Vlaamse nieuwbouw nu al extreem energiezuinig. Maar bestaande huizen moeten nog een stevig tandje bijsteken

Wie in Vlaanderen een nieuw huis bouwt, klopt meestal makkelijk alle strenge normen rond energiezuinigheid. Dat blijkt uit nieuwe cijfers die Vlaams minister van Energie Lydia Peeters (Open VLD) vandaag voorstelt op bouwbeurs Batibouw. Maar heel wat schrijnender zijn de energieprestaties van bestaande huizen in ons land. Massaal renoveren dan maar? Of gewoon slopen?

Eerst het goede nieuws: als we hier een huis bouwen, poten we tegenwoordig bijna altijd een bijzonder energiezuinig stulpje neer. Dat meet minister van Energie Lydia Peeters af aan het E-peil dat vermeld staat op de bouwvergunningen. Dat E-peil is een score die aangeeft hoe energiezuinig een gebouw is: hoe lager de score, hoe beter

Gemiddeld zitten Vlaamse nieuwbouwwoningen - volgens de meest recente cijfers, die van 2017 - al aan een E-peil van 27. Dat terwijl de wettelijke maximumnorm datzelfde jaar nog op E50 lag. Dit jaar is dat E40, volgend jaar E35 en in 2021 E30. 

Die grens van E30, en alles daaronder, wordt door de overheid beschouwd als "Bijna Energieneutraal" (BEN): zo'n woning verbruikt amper energie voor verwarming, ventilatie, koeling en warm water. En de energie die wel nog nodig is, wordt uit groene energiebronnen gehaald. 

Maar liefst 6 van de 10 huizen die in 2017 gebouwd werden waren al "BEN". En nog indrukwekkender: het merendeel daarvan zit zelfs al op een E-score van 20 of lager. 

Dat is onder meer te danken aan de almaar betere materialen die in de bouw worden gebruikt om een huis te isoleren of luchtdicht te maken. "Daar komt nog eens bovenop dat nieuwbouwwoningen verplicht een deel van hun energie uit hernieuwbare bronnen moeten halen", legt minister Peeters uit. 

Meer dan 8 op de 10 nieuwbouwwoningen doen dat ook. "Je mag er ook voor opteren om niet met hernieuwbare energie te werken, maar dan incasseer je wel een daling van 10 procent in je E-peil. Dus dat moet je dan elders, bijvoorbeeld in de isolatie of luchtdichtheid, compenseren."

De gemiddeld meest energiezuinige woningen worden trouwens gebouwd in Limburg. In Oost-Vlaanderen ligt het gemiddelde E-peil voor nieuwbouw het hoogst, zij het dan nog altijd op een schitterend niveau van E33.

Bijzonder zwaar renoveren

Hoe goed de nieuwbouwwoningen het ook doen, bij de zowat 2 miljoen bestaande huizen in Vlaanderen is de situatie heel wat minder rooskleurig. Dat valt op te maken uit de gegevens van de energieprestatiecertificaten (EPC's), die al ruim 10 jaar moeten worden opgemaakt bij verkoop of verhuur van een bestaande woning. 

Meer dan een derde van de bestaande woningen, gebouwd vóór de invoering van de minimale energieprestatie-eisen in 2006, haalt daar maar het (zeer zwakke) F-label. Lees: zij verbruiken meer dan 500 kWh/m². Slechts 7 procent van de bestaande woningen geraakt aan een B-label, wat te vergelijken valt met een E-peil tussen de 100 en 60. Amper 2,5 procent van de niet-nieuwbouwhuizen krijgt een A (een E-score onder de 60). Ter vergelijking: van de ruim 130.000 nieuwbouwhuizen die sinds 2006 zijn gebouwd, krijgt het overgrote merendeel een B- of A-label.

Dat levert deze toestand op voor het totale Vlaamse woningpark (bestaande en nieuwbouwwoningen samen dus):

De Vlaamse doelstelling is om tegen 2050 op élke woning zo'n A-label te kunnen plakken. Daarvoor prijst de overheid bijvoorbeeld de 'ingrijpende energetische renovatie' (IER) aan. Bij zo'n IER moet je minstens 75 procent van de buitenschil extra isoleren én moet je de technische installatie voor verwarming of koeling vervangen. 

Wie na zo'n zware renovatie aan een E-peil van 90 geraakt, krijgt 5 jaar lang korting op zijn onroerende voorheffing. Wie aan E60 geraakt na die renovatie, ziet zijn onroerende voorheffing 5 jaar lang zelfs helemaal wegvallen. En die fiscale stimulans werkt, zegt Peeters: "In 2017 haalden huizen na zo'n IER gemiddeld een score van E59."

Van slopen tot verplichte renovatie

Maar voor veel woningen in Vlaanderen baat zo'n zware renovatie zelfs niet en is enkel sloop en heropbouw aangewezen. Daarom krijgen Vlamingen die hun weinig energiezuinige huis slopen en heropbouwen een slooppremie van 7.500 euro. De voorbije jaren is sloop en heropbouw, onder meer dankzij voordelige btw-tarieven in sommige steden, alvast een pak populairder geworden. Op 5 jaar tijd is het aantal gesloopte en heropgebouwde huizen verdubbeld.

In 2021 schakelt de Vlaamse overheid zelfs nog een tandje bij. Tegen dan wordt een op z'n minst gedeeltelijke renovatie verplicht in de vijf jaar nadat je een huis hebt gekocht of geërfd. Wat daar de voorwaarden voor zullen zijn, moet dit najaar nog wel definitief worden vastgelegd in het Vlaamse Energieplan.

Beluister hier het gesprek met Lydia Peeters in "De ochtend" op Radio 1: