AFP or licensors

Hongaarse premier Orbán wil belastingvoordelen voor vrouwen die 4 of meer kinderen krijgen

De Hongaarse premier Viktor Orbán wil de vrouwen in zijn land overtuigen om meer kinderen te krijgen. Vrouwen met 4 of meer kinderen belooft hij belasting- en andere voordelen. Het is zijn oplossing voor het dalende geboortecijfer, want tegen migratie voert hij een nultolerantiebeleid.

Het geboortecijfer in Hongarije lag in 2016 op 1,45 kinderen per vrouw. Om een antwoord te bieden op dat lage aantal wil de Hongaarse premier Orbán gezinnen met veel kinderen belonen, zo zei hij in zijn jaarlijkse toespraak voor de natie.

Orbán denkt onder meer aan een levenslange vrijstelling op de inkomensbelasting voor vrouwen die minstens vier kinderen krijgen en opvoeden, een subsidie van 2,5 miljoen forint (ongeveer 7.800 euro) voor families met drie of meer kinderen waarmee ze een grote gezinswagen kunnen kopen en een lening van 10 miljoen forint (ongeveer 31.000 euro) tegen een lage rente voor vrouwen onder de 40 die voor het eerst in het huwelijksbootje stappen.

Volgens Orbán zijn dergelijke maatregelen het antwoord op het dalende geboortecijfer en moeten ze het "voortbestaan van de Hongaarse natie verzekeren". Hongarije is een land in volle ontwikkeling, een dalend geboortecijfer is niet de enige kopzorg van de premier. Het land kampt ook met een tekort aan werknemers. Twee problemen die met migratie deels opgelost zouden kunnen worden, maar daar wil Orbán absoluut niet van weten. Hij voert daarentegen een zerotolerantiebeleid tegenover migranten.

Grafdelvers in Brussel

Die politieke overtuiging trok hij door in de rest van zijn toespraak, met name in het gedeelte over Europa en de aankomende Europese verkiezingen. Hij verweet de Europese leiders in Brussel nog maar eens dat ze het Europese continent willen "vullen met - hoofdzakelijk islamitische - migranten". Europees links is de grafdelver van de naties, het gezin en de christelijke manier van leven geworden, meent Orbán.

Orbán begon midden vorig jaar aan zijn vierde ambtstermijn als premier van Hongarije, zijn derde opeenvolgende. Sinds enkele maanden wordt hij geconfronteerd met groeiend protest tegen de zogenoemde "slavenwet", een wet die het aantal toegelaten overuren verruimt van 250 per jaar naar 400. De betaling ervan kan tot 3 jaar worden uitgesteld. Op die manier hoopt de Hongaarse regering de krapte op de arbeidsmarkt op te vangen. Tegenstanders van de wet vrezen echter dat de deur naar een werkweek van 6 dagen zo opengezet wordt.