"Ik wil deze heerlijke oorlog voor geen goud missen": nieuwe vuistdikke biografie van Winston Churchill 

Hij werd wereldberoemd als de Britse oorlogspremier tijdens de Tweede Wereldoorlog. Maar toen die uitbrak was hij al 65 en had hij al een onwaarschijnlijk leven achter zich. Hij vocht in 5 oorlogen en ontsnapte zowat 20 keer nipt aan de dood. Behalve politicus en strateeg was hij ook een uitmuntende schrijver en redenaar, maar ook metselaar en zondagsschilder. Hij was dermate uitputtend gezelschap, dat zijn eigen vrouw af en toe vakantie van hem moest nemen. Hoe schrijf je de definitieve biografie van Winston Churchill,  als 1.000 schrijvers je al voorgingen, je onderwerp inbegrepen? De Brit Andrew Roberts deed het met brio, de Nederlandse vertaling is er nu eindelijk ook.

Op 10 mei 1940 vielen de legers van Hitler Nederland, België, Luxemburg en Frankrijk binnen. Op diezelfde dag – en dat was toeval – werd Winston Churchill premier van het Verenigd Koninkrijk. Eindelijk, vond ie zelf.

Later zou hij schrijven dat hij die dag vooral opgelucht was: "At last I had the authority to give direction over the whole scene. I felt as if I were walking with destiny, and that all my past life had been but a preparation for this hour and for this trial." ("Eindelijk had ik de autoriteit om leiding te geven aan het geheel. Het voelde alsof ik meeliep aan de hand van het lot waarvoor ik was voorbestemd, en dat mijn hele leven tot dan toe enkel een voorbereiding was geweest voor dit moment en voor deze beproeving.")

Het voelde alsof ik meeliep aan de hand van het lot waarvoor ik was voorbestemd.

Sir Winston Churchill

“Walking with destiny” is ook de ondertitel van deze nieuwe vuistdikke biografie. Andrew Roberts toont inderdaad aan dat Churchills levensloop, karakter en ervaring precies passen in het profiel van de oorlogspremier die het land op dat moment nodig had om Hitler te kunnen verslaan. De man en het moment vallen samen. Ga maar na.

Churchill schatte al vroeg het fanatisme van Hitler en de nazi’s juist in, in scherpe tegenstelling tot premier Chamberlain en de appeasers die het op een akkoordje wilden gooien met Hitler. Dat kwam volgens Andrew Roberts omdat Churchill als jonge militair in India en Soedan tegenover fanatieke islamitische extremisten had gestaan, een ervaring die geen enkele van de drie Britse premiers in de jaren 30 had meegemaakt. 

Churchill als jonge militair

Churchill zelf had dan al jaren in de woestijn geroepen: de Britten wuifden zijn waarschuwingen over de onrustwekkende bewapening van Duitsland en de onbetrouwbaarheid van Hitler weg, ze hadden zo kort na de slachting van de Eerste Wereldoorlog geen zin in een herhaling.

Ze zetten Churchill weg als een op bloed beluste oorlogsstoker. Zijn repliek daarop werd een gevleugelde uitspraak: “An appeaser is one who feeds a crocodile – hoping it will eat him last.” (Een verzoener is iemand die een krokodil voedert, in de hoop dat die hem als laatste zal opeten.)

Ik zou deze heerlijke glorieuze oorlog voor geen goud willen missen.

Sir Winston Churchill

Hij was natuurlijk wel verzot op alles wat met oorlogsvoering te maken had. Tijdens de Eerste Wereldoorlog heeft hij zich eens aan een vriendin laten ontvallen: “Ik zou deze heerlijke glorieuze oorlog voor geen goud willen missen”. Om er meteen verschrikt aan toe te voegen: “Oh, vertel niemand dat ik het woord “heerlijke” gebruikt heb.”

Toen pijnlijk duidelijk werd dat zijn donkere voorspellingen over de Führer één voor één uitkwamen, werd hij in 1940 alsnog op het schild gehesen als de premier die het land moest redden. Maar toen was hij dus al 65.

Winston Churchill voor de beroemde deur van Downing Street 10, Londen.

En dus had hij al hopen ervaring, op allerlei gebieden. Hij was al verschillende keren minister geweest, ook in het oorlogskabinet tijdens de Eerste Wereldoorlog, en wel op cruciale departementen zoals Munitievoorziening en de Marine. Daar had hij met onstuitbare energie heel goede, maar ook verschrikkelijk verkeerde beslissingen genomen. 

