Hilde Crevits: "Miljoenen extra nodig voor versterken kleuter- en lager onderwijs"

De komende jaren zijn fors meer middelen nodig om het kleuter- en lager onderwijs te versterken. Dat zegt Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V). Ze erkent daarin de eis van de onderwijsvakbonden. "Het is van belang dat alle partijen die deel uitmaken van de volgende Vlaamse regering, consequent werken aan de uitvoering van het plan dat we hebben uitgewerkt."

Op woensdag 20 maart komt er een algemene staking in het onderwijs. De onderwijsvakbonden roepen alle niveaus op om het werk neer te leggen. Ze eisen een regering die wil investeren in het onderwijs en geen "besparingsregering zoals de afgelopen twee legislaturen".

"Uiteraard voel ik mij aangesproken, maar het moment dat de staking aangekondigd werd, raakte mij wel. Net op dat moment stemden we in het Vlaams Parlement over de uitvoering van een nieuwe cao voor het schooljaar 2019-2020. Daarin zit een investering van 150 miljoen euro extra", zegt Crevits in "De ochtend" op Radio 1. "Die gaat naar extra loon voor de leerkrachten, naar extra begeleiding voor jonge leerkrachten, extra loon voor leerkrachten met heel veel ervaring..."

Crevits erkent wel dat er "absoluut nood is aan extra investeringen in het basisonderwijs". "In het regeerakkoord van 2014 ging alle aandacht naar de hervorming van het secundair onderwijs, het basisonderwijs had geen eigen plan. De voorbije jaren hebben we daarin veel werk verzet. De grote verdienste is dat er nu wel een akkoord is tussen werkgevers en werkgevers om het basisonderwijs te versterken."

We zijn gestart in budgettair moeilijke omstandigheden, we moeten alles stapsgewijs doen

We hebben ook niet gewacht met investeren in het basisonderwijs tot dat akkoord er lag, zegt Crevits. "Er zijn meer directeurs vrijgesteld van lesopdrachten, er is meer dan 60 miljoen extra geïnvesteerd in goede begeleiding op de klasvloer... Maar we zijn gestart in budgettair moeilijke omstandigheden, we moeten alles stapsgewijs doen."

Volgens de minister is de onderwijsbegroting in 2019 met 1,2 miljard gegroeid ten opzichte van 2014. De komende jaren zullen er nog veel extra miljoenen nodig zijn voor het basisonderwijs. "Het is van belang dat alle partijen die deel uitmaken van de volgende regering, consequent werken aan de uitvoering van het akkoord, er zullen dus veel extra middelen naar het kleuter- en lager onderwijs moeten gaan."

"Meer verplichte, niet-bindende toelatingsproeven voor hoger onderwijs"

Minister Crevits herhaalde ook dat haar partij nog meer verplichte, niet-bindende toelatingsproeven wil inrichten voor opleidingen in het hoger onderwijs. Momenteel bestaan die proeven al voor de opleidingen tot leerkracht, burgerlijk ingenieur en ingenieur-architect. Voor diergeneeskunde wordt de proef vanaf volgend academiejaar verplicht.

De verplichte toelatingsproeven geven jongeren een beeld van hun startniveau, hun sterktes en hun zwaktes. De proeven zijn niet-bindend, wat wil zeggen dat hogescholen jongeren niet kunnen weigeren op basis van het resultaat van die proef.

"We hebben de toelatingsproef voor de lerarenopleiding geëvalueerd. Daaruit blijkt dat studenten die daar goed scoren, het ook goed doen tijdens de opleiding. En wat nog meer is: wie bereid is te werken aan de probleempunten die in de proef naar boven kwamen, doet het ook echt beter tijdens de opleiding", zegt Crevits. "Het is mijn standpunt, en ook dat van de partij, om de komende jaren voor meer opleidingen een verplichte, niet-bindende toelatingsproef in te voeren."

Beluister hier het maandaginterview met Hilde Crevits in "De ochtend":