Video player inladen...

Markante plekken: Le Logis en Floréal, Engelse tuinwijken in Brussel

In de reeks "Markante plekken" gaat onze fotograaf Alexander Dumarey elke week op zoek naar een opvallende plaats met een verhaal. Soms bekend, soms vergeten. Soms druk, soms verlaten. Maar allemaal hebben ze een boeiende geschiedenis. Vandaag: tuinwijken Le Logis en Floréal in Watermaal-Bosvoorde, bij Brussel.

Tijdens het interbellum worden in de Brusselse voorsteden een twintigtal tuinwijken gebouwd. De opvallendste twee liggen in Watermaal-Bosvoorde: Le Logis en Floréal. De twee wijken zijn door dezelfde architecten ontworpen en op hetzelfde moment gebouwd. Straat na straat is er gevuld met cottage-achtige huizen, je waant je er in een Engelse tuinstad. 

Na de Eerste Wereldoorlog is er een groot tekort aan huizen in België. Om aan de nood tegemoet te komen, richt de regering in 1919 de Nationale Maatschappij voor Goedkope Woningen (NMGW) op. Het doel van deze maatschappij is lokale woningbouwverenigingen te ondersteunen door leningen met lage rente en het leveren van bouwmaterialen tegen voordelige prijzen.

De coöperaties Le Logis en Floréal worden in 1921 in Brussel opgericht. Le Logis bestaat uit bedienden van de Spaar- en Lijfrentekas, Floréal wordt opgericht door de typografen van de Waalse krant Le Peuple. De raden van bestuur van beide verenigingen beslissen Jean-Jules Eggericx (dan in dienst bij de NMGW) en Louis Van der Swaelmen aan te stellen voor het ontwerp en de planning van hun wijken (Van der Swaelmen werkte eerder al de planning van de wijk Klein Rusland uit). 

Tijdens de Eerste Wereldoorlog vlucht Eggericx naar Groot-Brittannië, in ballingschap bestudeert hij de planningstheorieën van Ebenezer Howard en de opkomende tuinsteden. Wat hij daar ziet, laat een grote indruk op hem na, en bij zijn terugkeer begint hij met het promoten van het tuinwijkidee in België. Die Engelse invloed is ook heel voelbaar in Le Logis-Floréal. Eggericx ontwerpt voor de wijken honderden pittoreske, op cottages geïnspireerde huizen en Van der Swaelmen plant ze in een groen en glooiend landschap in. Enkele iconische woontorens maken het geheel af.

De bouw van Floréal gaat in 1921 nog van start, de werkzaamheden aan Le Logis beginnen het jaar daarna. Om de kosten te drukken, wordt ter plaatse een steenbakkerij opgericht. De bakstenen worden via een speciaal aangelegd spoorlijntje op de werven geleverd. Tussen 1921 en 1930 wordt praktisch ononderbroken aan de wijk gewerkt.  

Le Logis en Floréal liggen naast elkaar, maar lopen licht in elkaar over. Qua stijl sluiten de wijken perfect op elkaar aan, ze zijn vooral te onderscheiden aan het kleurgebruik. Geel voor Floréal en groen voor Le Logis. 

In de jaren 20 lagen de wijken nog een heel eind buiten Brussel, op het platteland. Vandaag is de stad veel verder uitgedijd en zijn Le Logis en Floréal in het stadsweefsel ingekapseld. Bijna 100 jaar na de oprichting van de wijken zijn het uitzicht en het originele concept goed bewaard gebleven.  Door de bescherming in 2001 is de bewaring van dit uniek stukje erfgoed ook voor de toekomst verzekerd.

Volg onze fotograaf op Instagram en Facebook