Daar had hij dan weer lessen uit getrokken, die vergissingen zou hij niet opnieuw maken. Zo zorgde hij er ditmaal voor dat hij zich omringde met lastige karakters die hem durfden tegenspreken en intomen. 

Winston Churchill (links) als commandant van de Royal Scots Fusiliers in Ploegsteert (1916)

In diezelfde Eerste Wereldoorlog had hij na zijn ontslag uit de regering ook als officier aan het front gestaan, in ons West-Vlaamse Ploegsteert. Hij wist dus ook uit ervaring hoe mooie plannen die achter verre tekentafels bedacht waren er in de modder van de loopgraven écht uitzagen. 

Die oorlog was trouwens al de vijfde waarin hij eigenhandig en met ware doodsverachting meevocht, en meestal in de frontlinies. Al in 1899 tijdens de tweede “Boer War” in Zuid-Afrika had hij gezien welke blunders er kunnen voortkomen uit een verkeerde verhouding tussen de burgeradministratie en de militaire leiding.

Terwijl vroeger zowat elke component van het leger een minister had, bedacht hij een overkoepelend ministerie van Defensie. En benoemde hij zichzelf prompt als minister van Defensie, in combinatie met zijn premierschap. 

Wapentuig

Churchill was verzot op wapentuig en volgde alle technologische ontwikkelingen op dat gebied op de voet. Hij ging in de fabrieken én op het slagveld met eigen ogen kijken hoe die dingen werkten en hoe efficiënt ze waren. Geen minister of generaal kon hem iets wijsmaken, ook hierover niet.  

Hij leerde ook al vroeg zelf vliegen en besefte meteen het belang van die wonderlijke nieuwe toestellen voor de oorlogsvoering. Hij lag aan de basis van de oprichting van de RAF, de Britse luchtmacht. En trouwens ook van de ontwikkeling van de militaire tank. En van de oprichting van de inlichtingendiensten MI5 en MI6. 

Winston Churchill na een vlucht van 200 mijl in 1914

Maar hij was ook nog eens minister van Financiën geweest. Dat was niet bepaald zijn meest glorieuze periode, maar de kennis die hij op dat departement had opgedaan bleek wel bijzonder nuttig tijdens de oorlog. Die moet namelijk gefinancierd raken, en dat is geen lachertje als je in volle overlevingsstrijd voortdurend de bodem van de staatskas ziet opdoemen. 

Winston Churchill als premier in Downing Street 10 (1943)

Toen iemand Churchill in 1902 vroeg welke kwaliteiten een premier moet hebben, antwoordde hij: “Het vermogen om te voorspellen wat er morgen, over een week, over een maand of over een jaar gaat gebeuren… en om te verklaren waarom het niet gebeurde.”

Churchill heeft zich een paar keer in zijn leven flagrant vergist, maar veel vaker kon hij gebeurtenissen met ontstellende precisie zien aankomen. Andrew Roberts somt ze een voor een op. Churchill moet Hitlers redeneringen zo goed doorgrond hebben dat hij ontelbare keren tot op een paar weken exact kon voorspellen waar en wanneer Hitler welke aanval zou inzetten. 

Iedereen kan overlopen. Maar het vergt een beetje vernuft om dan weer terug over te lopen

Sir Winston Churchill

Een oorlog moet je niet alleen winnen op het slagveld, maar ook in het parlement. En Churchill was als politicus al tientallen jaren gepokt en gemazeld in het parlementaire spel. Hij is zelfs zonder kleerscheuren overgelopen van de Conservatieve Partij naar de Liberalen, én weer terug. “Anyone can rat”, zei hij daarover, “but it takes a certain ingenuity to re-rat.” (Iedereen kan overlopen. Maar het vergt een beetje vernuft om dan weer terug over te lopen.) 

Onvergetelijke speeches

Churchill was ook nog eens een taalvirtuoos en een begenadigd redenaar. Dat kwam niet vanzelf. Andrew Roberts beschrijft hoe hij in stilte onverdroten aan zijn schrijf- en spreekstijl schaafde. Met als resultaat onvergetelijke speeches waarmee hij het moreel van de troepen en de bevolking opvijzelde. In eigen land, én in de bezette gebieden overzee. 

