AFP or licensors

Komt Trump militair tussenbeide in Venezuela?

In een interview hield de Amerikaanse president Donald Trump andermaal de mogelijkheid open dat de VS militair zou ingrijpen in Venezuela. "Dat is een optie", zei de president. Toch lijkt het weinig waarschijnlijk dat de VS de daad bij het woord zal voegen. De risico's van zo'n militaire operatie lijken groter dan de baten. 

analyse
Bert De Vroey
Buitenlandjournalist bij VRT NWS.

Het is niet de eerste keer dat Trump het idee van een militaire invasie lanceert. Al in de zomer van 2017 heeft hij de vraag gesteld aan enkele topmedewerkers en ministers: "Waarom kunnen we dat land niet simpelweg binnenvallen?" Hoewel zijn team hem op het hart drukte dat dit lang niet vanzelfsprekend en wellicht ook niet verstandig zou zijn, opperde de president het daags daarna opnieuw  - deze keer tijdens een persbabbel in zijn golfclub in New Jersey.

Een maand later, in de marge van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York, sprak hij over Venezuela met andere Latijns-Amerikaanse staatshoofden. Die wisten hem klaarblijkelijk op andere gedachten te brengen. Maar de militaire optie is bij de president nooit helemaal van tafel geveegd en steekt geregeld weer de kop op.

De blocnote van Bolton

Het is ook niet enkel de president die het interventie­ballonnetje oplaat. Vorige week verbaasde de pers zich over de gele blocnote die Trumps nationaal veiligheidsadviseur John Bolton onder zijn arm geklemd hield tijdens een persbriefing. Daar stonden maar enkele lijntjes op geschreven: "Afghanistan, welcome the talks" en "5.000 troops to Colombia". Dat laatste deed de vraag rijzen of de VS oorlogsplannen smeedde. Colombia is een buurland van Venezuela; als de VS daar vijfduizend soldaten zou ontplooien, dan moest dat zeker wel met de Venezolaanse crisis te maken hebben.

Desgevraagd wou het Witte Huis, ook toen al, enkel kwijt dat "alle opties op tafel liggen". Toch lijkt het weinig waarschijnlijk dat John Bolton puur uit onachtzaamheid of vergetelheid zijn nota's open en bloot voor het oog van de camera's hield. Wellicht wou Trumps topadviseur op die manier al dreigen met militaire actie zonder het uit te moeten spreken.

Bolton is een neoconservatieve havik, die ideologisch sterk gewonnen is voor de inzet van Amerikaanse troepen in het buitenland. Donald Trump daarentegen is doorgaans afkerig van buitenlandse avonturen; in feite staat zijn openlijk geflirt met het interventiescenario voor Venezuela haaks op zijn algemene benadering van het buitenlands beleid. 

Venezolanen in de VS

Dat Bolton op de stoel zit van nationaal veiligheidsadviseur in het Witte Huis biedt één verklaring voor de dreigementen met een militaire interventie. Wat ook een rol speelt, is de aanwezigheid in de VS van een groot aantal migranten met een Venezolaanse achtergrond. Vaak sympathiseren die met de oppositie in hun land, en voor heel wat recent ingeweken Venezolanen was de repressie door de regering-Maduro precies de reden om hun land te verlaten. 

Meer dan honderdduizend Venezolaans-Amerikanen verblijven in het zuiden van Florida, een regio waar ook de meeste Cubaans-Amerikanen zich genesteld hebben. Ze delen met die Cubanen een rabiate anticommunistische overtuiging. Zoals de Cubaanse migranten (die zich graag 'ballingen' noemen) de Amerikaanse politici onder druk zetten om een harde lijn aan te houden tegenover het Cubaanse regime, zo verwachten heel wat Venezolanen van hun volksvertegenwoordigers en senatoren dat ze president Maduro de wacht aanzeggen. Juist daarom heeft ook de bekende Republikeinse senator Marco Rubio - zelf van Cubaanse herkomst - eerder al gesuggereerd dat militaire actie noodzakelijk zou kunnen zijn. In september 2018 zei hij dat Maduro kon worden beschouwd als een "bedreiging voor de regio en zelfs voor de VS", en dat een militaire interventie daarom misschien wel gerechtvaardigd was.   

