Video player inladen ...

Het "world wide web" viert zijn 30e verjaardag: hoe een "vaag, maar opwindend" idee de wereld veranderde

Het "world wide web" is jarig. Exact 30 jaar geleden lanceerde de Britse natuurkundige Tim Berners-Lee,  samen met de Belg Robert Cailliau, een idee om documenten met anderen te delen. Toen zijn baas het voorstel las, kreeg Berners-Lee het antwoord: "Vaag, maar opwindend". Maar Berners-Lee zette door en het www was geboren. Het web heeft ondertussen de wereld veranderd, maar wordt meer en meer gedomineerd door tech-reuzen zoals Google en Facebook. "Ze willen maar één ding, en dat is zoveel mogelijk data verzamelen", zegt computerwetenschapper Ruben Verborgh.

Voor alle duidelijkheid: verwar het "world wide web" niet met het internet. Dat bestaat al sinds 1969 en is van oorsprong een netwerk (van gekoppelde computers, nvdr.) dat gebruikt werd door het Amerikaanse leger. "Met het internet kon je al berichten naar elkaar sturen, maar het "world wide web" zorgde ervoor dat  websites een plek op het internet kregen", zegt UGent-computerwetenschapper Ruben Verborgh. Verborgh werkt nauw samen met Tim Berners-Lee.

Een manier om documenten te delen

We kunnen ons nauwelijks een leven zonder internet voorstellen, maar 30 jaar geleden was dat anders. Het internet van toen - een rudimentair netwerk van computers - werd vooral gebruikt door academici. "Berners-Lee werkte toen aan de CERN, het Europees centrum voor deeltjesonderzoek in Zwitserland. Hij zocht een manier om documenten met andere wetenschappers te delen", zegt Verborgh. Meestal werden die op de pc's bewaard. Iemand kon vanop afstand niet aan het document. Het idee van Berners-Lee was om dat document een plek te geven op het internet. Dat werd een adres dat begon met "http://www."

Pas vier jaar later, in 1993, verschenen de eerste internetbrowsers zoals Mosaic en Netscape. Dan pas schoten de websites als paddenstoelen uit de grond. 

De jaren nadien is het internet sterk gaan groeien. Het leek wel het Wilde Westen. Iedereen zag het potentieel van een eigen website. Hoewel de verbinding heel traag was, gingen we het internet meer en meer gebruiken. Mailen, eten bestellen en bankieren. Het kon allemaal. In die tijd moesten we de juiste naam van de website in de browser typen.

Tot 1998. In dat jaar werd Google Search gelanceerd. Vanaf dan gingen we niet meer op zoek naar het adres van een website, maar typten we trefwoorden in Google Search. Zo vonden we de website die we zochten.  

Het web was vroeger een plek waar iedereen gelijk was. Nu wordt het gedomineerd door Google en Facebook. Zij zijn alleen uit op onze data

Om inkomsten te genereren, ging Google data van gebruikers verzamelen. Die gegevens werden dan doorverkocht aan adverteerders. In de jaren nadien is de dominantie van Google alleen maar blijven groeien. In 2004 kenden we een ander kantelpunt, want in dat jaar zag Facebook het levenslicht. Facebook bracht iets nieuws. Het was een sociale media-website waarop we "vrienden" konden worden met mensen van over de wereld. Facebook was ook dé plek waarop we familiefoto's gingen delen.

Uiteindelijk is Facebook, net als Google, voor velen het venster op het internet en de wereld geworden.

Steile groei door smartphone

In 2007 werd de iPhone gelanceerd. Niet veel later verscheen het Android-besturingssysteem van Google. De steile groei van het internet is dan niet te stoppen. Er verschijnen miljoenen apps. Bijna elke website ontwikkelt ook een app.

Op dit moment bestaan er naast Facebook en Google honderden miljoenen websites, maar Verborgh vindt dat het "world wide web" veel van zijn charme verloren heeft. "Het web was vroeger een plek waar iedereen gelijk was. Nu wordt dat gedomineerd door Google en Facebook. Zij zijn alleen uit op onze data", zegt Verborgh. "Het ergste is dat andere bedrijven hun manier van werken kopiëren. Netflix, Amazon en anderen willen maar één ding. Zoveel mogelijk data genereren en er geld aan verdienen."

Solid is een ecosysteem waarbij we de data terug willen geven aan de gebruiker

Valt er vandaag iets te vieren? Verborgh heeft een dubbel gevoel.  Het web heeft volgens hem aan de ene kant heel veel goede dingen met zich meegebracht. "Wij communiceren en zoeken heel veel op het internet. Het web verbindt ook mensen met elkaar. Maar aan de andere kant zijn we de controle aan het verliezen", merkt Verborgh op. 

"Technologiebedrijven innoveren niet meer"

Die controle zit volgens hem meer en meer bij grote technologiebedrijven zoals Facebook en Google. "Dat zijn echte datafabrieken geworden. Kijk maar naar Facebook. Echt innoverend is het niet meer, maar het verzamelt ondertussen wel heel veel gegevens over ons. En ze doen dat op een sluwe manier." 

Zijn Facebook en Google té groot geworden? Verborgh vindt van wel. "Maar we kunnen het tij nog keren. Samen met Berners-Lee hebben we Solid ontwikkeld. Solid is een ecosysteem waarbij we de data teruggeven aan de gebruiker. Het is een principe dat app-ontwikkelaars moeten hanteren."

Hoe werkt het? "Neem nu Facebook. Dat vraagt aan u of het data mag gebruiken. Als u akkoord gaat, gaat Facebook die gegevens doorverkopen aan adverteerders. Zij gaan dan voor u reclame op maat aanbieden. Wij draaien het om. In Solid zitten de data bij de gebruiker en niet bij de app. De app gebruikt alleen de data waarvoor het toestemming heeft gekregen." In Solid zitten de data van de gebruiker als het ware in een kluis. 

Hoe ziet het web volgens Verborgh er over dertig jaar uit? "Ik denk dat we nog altijd zullen surfen op het "world wide web". Nu doen we dat vooral met een smartphone, maar in de komende dertig jaar zal dat zeer waarschijnlijk met een ander toestel zijn."

"Maar nu zitten we op een kantelpunt. We beseffen dat er iets moet veranderen, want zo kan het niet verder."

Terzake maakte in 1995 deze reportage over het fenomeen "internet"

Video player inladen ...