Het mobiliteitsbudget: wie heeft er recht op en wat kan u ermee doen?

De Kamer heeft gisteren het mobiliteitsbudget goedgekeurd. Dat is een budget dat werknemers toelaat om zelf de transportmiddelen te kiezen waarmee ze zich verplaatsen van huis naar het werk en terug. Maar voor wie is het precies bestemd? En wat kan u er in de praktijk mee doen? Lees het hier. 

1. Wie heeft recht op een mobiliteitsbudget?

Het mobiliteitsbudget is bedoeld voor werknemers die nu al een bedrijfswagen hebben of voor zo'n wagen in aanmerking komen. Het gaat zowel om werknemers uit de privésector als om contractuele en statutaire ambtenaren. 

Werkgevers moeten wel bereid zijn in hun bedrijf een mobiliteitsbudget in te voeren.  Ze zijn daartoe niet verplicht.

2. Hoe hoog is het mobiliteitsbudget?

Het bedrag komt overeen met de jaarlijkse brutokosten die de werkgever voor uw huidige bedrijfswagen betaalt. Ze omvatten onder meer de financieringskosten van de wagen en bijkomende kosten voor bijvoorbeeld brandstof en verzekeringen. 

3. Wat kan u met het mobiliteitsbudget doen?

Met een mobiliteitsbudget kan u uw huidige bedrijfswagen inruilen voor een ander transportmiddel, of een combinatie van transportmiddelen. U kan bijvoorbeeld kiezen voor:

  • een nieuwe bedrijfswagen, op voorwaarde dat hij minstens even milieuvriendelijk is als uw huidige. Zo mag uw nieuwe bedrijfswagen niet meer dan 105 gram CO2 per kilometer uitstoten (vanaf 2020 nog maar 100 gram en vanaf 2021 nog 95 gram).  Uw nieuwe wagen mag ook niet meer kosten (voor de werkgever) dan uw huidige. 
  • een transportmiddel met een maximumsnelheid van 45 kilometer per uur. Hieronder vallen onder andere (elektrische) fietsen, speedpedelecs, (elektrische) motorfietsen, elektrische steps, hoverboards en monowheels. 
  • openbaar vervoer. U kan kiezen voor een abonnement of losse tickets voor trein, tram, metro en (water)bus.
  • door de werkgever of een groep van werkgevers georganiseerd gemeenschappelijk vervoer.  Dit kan bijvoorbeeld een kantoorbus zijn.
  • gedeeld vervoer.  Als u uw bedrijfswagen inruilt voor een kleiner exemplaar, mag u met het resterende bedrag van het mobiliteitsbudget 30 dagen per jaar een wagen zonder chauffeur huren. Dat kan dan bijvoorbeeld een grotere wagen zijn om met het gezin op vakantie te gaan. U mag het geld ook gebruiken om een taxi te nemen of een wagen van Uber. 

Zoals gezegd mag u verschillende van de hierboven vermelde transportmiddelen combineren, zolang u maar binnen het budget blijft. U hoeft het mobiliteitsbudget overigens niet noodzakelijk te spenderen aan een transportmiddel. Als u binnen een straal van 5 kilometer van het werk woont, mag u het ook gebruiken om uw huur te betalen, of de interesten van uw hypothecaire lening

U hoeft het mobiliteitsbudget ook niet helemaal op te gebruiken. Wat u aan het einde van het jaar overhoudt, kan u in geld laten uitbetalen. U zal op dat bedrag dan wel een belasting van 38,07 procent moeten betalen.