Geen walk in the park

Het politieke en electorale belang van de Venezolaanse gemeenschap kan ook voor president Trump een factor zijn. Tenslotte is Florida een cruciale strijdstaat in elke presidentsverkiezing; Trump won in die staat in 2016 en hoopt dat in 2020 te herhalen. Mogelijk gokt de president ook op een makkelijke militaire zege: niet te ver van huis, in een land waar een groot deel van de bevolking Maduro liever kwijt dan rijk is. 

Dat optimisme wordt door weinig militairen en Latijns-Amerikadeskundigen gedeeld. Venezuela is een maatje groter dan Panama - het land waar in 1989 nog Amerikaanse troepen landden om sterke man Noriega te verdrijven. Het is twaalf keer zo groot en telt tien keer zoveel inwoners.

Tot dusver ziet het ernaar uit dat de strijdkrachten grotendeels achter Maduro blijven staan. Een landing en invasie oude stijl houdt daarom grote risico's in op reële gewapende confrontaties. En zelfs al zou de VS zich beperken tot luchtaanvallen om Maduro's leger op de knieën te krijgen, dan nog dreigt zo'n operatie de verdeeldheid in de Venezolaanse samenleving alleen maar gevaarlijk uit te diepen. De kans op een heuse burgeroorlog, waarin beide partijen de steun zouden kunnen genieten van gewapende legereenheden, wordt dan alleen maar groter.

Om die chaos te bezweren en de oppositie aan de macht te brengen, zouden er toch nog Amerikaanse grondtroepen nodig zijn. Gezien de oppervlakte van het land zouden Boltons "vijfduizend troepen in Colombia" lang niet volstaan.

Copyright 2019 The Associated Press. All rights reserved.

'Yankee'-bemoeienis niet populair

Een buitenlandse interventie houdt tenslotte grote politieke risico's in. Juist omdat de Verenigde Staten zich in de 20e eeuw voortdurend met Latijns-Amerikaanse landen in hun 'achtertuin' hebben bemoeid, is het wantrouwen tegenover Washington op het continent nog diep geworteld. De meeste Latijns-Amerikaanse leiders zijn hun collega Maduro liever kwijt dan rijk, en velen hebben intussen oppositieleider Juan Guaidó als interim-president erkend. Maar een militaire interventie door "yankee-Amerika" zou bijzonder slecht vallen in de Latijns-Amerikaanse publieke opinie. Meer zelfs: het zou de populariteit en het gezag van Guaidó gevoelig kunnen ondermijnen. Zelfs het luidop praten over interventie kan al schadelijk zijn voor de jonge oppositieleider; het versterkt hoe dan ook het beeld van een handpop van Washington.  

Al bij al is de kans dat Trump militair tussenbeide komt heel klein. Bovendien zou Trump het Congres in theorie om toestemming moeten vragen. Omdat de Democraten het Huis van Afgevaardigden controleren, ligt ook dat nog helemaal niet voor de hand. Het is waarschijnlijker dat de Amerikanen de diplomatieke en economische druk op Maduro blijven opvoeren - in de hoop dat hij de macht uit handen geeft. Die openlijke beleidslijn kan samengaan met min of meer geheime manoeuvres achter de schermen: het bespelen van Venezolaanse legercommandanten, overleg en coördinatie met oppositiegroepen, hulpverlening aan de getroffen bevolking. In het uiterste geval zou het kunnen gaan om een militaire coup: misschien niet langer politiek correct, maar net als de klassieke landingsacties of 'gunboat-diplomacy' een oud en beproefd recept voor de regio. Mocht zo'n coup op korte termijn tot nieuwe verkiezingen leiden, zou het ondemocratische karakter van zo'n coup al gauw vergoelijkt en vergeten zijn. 

Copyright 2019 The Associated Press. All rights reserved.

Elliott Abrams

De recente benoeming van Elliott Abrams tot speciale gezant voor Venezuela is op dat punt veelbetekenend. Abrams was in de jaren 1980 betrokken bij de Iran-Contra-affaire - een geheime en illegale constructie om geld door te sluizen naar de contra-rebellen (tegen de linkse sandinistische regering) in Nicaragua. Later werkte hij voor het Witte Huis van George W. Bush, en toen er in 2002 een coup werd gepleegd  (maar mislukte) tegen de voormalige Venezolaanse president Hugo Chávez, werd Abrams daarmee in verband gebracht. Die laatste betrokkenheid is, voor alle duidelijkheid, nooit bewezen. Maar de naam van Elliott Abrams roept hoe dan ook associaties op met het oude en soms cynische Latijns-Amerika-beleid van de jaren 80.