En met die toespraken kreeg hij ook het parlement keer op keer op zijn hand. Ook toen hij tijdens de oorlog maand na maand verslag moest doen van ontgoochelingen, mislukkingen, nederlagen en wanhoop. Het is onthutsend om te lezen hoe onverbloemd hij daarover in het parlement de waarheid vertelde en tóch, of misschien juist daarom, riskante stemmingen overleefde. 

AP

Churchill gebruikte daarbij alle mogelijke retorische trucs, maar zijn sterkste wapen was zijn humor. Heel vaak ten koste van zichzelf, maar ook om de gewichtigdoenerij van een tegenstander te doorprikken. Als Churchill aan het woord kwam, liepen de banken en de balkons van het Lagerhuis vol en hoopte iedereen een van zijn kwinkslagen op te vangen om die dan later met veel succes te kunnen navertellen.

De geschiedschrijving zal welwillend voor mij zijn, want ik ga haar zelf schrijven

Sir Winston Churchill

Die taalvaardigheid gebruikte hij ook als journalist en als schrijver. Hij schreef meer dan dertig boeken: biografieën, zijn eigen oorlogsverhalen, en de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog in zes delen. Daarover zei hij: “History will be kind to me, for I intend to write it.” (De geschiedschrijving zal welwillend voor mij zijn, want ik ga haar zelf schrijven.)

Dat deed hij zo goed, dat hij in 1953 de Nobelprijs kreeg, niet voor de vrede maar voor literatuur. Hij moest wel schrijven, want dat was zijn enige bron van inkomsten op momenten dat hij geen politiek mandaat bekleedde.

Churchill was dan wel een telg van een aristocratische familie, hij was geen erfgenaam van een titel met het bijbehorende fortuin. Hij moest dus zijn eigen weg in het leven maken.

Zijn plan was: carrière maken in het leger, aan zoveel mogelijk gevaarlijke veldslagen deelnemen, daarover als oorlogscorrespondent bloedstollende artikels schrijven om bekendheid en fortuin te vergaren, en die bekendheid gebruiken om als parlementslid verkozen te raken. Dat plan voerde hij stap voor stap uit.

Churchill (helemaal rechts) als gevangene in Zuid-Afrika (1899)

Hij vocht in de voorste linies in Cuba, India, Soedan en in de tweede “Boer War” in Zuid-Afrika. Daar werd zijn eenheid bij een transport per trein overvallen en werd hij gevangengenomen, maar hij wist te ontsnappen.

Zijn eigen verslag daarover in kranten en boeken maakte hem enorm populair.  En zo raakte hij al op zijn 25e verkozen als parlementslid (hij zou het 64 jaar blijven). Vijf jaar later, in 1905, had hij zijn eerste regeringspost te pakken. Hij verliet de voorste rangen van de politiek pas na zijn tweede regeringsperiode als premier, in 1955. Toen was hij 80. 

Hij is in zijn tumultueuze leven letterlijk tientallen keren aan de dood ontsnapt. Hij overleefde diverse speren, kogels en granaten, maar ook een val van 9 meter, een huisbrand, een bijna-verdrinking in een Zwitsers meer, twee vliegtuig- en drie auto-ongelukken, een longontsteking en twee beroertes. Én een aanrijding met een auto in New York omdat hij als Brit de verkeerde kant opkeek nadat hij uit een taxi was gestapt en de straat overstak. 

Winston Churchill verlaat Lenox Hill Hospital in New York, nadat hij door een auto overreden is op Fifth Avenue (3 - 11 - 1931).

De eerste die ooit een boek over Churchill schreef was Alexander MacCallum Scott in 1905, toen Churchill dus nog maar 30 jaar was. De teller van de biografieën staat ondertussen al boven de duizend. Wat kan je daar in godsnaam nog aan toevoegen? 

Biograaf Andrew Roberts had toegang tot een paar nieuwe bronnen, zoals de ongecensureerde oorlogsdagboeken van koning George VI.  En die van de toenmalige Russische ambassadeur in Londen, Ivan Maisky. En verder nog een aantal achtergehouden brieven van Churchills zoon Randolph. Interessant allemaal, maar er stond niet echt wereldschokkend nieuws in. 

Winston Churchill en Koning George VI

Maar Roberts legt wel verbanden die nog niet eerder zo’n duidelijk inzicht gaven in het leven en de persoonlijkheid van Churchill, en dat maakt zijn biografie zo uitzonderlijk. Zo citeert hij ook uitspraken waarin Churchill zelf terugkijkt op wat hij jaren eerder deed of beweerde. Soms nog altijd even overtuigd, maar soms ook met zelfkritiek.

