Zal de brexit gevolgen hebben voor de samenwerking van de inlichtingen­diensten?

In de brexit-onderhandelingen ligt de focus op de gevolgen voor de handel. Wat de gevolgen zijn voor samenwerking op het niveau van inlichtingendiensten is blijkbaar nauwelijks stof tot discussie. Volgens sommigen is dat vooral te verklaren omdat over dit punt vooral eensgezindheid is: the cooperation must go on.

Premier Theresa May zei vlak na het brexit-referendum dat “als de EU moeilijk doet, dat zou betekenen dat onze samenwerking tegen terreur en misdaad zou verzwakken”. Maar die uitspraak valt veeleer te catalogeren in de rubriek "stoere politieke taal". Relevanter is de uitdrukkelijke vraag van diverse Britse sleutelfiguren in de wereld van de inlichtingendiensten die bij de Britse premier aandrongen op continuïteit. En dat deden ze vooral ook met het veiligheidsbelang van de Britten in het achterhoofd. 

Die vraag viel niet in dovemansoren, want Theresa May bevestigde later haar principiële bereidheid om op het vlak van justitie en veiligheid te blijven samenwerken. Die samenwerking heeft voor de inlichtingendiensten vooral betrekking op toegang tot het Schengen Informatie Systeem (SIS). De Britse diensten voeden met hun informatie niet alleen dat systeem, ze consulteren het vooral ook gretig. Maar er is meer dan SIS. 

Andrew Parker, director van MI5, de veiligheidsdienst van het Verenigd Koninkrijk, riep publiekelijk op om ook na de brexit verder te blijven samenwerken. En ook vanuit MI6, de Britse buitenlandse inlichtingendienst, kwam er een gelijkaardige boodschap van voormalig directeur Richard Dearlove. Het is redelijk ongebruikelijk dat dit soort statements gedaan worden en het signaal kan moeilijk verkeerd begrepen worden. 

Recent verscheen er op de website van de Duitse inlichtingendienst een opmerkelijk persbericht. Daarin wordt door de bazen van de Franse, Duitse en Britse inlichtingendiensten opgeroepen om te blijven samenwerken, de enige methode om veiligheid te waarborgen. 

The cooperation must go on

Op het niveau van de inlichtingendiensten zal de brexit, in welke vorm dan ook, wellicht nauwelijks impact hebben op de internationale samenwerking. Dat heeft in de eerste plaats te maken met het feit dat er geen Europese inlichtingendienst bestaat. In die zin valt er niets te regelen of te verdelen. Er is wel zoiets als het EU Intelligence and Situation Centre (INTCEN), een organisatie op EU-niveau waar rapporten geschreven worden op basis van informatie van inlichtingendiensten uit de respectievelijke EU-landen. Maar dit is dus geen operationele geheime dienst. 

Recenter kwam daar nog een ander platform bij. Onder impuls van het Nederlands voorzitterschap van de Europese Unie (eerste helft 2016) gingen de inlichtingendiensten van de EU ook fysiek samenzitten. In Zoetermeer, waar de Nederlandse Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) huist, is er een afdeling waar vertegenwoordigers van alle Europese inlichtingendiensten, letterlijk, bij elkaar zitten en op die wijze erg rechtstreeks samenwerken. 

Door de aard van de organisaties worden er tussen inlichtingendiensten, het woord zegt het zelf, inlichtingen uitgewisseld en dat is een weinig formeel georganiseerd gebeuren maar integendeel hoofdzakelijk gebaseerd op informele contacten. In de wereld van de geheime diensten is vertrouwen nu eenmaal belangrijker dan ellenlange multi- of bilaterale overeenkomsten met een rits voetnoten. 

De Club van Bern

De informele samenwerking tussen inlichtingendiensten wordt vooral georganiseerd in de zogenoemde Club van Bern. Deze club is een overlegorgaan waar de hoofden van de veiligheidsdiensten van de 28 leden van de Europese Unie (plus die van Noorwegen en Zwitserland) elkaar vinden. De Club is een informeel overlegorgaan en heeft geen rechtspersoonlijkheid. 

In de Club van Bern worden kennis en ervaringen uitgewisseld en prioriteiten bepaald, niet alleen op het gebied van contraterrorisme, maar ook bijvoorbeeld in verband met contraspionage en cyberdreigingen. Specifieke operationele inlichtingen worden niet via de Club van Bern uitgewisseld maar de banden die daar gesmeed en onderhouden worden, hebben natuurlijk wel hun effect op het dagelijkse werk. 

De Counter Terrorism Group

Specifiek wat terrorisme betreft, is er ook de Counter Terrorism Group (CTG). Na de aanslagen van 11 september 2001 werd deze groep gesticht in de schoot van de Club van Bern. De CTG is een samenwerkingsverband bestaande uit de inlichtingen- en veiligheidsdiensten van de 28 leden van de Europese Unie (plus opnieuw die van Noorwegen en Zwitserland). 

Maar in het organigram zit deze organisatie niet binnen de EU. Het is een afzonderlijk orgaan dat geleid wordt door de nationale ministers. 

Five Eyes

Ook al is er een wederzijdse afhankelijkheid, de samenwerking met de Britse inlichtingendiensten (MI5-binnenlandse veiligheid, MI6-buitenlandse veiligheid en GHCQ-informatiebeveiliging) is niet te onderschatten. De Britten staan traditioneel erg sterk in het inlichtingenwerk en het is bekend dat ze erg nauw samenwerken met de Amerikanen. Dat heeft te maken met het zogenoemde FVEY wat staat voor Five Eyes. Five Eyes is het anglofiele samenwerkingsverband tussen Australië, Canada, Nieuw-Zeeland, het Verenigd Koninkrijk en, niet het minst, de Verenigde Staten. Via dat Five Eyes-kanaal stroomt er bijzonder veel informatie door. 

Staatsveiligheid

De Belgische Staatsveiligheid is, gegeven haar beperkte omvang (en een politieke cultuur die de inlichtingendiensten niet erg genegen is), de facto bijzonder afhankelijk van het werk van buitenlandse zusterdiensten. Maar dat betekent niet dat de diensten altijd op dezelfde lijn zouden zitten. Ook met de Britse diensten is het niet altijd koek en ei. 

Het federaal parket liet in november vorig jaar aan de regering nog weten dat de hacking bij Belgacom (het huidige Proximus) in 2013 het werk was van de Britse GCHQ. De Britten blonken in dit dossier ook al niet uit in samenwerking in het kader van het gerechtelijk onderzoek. 

Hoe dan ook is er bij de Belgische Staatsveiligheid niet veel ongerustheid in verband met de nakende brexit.