Nieuwe financiële verdeelsleutel moet publicatiedruk aan universiteiten verlichten

De financiering van fundamenteel onderzoek aan de Vlaamse universiteiten verandert. Waar de focus vroeger sterk lag op de kwantiteit, denk aan de veelbesproken "publicatiedruk", moet die focus nu verschuiven naar de kwaliteit van het onderzoek.

Voor de nieuwe verdeelsleutel wordt rekening gehouden met drie inhoudelijke accenten: excellentie, (internationale) samenwerking tussen universiteiten en interdisciplinariteit. Dat staat in het akkoord dat Vlaams minister van Innovatie Philippe Muyters (N-VA) heeft gesloten met de rectoren en de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR) over de verdeling van de Bijzondere Onderzoeksfondsen (BOF).

De Bijzondere Onderzoeksfondsen (BOF) zijn voor universiteiten een belangrijke inkomstenbron voor onderzoeken. Op dit moment wordt via BOF jaarlijks 185 miljoen euro tussen de universiteiten verdeeld. Vanaf dit jaar komt daar nog eens 35 miljoen euro extra bij, wat het jaarlijks te verdelen bedrag brengt op 220 miljoen euro.

Na lange onderhandelingen heeft Vlaams minister Muyters nu een akkoord met de universitaire wereld om de verdeling van die middelen op een andere leest te schoeien. "Tot vandaag werden de middelen verdeeld op basis van kwantitatieve parameters, zoals het aantal doctoraten. Het aantal publicaties werd belangrijker dan de impact en de kwaliteit van het onderzoek", legt minister Muyters uit.

Excellentie

Dat oude en vaak bediscussieerde systeem gaat nu op de schop. Er komt een nieuwe verdeelsleutel. Die nieuwe verdeelsleutel, die dit jaar voor het eerst wordt toegepast, focust volgens Muyters meer op de kwaliteit van het onderzoek.

Daarbij worden drie criteria toegepast. Zo wordt meer gekeken naar excellentie. Hoe vaker onderzoek door andere (internationale) onderzoekers gebruikt wordt, hoe zwaarder het doorweegt. Daarnaast wordt de samenwerking tussen universiteiten gestimuleerd. De parameter voor internationale co-publicaties wordt verzwaard en er komt een nieuwe oproep voor projecten die door verschillende universiteiten samen gedragen worden. Tot slot is het ook de bedoeling om de interdisciplinariteit aan te zwengelen. Daarvoor moet wel nog een parameter uitgewerkt worden. Die moet klaar zijn tegen 2023. Dat jaar moet de nieuwe parameter in de verdeelsleutel schuiven.

De nieuwe verdeling bestaat voor de helft uit een forfait die voor vijf jaar vastgeklikt wordt en voor de helft uit een jaarlijkse afweging met de nieuwe sleutel. De forfait wordt berekend op het gemiddelde aandeel dat de universiteiten in de vorige vijf jaar haalden. Dit maakt de overgang niet te bruusk en zorgt ervoor dat de universiteiten toch kunnen rekenen op een vorm van basiscontinuïteit. De nieuwe sleutel wordt elk jaar toegepast op de andere helft. Zo krijgt de nieuwe verdeling dus een jaarlijkse en een vijfjaarlijkse cyclus.