Video player inladen ...

Daar zijn de faciliteiten­gemeenten weer: wat zijn ze en waarom bestaan ze?

Door de beslissing van Vlaams minister Liesbeth Homans (N-VA) om vier burgemeesters van faciliteitengemeenten niet te benoemen wordt de kwestie van de taalfaciliteiten weer actueel. Wat zijn die taalfaciliteiten eigenlijk en waarom bestaat er zoiets als faciliteitengemeenten? Een heikele kwestie die geregeld een opstuw van communautaire koorts veroorzaakt. 

De 30 faciliteitengemeenten die ons land rijk is, danken hun bestaan aan de taalgrens, die in de periode 1961-1963 werd vastgelegd. Een eerste hervorming van de toen nog unitaire Belgische staat, een poging om communautaire vrede te brengen, maar ook een hefboom om de Vlaamse taal en cultuur te beschermen tegen de oprukkende francofonie.

De taalgrens streeft naar zo veel mogelijk eentalige provincies, zowel in Vlaanderen als in het Franstalige en Duitstalige landsdeel. Toch blijven er 30 gemeenten met een belangrijke anderstalige minderheid. In die zogenoemde faciliteitengemeenten wordt de dienstverlening aan de bevolking ook in de minderheidstaal aangeboden.

In Vlaanderen zijn er 12 gemeenten met faciliteiten voor Franstaligen: Bever, Drogenbos, Herstappe, Kraainem, Linkebeek, Mesen, Ronse, Sint-Genesius-Rode, Spiere-Helkijn, Voeren, Wemmel en Wezembeek-Oppem.

In het Franse taalgebied zijn er 4 gemeenten met faciliteiten voor Nederlandstaligen (Edingen, Komen-Waasten, Moeskroen en Vloesberg) en 2 met faciliteiten voor Duitstaligen (Malmedy en Waimes).

Alle 9 gemeenten In het Duitse taalgebied hebben faciliteiten voor Franstaligen (Amel, Büllingen, Burg-Reuland, Bütgenbach, Eupen, Kelmis, Lontzen, Raeren en Sankt Vith) en 3 gemeenten in het Franse taalgebied hebben faciliteiten voor zowel Nederlandstaligen als Duitstaligen (Baelen, Blieberg en Welkenraedt). Voor die laatste drie gemeenten gaat het om faciliteiten die voorzien zijn in de grondwet, maar in de praktijk niet bestaan.

Ontdek alle 30 faciliteitengemeenten door over de kaart hieronder te hoveren en lees verder onder de kaart.

Al sinds de jaren 60 bestaat er discussie over het al dan niet tijdelijke karakter van de taalfaciliteiten. Die discussie woedt vooral in de zes faciliteitengemeenten in de Vlaamse rand rond het tweetalige Brussel. Aan Vlaamse zijde worden de faciliteiten beschouwd als middel tot integratie en dus uitdovend, aan Franstalige kant als middel om de eigenheid van een Franstalige minderheid in Vlaanderen te beschermen en dus permanent.

Hoewel Drogenbos, Kraainem, Linkebeek, Sint-Genesius-Rode, Wemmel en Wezembeek-Oppem Vlaamse gemeenten zijn, spreekt de meerderheid van de bevolking er Frans. In realiteit blijken veel Franstaligen weinig gemotiveerd om Nederlands te leren.

Politiek vertaalt dit zich in een meerderheid van Franstalige partijen. De bestuurders moeten in officieel verband wel Nederlands gebruiken, want dát is de officiële bestuurstaal.

Ontdek hieronder de 6 faciliteitengemeenten in de rand rond Brussel en lees verder onder de kaart.

Heisa over een omzendbrief

Een Franstalige politieke meerderheid in een Vlaamse gemeente: dat geeft al eens onduidelijkheden en spanningen. Daarom vaardigt toenmalig Vlaams minister van Binnenlandse Aangelegenheden Leo Peeters (SP.A) in 1997 een omzendbrief uit die het taalgebruik in de lokale besturen verduidelijkt.

