimte. En dan zijn er nog onzekere factoren, zoals de invloed van de brexit.