Churchill is zo’n buitenmaatse figuur dat veel biografen niet verder komen dan een lofzang over de man, maar in die val trapt Roberts niet. De lijst mislukkingen, fatale vergissingen en foute overtuigingen is lang, en Roberts gaat niets uit de weg.

Zo zette Churchill in 1914 ongetrainde manschappen in bij de verdediging van Antwerpen. Gallipoli, het tweede front dat hij in 1915 in Turkije opende, was een debacle dat meer dan 50.000 soldaten het leven kostte. In de Tweede Wereldoorlog schatte hij de vechtlust van de Japanners compleet verkeerd in, en ook een campagne in Noorwegen draaide uit op een fiasco.

Hij stuurde ooit het leger af op stakende arbeiders, was tegen onafhankelijkheid voor India, en had bedenkelijke ideeën over de superioriteit van het blanke ras. Voor Gandhi had hij enkel misprijzen.

Het voelt alsof je in mijn badkamer bent binnengelopen en ik enkel een spons heb om me te verdedigen

Sir Winston Churchill

En hij verzette zich lang tegen stemrecht voor vrouwen. Toen Nancy Astor als eerste vrouw in het Lagerhuis kwam zetelen, zei hij tegen haar: “I feel as if you have come into my bathroom and I have only a sponge with which to defend myself.” (Het voelt alsof je in mijn badkamer bent binnengelopen en ik enkel een spons heb om me te verdedigen.)

Maar voor Roberts weegt dat allemaal niet op tegen al het goede dat we aan Churchill te danken hebben. Als we kijken naar de drie dodelijke bedreigingen voor de westerse wereld: de militaristen uit Pruisen in 1914, de nazi's in de jaren 1930-1940 en de communistische Sovjets na de Tweede Wereldoorlog, stond het oordeel van Churchill ver boven dat van anderen, schrijft hij. En die stelling onderbouwt hij met meer details dan eerdere biografen. 

Winston Churchill en zijn echtgenote Clementine

Churchill was wel uitputtend gezelschap. Zozeer dat zijn vrouw Clementine op gezette tijden vakantie van hem moest nemen. Deze biografie van meer dan duizend bladzijden lezen is misschien wel even uitputtend als een paar dagen in het gezelschap van Churchill doorbrengen. Maar ook even fascinerend en begeesterend.

No sports!

Ondanks alle champagne en sigaren werd Churchill uiteindelijk 90. Op de vraag naar het geheim van een lang leven was zijn antwoord: “No sports!”

Een fotograaf zei hem ooit: “I hope, sir, that I will shoot your picture on your hundredth birthday.” (Ik hoop, mijnheer, dat ik een foto van u kan maken op uw honderdste verjaardag.) Churchill antwoordde: “I don't see why not, young man. You look reasonably fit and healthy." (Ik zie niet in waarom niet, jongeman. Je lijkt me redelijk fit en gezond.) Hij zat nooit verlegen om een weerwoord en was bijzonder ad rem. 

Legendarisch is zijn repliek op de zure opmerking van Labour-Lagerhuislid  Bessie Braddock: “Winston, you are drunk, and what's more you are disgustingly drunk.” (Winston, je bent dronken. Meer nog: je bent afschuwelijk dronken.) Waarop Churchill: “Bessie, my dear, you are ugly, and what's more, you are disgustingly ugly. But tomorrow I shall be sober and you will still be disgustingly ugly.” (Mijn beste Bessie, je bent lelijk. Meer nog: je bent afschuwelijk lelijk. Maar morgen ben ik nuchter en ben jij nog altijd afschuwelijk lelijk.) 

We zijn allemaal wormen. Maar ik denk wel dat ik een glimworm ben

Sir Winston Churchill

Hoe onredelijk, egocentrisch en bevooroordeeld hij ook was, hij was tegelijkertijd ook warm, empathisch en diep-menselijk. Hij was zich zeer bewust van zijn belangrijkheid én kon zichzelf relativeren. Dat maakte hem zo speciaal. En dat wist hij ook. Het zit allemaal besloten in dat ene citaat van hem: “We are all worms. But I do believe I am a glow worm.” (We zijn allemaal wormen. Maar ik denk wel dat ik een glimworm ben.)