Copyright 2019 The Associated Press. All rights reserved.

Tibetanen betogen 60 jaar na neerslaan opstand door Chinezen en de vlucht van de dalai lama

Op tal van plaatsen in de wereld is vandaag betoogd uit sympathie met het Tibetaanse volk. Dat herdenkt dat precies 60 jaar geleden een opstand is uitgebroken tegen het Chinese leger. Na de mislukking daarvan is de Tibetaanse boeddhistische leider dalai lama naar India gevlucht.

In Brussel waren er meer dan 3.000 manifestanten die een optocht met Tibetaanse, Belgische en Europese vlaggen hielden tussen het Noordstation en de Kunstberg. Er werden slogans geroepen voor de bevrijding van Tibet en voor respect voor de mensenrechten daar.

Ook elders in de wereld is er betoogd. Dat was onder meer het geval in Dharamsala vlakbij de Indiase regio Ladakh, de woonplaats van de dalai lama en de Tibetaanse regering in ballingschap en in de Indiase hoofdstad Delhi.    

Aanleiding voor de manifestatie is de herdenking van het begin van de opstand tegen de Chinese bezetting van Tibet precies 60 jaar geleden. In een mededeling wijst China die termen af en zegt Peking er op dat de levensverwachting en de economische ontwikkeling van de Tibetanen de afgelopen 60 jaar fors verbeterd zijn.

De dalai lama (met bril in het midden) vermomd als soldaat tijdens zijn vlucht naar India. AP1959

De dalai lama vlucht naar de wereld

Dat mag dan zo zijn, feit is wel dat de Tibetanen in wat officieel de autonome regio Tibet in China heet, onder een strikte controle van de Chinese veiligheidsdiensten leven en dat die toestand weinig steun geniet, behalve dan bij de vele etnische Chinezen die sindsdien zijn komen wonen in Tibet. Ook wordt de aparte Tibetaanse cultuur en de lokale variant van het boeddhisme er uitgehold in het kader van de "modernisering".

De voorbije eeuwen is Tibet in en uit de Chinese invloedssfeer geweest. Onder de laatste keizersdynastie stond het land onder Chinese curatele, maar bij na het uitroepen van de republiek in 1912 gooiden de Tibetanen de Chinese "vertegenwoordigers" buiten. In 1950 vielen de Chinese communisten van Mao Zedong Tibet dan binnen en werd het gebied "herenigd". In de jaren daarop kwamen eerst de Tibetaanse minderheden in de Chinese provincies Qinghai en Sichuan in opstand en daarna in Tibet zelf.

Een betoging van tienduizenden Tibetaanse vrouwen bij het Potala-paleis in Lhasa in maart 1959. AP1959

Op 10 maart 1959 verzamelden zich duizenden Tibetaanse betogers rond het paleis Potala in de hoofdstad Lhasa toen ze vreesden dat de Chinezen de geestelijke en politieke leider dalai lama zouden ontvoeren. De situatie liep uit de hand en escaleerde enkele dagen later in gevechten tussen Tibetaanse en Chinese troepen. De Tibetanen hadden weinig kans tegen de Chinese overmacht en de belangrijkste boeddhistische kloosters zoals dat van Drepung, Sera en Ganden werden grotendeels verwoest en zouden tienduizenden mensen gedood zijn.

Het belangrijkste gevolg was de vlucht van de dalai lama vanuit Tibet over de Himalaya naar India, waar hij asiel kreeg en een regering in ballingschap installeerde. Bij zijn vlucht kreeg de leider wel hulp van de Amerikaanse geheime dienst CIA, want in die tijd paste elke conflict wel in de Koude Oorlog. De VS-steun aan de Tibetaanse guerilla zou stoppen na het bezoek van president Richard Nixon aan China in 1972. Wel is sinds '59 de dalai lama het gezicht van Tibet en van het boeddhisme in de wereld geworden.