Windmolenpark voor De Panne zou zonder subsidies kunnen

Minister voor de Noordzee Philippe De Backer (Open VLD) gelooft dat hij het nieuwe windmolenpark voor de kust van De Panne zonder subsidies kan realiseren. Dat park zou tegen 2030 moeten klaar zijn en de hoeveelheid energie die we van windmolens halen in ons land bijna verdubbelen.

De federale overheid heeft een manier gevonden om het nieuwe windmolenpark voor de kust van De Panne met een minimum aan subsidies te laten realiseren. De bedoeling is zo veel mogelijk de concurrentie te laten spelen en bedrijven te laten bieden op het stukje Noordzee waar de molens zouden komen. Wie de beste voorwaarden geeft aan de laagste prijs zal er mogen bouwen. Volgens minister van de Noordzee Philippe De Backer is het dan ook een aantrekkelijk gebied. Niet alleen is de technologie voor windenergie veel verbeterd en dus winstgevender. Het gebied is ook groter dan eerst was gepland, waardoor de molens verder uit elkaar zullen staan, minder wind van elkaar zullen afnemen en meer zullen renderen.

Plannen en werkelijkheid 

De vraag blijft natuurlijk hoe groot de interesse van de bedrijven effectief zal zijn. Hoogspanningsnetbeheerder Elia wees er eerder al eens op dat er aan de westkust niet genoeg hoogspanningslijnen zijn om de geproduceerde stroom van de nieuwe offshoreparken naar het binnenland te transporteren. Daarvoor moeten extra lijnen aangelegd worden, dwars door West-Vlaanderen én Henegouwen heen. Dat betekent dat zowel de Vlaamse als de Waalse regering de nodige vergunningen zullen moeten afleveren om de lijnen te kunnen bouwen. En dat er bij de omwonenden voldoende draagkracht moet zijn om de nieuwe lijnen te kunnen leggen.

Het nieuwe windmolenpark voor De Panne zou dieper in zee liggen dan de windmolens voor Zeebrugge, zo'n 35 kilometer ver. Van aan land zou je ze zo goed als niet zien.