De grootste kanshebbers op een MIA: Niels Destadsbader, Angèle, Tamino en Tourist LeMC

Wat vertellen de MIA-nominaties over de muzieksector? "Nederlandstalige muziek zit niet toevallig in de lift"

Vanavond worden in Paleis 12 de MIA’s uitgereikt, de belangrijkste muziekprijzen voor artiesten uit Vlaanderen en Brussel. Niels Destadsbader en Angèle zijn met elk 7 nominaties de twee topfavorieten. Ook Tamino (5 nominaties) en Tourist LeMC (4 nominaties) zijn grote kanshebbers. Maar wat vertellen de genomineerden ons over wat er beweegt in de vaderlandse muziek? We vragen het aan muziekkenner Jan Delvaux en Gerrit Kerremans, muziekcoördinator bij VRT, die de MIA’s mee organiseert.

Niels Destadsbader is een fenomeen. Als je op je 30e met Nederlandstalige muziek twee keer het Sportpaleis uitverkoopt: dan ben je straf bezig. Opvallend is dat hij al twee keer de MIA gewonnen heeft in de categorie “Vlaams populair”, maar dit jaar is hij ook genomineerd in de genres Nederlandstalig en pop. Hij blijft met zijn lichte muziek niet opgesloten in één categorie, maar hij overstijgt dat hokje, omdat hij een breed publiek aanspreekt”, zegt Belpopkenner Jan Delvaux. “En omdat het publiek over de meeste MIA’s beslist, is deze editie spannender dan anders.”

De andere grote kanshebber is Angèle. “Naar mijn aanvoelen kan zij de populairste Belgische zangeres aller tijden worden. Haar 7 nominaties zijn terecht, want ze maakt steengoede muziek”, aldus Delvaux. “Fijn dat haar Franstalige pop in beide landsdelen wordt omarmd. Op de laatste “D6bels Music Awards”, de tegenhanger van de MIA’s in Franstalig België, heeft ze drie prijzen gewonnen. Misschien doet ze dat vanavond over.”

Niels Destadsbader en Angèle hebben iets gemeen: ze spreken een breed publiek aan.

Jan Delvaux, belpopkenner

Destadsbader is niet de enige Nederlandstalige artiest die kans maakt op veel MIA’s: stadstroubadour Tourist LeMC is 4 keer genomineerd. “Hij is met zijn atypische urban in het Antwerps énorm ver geraakt. Dat hij op alle radiozenders wordt gedraaid, is het bewijs dat muziek in de eigen taal –en zeker in het dialect- blijft plakken en misschien makkelijker gevoelens oproept dan Engelstalige teksten. Kijk maar naar het succes van West-Vlamingen Flip Kowlier of Het Zesde Metaal.”

Volgens Delvaux is de Nederlandstalige muziek in zijn geheel aan een opmars bezig, en hoeft dat niet te verbazen. “Er zijn weinig Belgische acts die een duurzame carrière uitbouwen in het buitenland. Als je dat risico afweegt tegenover de muzikale weelde in België: de goedgevulde festivalkalender en de uitstekende infrastructuur qua concertzalen bijvoorbeeld. Dan beseffen artiesten dat ze met één goede plaat in hun moedertaal en een stevig marketingplan veel kunnen bereiken. Daarom ligt de keuze voor het Nederlands stilaan meer voor de hand”, meent Delvaux. “Een band als Bazart, die de voorbije jaren veel MIA’s won, bewijst dat Nederlandstalige alternatieve popmuziek aanslaat. Ze zijn op een goed moment in het gat in de markt gedoken.”

Meer urban en hiphop in het Nederlands: die evolutie zit er volgens Delvaux aan te komen. “Naast Tourist LeMC zie je Brusselaar Zwangere Guy, of Stikstof. Maar ik had nu al meer Nederlandstalige urbanmuziek  verwacht, als je ziet hoe de nederhop is doorgebroken bij een breed publiek in Nederland én Vlaanderen. Er zullen de komende jaren zeker jonge Vlaamse artiesten met talent opstaan die iets gelijkaardigs proberen.”

“De MIA’s zijn een populariteitspoll én een momentopname”

Zijn de MIA’s representatief voor wat er in onze muziekscène gebeurt? “Niet helemaal, want het is en blijft een populariteitsstemming”, zegt Gerrit Kerremans, die als VRT-muziekcoördinator de MIA’s sinds 2007 samen met Kunstenpunt organiseert. “De prijzen zijn geen waardeoordeel over muziek, maar ze tonen welke artiesten, die het afgelopen jaar succesvol waren, populair zijn bij een breed publiek. Muziek- en showbizzpers en de muzieksector kiezen de winnaars in de vijf sectorcategoriën. Die professionele jury van 225 mensen uit de media en de muziekwereld bepaalt ook de genomineerden, maar de meeste MIA’s (12 van de 19, nvdr) worden dus uitgereikt op basis van de publieksstemmen.”

Volgens Kerremans is er over de jaren heen geen lijn te trekken in de winnaars. “Er is meestal één uitgesproken winnaar. Zo is er het jaar geweest van Milow, dat van Stromae en Bazart. Zéér uiteenlopende winnaars, maar het zijn allemaal jonge artiesten die vlak na hun doorbraak erg populair zijn. Dat leidt tot veel publieksstemmen, en dus veel MIA’s. En zo kunnen de MIA's een springplank zijn voor jong talent.”

De populaire artiest van het moment krijgt vaak veel stemmen, en dus veel MIA's van het publiek.

Gerrit Kerremans, muziekcoördinator VRT

Jan Delvaux merkt in het lijstje van MIA-winnaars over de jaren heen een andere constante op. “Sommige belpopartiesten vallen nauwelijks in de prijzen. Hooverphonic heeft op 12 jaar MIA’s nog maar 2 awards gewonnen. Ozark Henry, Novastar, Soulwax: zij vallen door de sterke concurrentie in hun categorieën vaak uit de boot. Hoewel niemand hun invloed op de Belgische muziek in twijfel trekt”, zegt Delvaux. “Maar bij de MIA’s wordt vaak één uitschieter bekroond: de populaire artiest van dat jaar. De prijzen zijn een momentopname en geven géén beeld van de muzieksector in zijn geheel, of van de invloed van een artiest op langere termijn.”

Wat volgens Delvaux ook ontbreekt, is een MIA-categorie voor “opkomend talent”. “In de categorie “Doorbraak” kan je pas een MIA winnen als je al doorgebroken bent. Een prijs zoals de “Brits Critics' Choice award”, waarbij professionals drie onbekende artiesten aanduiden die in de toekomst potten kunnen breken, bestaat nog niet, hoewel zo’n MIA van grote waarde kan zijn voor beginnende artiesten.”