Archieffoto strijd tegen FARC

Colombiaans leger doodt tien dissidente FARC-rebellen, onder wie belangrijke rebellenleider

In Colombia heeft het leger bij een operatie tien dissidenten van de FARC gedood. Onder wie de 52-jarige rebellenleider Rodrigo Cadete. Hij weigerde de strijd op te geven, ondanks het vredesakkoord dat tussen de Colombiaanse regering en rebellengroepering FARC werd gesloten. 

Na het vredesakkoord in 2016 legde de groepering de wapens neer, maar niet iedereen hield zich aan het akkoord. Zo probeerde Cadete de 1700 FARC-rebellen te verenigen die hun wapens nog steeds niet hadden neergelegd.  Cadete zelf nam nog deel aan de vredesgesprekken in Cuba (2012-2016). Hij werd beschouwd als de nummer twee van de belangrijkste groep dissidenten die het vredesproces met Bogota verlieten.

"200 special forces ingezet"

De legeroperatie vond plaats in San Vicente del Caguan, een plaats waar de FARC nog sterk stond. Tijdens de operatie werden 200 special forces ingezet in het zuidelijke departement Caqueta, zei minister van Defensie Guillermo Botero. Leger en politie pakten ook nog verschillende opstandelingen op. 

"Gevreesd terrorist werd gedood"

Volgens de Colombiaanse president Iván Duque is met Cadete een van de "meest gevreesde terroristen in het land" gedood. "Maar de strijd in het zuiden is nog lang niet voorbij."

De strijd in het zuiden is nog lang niet voorbij

Colombiaanse president Iván Duque

Zowat 7.000 strijders van de Farc, die zich omdoopte tot politieke partij, legden de wapens neer. Maar een minderheid zet hun strijd voort met de opbrengsten van de drugshandel.

De dissidenten houden zich schuil in afgelegen regio's van het land, zonder een eengemaakt commando. Ze strijden vaak met andere gewapende groepen over de controle van coca- en marihuanaplantages en smokkelroutes.