Die omzendbrief-Peeters verplicht lokale besturen om hun documenten eerst in het Nederlands aan inwoners te versturen. Franstaligen die een document in hun eigen taal willen, moeten dat expliciet vragen. Voordien gebeurde dat automatisch zodra je ooit had laten weten dat je in het Frans aangeschreven wil worden. "Bureaucratische pesterijen", vinden veel Franstaligen.

De heisa brengt een tegenstelling aan het licht tussen het persoonsrecht, waarbij de vrijheid van taalgebruik wordt benadrukt, en het territorialiteits­beginsel, waaraan het taalgebruik wordt gekoppeld. Dat leidt tot een reeks juridische procedures, waarbij de Raad van State uiteindelijk oordeelt dat de Vlaamse regering inderdaad bevoegd is om de taalwet te interpreteren.

Op vraag van een aantal Franstalige politici stuurt de Raad van Europa tot twee keer toe een rapporteur om zich over de kwestie te buigen. Het rapport van de Zwitser Dumeni Columberg doet veel Vlaams stof opwaaien, want het stelt dat een eenmalige aanvraag om in het Frans bediend te worden moet volstaan.

Burgemeesterskwesties in de rand

Na de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 rijst er een conflict tussen de Vlaamse regering en de kandidaat-burgemeesters van Wezembeek-Oppem, Kraainem en Linkebeek. Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Marino Keulen (Open VLD) weigert François van Hoobrouck d'Aspre, Arnold d'Oreye de Lantremange en Damien Thiéry te benoemen omdat ze als burgemeester oproepingsbrieven in het Frans aan de kiezers hebben verstuurd.

Lees verder onder de foto.

Arnold d'Oreye de Lantremange, Damien Thiéry en François van Hoobrouck d'Aspre. BELGA/VERGULT

De kwestie ontaardt in een ware soap, met weigeringen tot benoeming, nieuwe burgemeestersvoordrachten door de Vlaamse regering of door de Franstalige meerderheid tot zelfs extra verkiezingen. De carrousel van de niet-benoemde burgemeesters is al die jaren blijven draaien. De patstelling blijft.

De inbreuken op de taalwetgeving worden door de Vlaamse regering beschouwd als provocatie, terwijl veel Franstaligen de Vlaamse standvastigheid ervaren als een inbreuk op hun mensenrechten. De Raad van Europa veroordeelt de Vlaamse overheid voor de niet-benoeming van de drie burgemeesters, maar minister Keulen legt de niet-bindende uitspraak naast zich neer. 

De geschiedenis herhaalt zich in 2012 en de demarche van Vlaams minister Liesbeth Homans (N-VA) van vandaag luidt een zoveelste fase in. Homans vindt dat kiezers jaarlijks moeten aangeven dat ze in het Frans bediend willen worden, terwijl dat volgens de Raad van State maar een keer om de vier jaar moet.

Faciliteiten discriminerend?

Niet alleen in de rand rond Brussel staan de faciliteiten ter discussie. In Ronse geeft burgemeester Luc Dupont (CD&V) eind 2017 te kennen dat hij af wil van de faciliteitenregeling. Hij vindt ze "discriminerend", want ze staan een eventuele fusie met buurgemeenten in de weg.

De Vlaamse regering probeert fusies te stimuleren en geeft gemeenten daarvoor een financiële bonus. Door de faciliteiten grijpt Ronse dus naast een pak geld. Ook hiervoor bestaat geen onmiddellijke oplossing, want dan is er een grondwetswijziging nodig. Daarvoor is een tweederdemeerderheid vereist, en dus ook Franstalige steun. 

BELGA/WAEM

Bekijk de reportage over de benoeming van de burgemeesters uit "Het Journaal" hier:

Video player inladen ...