Op reis met Vlaamse meesters: Het geheim van de kleur van de Schelde

Elke week leiden Jos Vandervelden en fotograaf Alexander Dumarey je naar een plek in Vlaanderen of Brussel waar onze grootste schilders hun schildersezel opstelden.  Ooit vonden schilders het de volmaakte plekken om verzinnelijkt te worden op het canvas. Vaak zijn ze het nu nog. Soms zijn ze het niet meer. Het schilderij van toen en het beeld van nu.

Vandaag: "Gezicht op Temse" van Guillaume Vogels of het onbeweeglijke stadje aan de oevers van de rivier met de ondefinieerbare kleur

Waarschijnlijk is er geen andere schilder die met zoveel toewijding het Belgisch klimaat heeft bezongen als Guillaume Vogels. Hij schilderde bij slecht weer, bij onweer, regen of zware bewolking. Enkele stukken kregen zelfs de sprekende titel "Hondenweer". Om gezwollen luchten en vaal licht te vinden reisde hij het hele land door. Rond 1875 streek Vogels neer aan de oevers van de Schelde in Temse om het kleine doek "Gezicht op Temse" te schilderen.

© Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen Plaatsnijdersstraat 2 B-2000 Antwerpen België www.kmska.be

De vele kadeplaatsen, oevers en bochten van de Schelde inspireerden honderden schilders waaronder grootheden als Permeke, Evenepoel en Meunier. Allen kampten met de moeilijkheid om de ongrijpbare kleur van de rivier op het doek te krijgen. Ze zochten het in schakeringen van zwart, bruin of grijs. Zondagsschilders penseelden het Scheldewater paradijselijk blauw of lieten de hemel helder spiegelen in de rivier.  De impressie die Guillaume Vogels van de rivier gaf was een minder bekoorlijk plaatje. Ze bevat veel grauw grijs, een beetje bruin, een vleugje groen. 

De turbiditeit van de Schelde

De verklaring van de kleurenknoop rond de Schelde ligt bij de hoge turbiditeit van de rivier, de wetenschappelijke term voor troebelheid. De Schelde heeft een bedding met veel slib en nog veel meer zand. Daar moet nog eens fytoplankton en industriële vervuiling bijgeteld worden.  Door de forse stroomsnelheid, ook al eigen aan de rivier, leidt het tot een zeer hoge troebelheid van het water. Onderzoekers hebben zelfs vastgesteld dat de Schelde nergens zo troebel is als in de zone rond de monding van de Rupel, dicht bij Temse. Het zijn de ontelbare deeltjes die zorgen voor een eigen lichtbreking, en kleur aan het rivierwater geven. 

Blauw kan de Schelde nooit zijn, want blauw water is eigen aan zeer heldere wateren.  Voor wie toch nog blauwe tinten meent te zien, dat kan een gevolg zijn van de projectie van de hemel bij helder weer. Op de Forel Ule Schaal, die kleuren van natuurlijke wateren tracht te definiëren, zit het Scheldewater  rond groenachtig bruin, bruinachtig groen en colabruin. 

Tussen Scheldebrug en Boelwerf

"Gezicht op Temse" zit op de overgang tussen realisme en het vrijere impressionisme. Vogels is de schilder van de zware verfmassa's, de "peinture grasse". Met paletmes bewerkte hij verflagen tot grovere vormen en glimmende verfstroken. Hij laat de troebele Schelde domineren. In het verstrooide licht aan de overkant ligt Temse compact en onbeweeglijk. Het standpunt van "Gezicht op Temse" is vrij exact te bepalen.  Vogels' kadrering ligt netjes tussen de twee monumenten van Temse, de Scheldebrug en de voormalige Boelwerf. De schilder mag dan een vernieuwende impressie van de natuur gegeven hebben, voor de opkomende industrialisatie had hij weinig begrip.

Gustave Eiffel in Temse

De Scheldebrug werd ingehuldigd in 1870. De 343-meter lange brug werd ontworpen door de Franse ingenieur Gustave Eiffel. Ze was onderdeel van de spoorlijn Mechelen-Terneuzen en gaf doorgang aan treinen en voetgangers. De enorme metalen constructie moet minstens in aanbouw zijn geweest toen Vogels "Gezicht op Temse" schilderde.

Aan de andere zijde van het schilderij had de scheepswerf kunnen afgebeeld zijn. De werf, toen nog  "De Zaat" geheten, werd in 1829 opgericht door Bernard Boel. Er werden houten schepen of tjalken gebouwd. Pas veel later zou het bedrijf uitgroeien tot de Boelwerf, lange tijd de grootste werkverschaffer in Temse en omgeving.

Tegen het einde van de negentiende eeuw zou de skyline van het Scheldestadje helemaal bepaald worden door schoorstenen van stoommachines. Maar ook die lijken niet te zien op 'Gezicht op Temse". Waren ze er nog niet? Of vond Vogels dat ze zijn tableau te veel ontsierden? De schilder zou vermoedelijk ook vandaag geen oog willen hebben voor de monotone hoogbouw die opgetrokken wordt op de site van de vroegere scheepswerf.

Kruipers en Wilfordboten

Guillaume Vogels schilderde met dikke en losse verfstroken. Toch is het Temse van toen behoorlijk herkenbaar. De Onze-Lieve-Vrouwekerk, de watermolen en het molenaarshuis zijn te zien. Ze staan er ook vandaag nog. Van de vele witgekalkte huizen blijft dan weer weinig over, net zoals de vismijn en de dijk die het molenwater afsloot van de Schelde.

Temse was lang de Scheldebrug en de Boelwerf, maar ook de Wilfordkaai. In 1857 stichtte William Wilford een veerdienst tussen Temse en Antwerpen. Ze groeide uit tot de succesvolle "Stoomvaartmaatschappij Schelde en Rupel". Kleine stoomboten, aanvankelijk met schoepen, pendelden tussen Temse en Antwerpen en vertrokken vanop de huidige Wilfordkaai. Is de zwarte stoomboot die Vogels schilderde zulke Wilfordboot? Of was het een "Kruiper"? Dat was de volkse benaming van de erg trage stoomboten die al van in het begin van de negentiende eeuw naar Antwerpen pendelden.

"Gezicht op Temse" van Guillaume Vogels hangt in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen