Een voetafdruk van een neanderthaler in het Natuurhistorisch Museum in Praag. Wikimedia Commons/Claire H./CC BY-SA 2.0

Moderne mens had grotere ecologische voetafdruk dan neanderthaler, mammoet betaalde het gelag

De eerste moderne mensen in Europa brachten zo’n 40.000 jaar geleden al ecosystemen aan het wankelen. Vooral de mammoetpopulaties kalfden drastisch af sinds de moderne mens, Homo sapiens, vanuit Afrika in Europa was aanbeland. Dat blijkt uit een nieuwe studie op botten van neanderthalers, moderne mensen en dieren uit de Belgische grotten van Spy en Goyet. Ook de laatste neanderthalers aten vooral mammoet, maar bij hen bleven de populaties van de ijstijdreus stabiel.

Hoe komt het dat neanderthalers zo’n 40.000 jaar geleden verdwenen en wij moderne mensen daarna alleenheerser werden? Wetenschappers zoeken al decennia naar verklaringen, onder meer in een verschillend eetpatroon en in verschillen in mobiliteit.

Een nieuwe internationale studie, met onder meer wetenschappers van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen,  laat alvast zien dat beide mensensoorten hetzelfde aten - vooral mammoet en rendier -, maar dat de moderne mens veel intensiever joeg. En dat hij minder ‘rond de kerktoren’ bleef.

Twee Belgische grotten, in de buurt van Namen, zijn cruciaal om het einde van de neanderthaler te begrijpen: Spy en Goyet. Daar zijn fossielen van enkele van de laatste neanderthalers gevonden, tussen 40.000 en 45.000 jaar oud. De grot van Goyet is zelfs uniek in de wereld, omdat ze ook resten van vroege moderne mensen opleverde. Samen met botten van vroege Homo sapiens uit twee Duitse vindplaatsen had het team mooi vergelijkingsmateriaal in handen. 

Beenderen van neanderthalers uit de grot van Spy. KBIN

Zelfde menu

De wetenschappers analyseerden de koolstof- en stikstofisotopen in het botcollageen om te achterhalen wat mens, neanderthaler en dier aten. Isotopen zijn atomen van een bepaald chemisch element, met dus hetzelfde aantal protonen in de kern, maar met een verschillend aantal neutronen, collageen is een zeer belangrijk eiwit dat werkt als een soort lijm, en dat een onderdeel is van het bindweefsel.   

En wat blijkt uit de analyse van de isotopen: neanderthalers hadden hetzelfde voedingspatroon als moderne mensen. Ze aten hoofdzakelijk mammoet en rendier. Daarnaast stond bij beide groepen ook wel wolharige neushoorn op het menu, af en toe een paard of een bizon, en een zeldzame keer een holenbeer.

"We zien weinig verschillen in het eetpatroon van de neanderthalers en de eerste moderne mensen in onze streken", zei KBIN-paleontoloog Mietje Germonpré, die voor deze studie de megafauna onder de loep nam. "Dus de neanderthalers zijn wellicht niet verdwenen door een minder uitgebreid voedingspatroon, zoals vaak wordt gedacht", zei ze in een persbericht van het KBIN.

Een melktand van een kalf van een mammoet. KBIN

Grotere ecologische voetafdruk

De onderzoekers zagen aan de isotopensamenstelling van de grazers dat de mammoetpopulatie nog op peil was ten tijde van de neanderthalers.

"Maar dat veranderde drastisch met de komst van de moderne mens naar Europa", zei Germonpré. "Homo sapiens joegen veel intensiever op mammoeten. We zien dat de menselijke invloed op het ecosysteem groter werd zodra de moderne mens zich in Europa gevestigd had. De mammoetpopulaties begonnen te lijden onder de bejagingsdruk en de paarden namen de ecologische niche van de mammoeten in." 

Reconstructie van een mammoet in het Royal BC Museum in Victoria in Canada. Flying Puffin/Wikimedia Commons/CC BY-SA 2.0

Moderne mens was mobieler

Het stabiele isotoop van zwavel in het botcollageen vertelt ons hoe de plaatselijke ondergrond was samengesteld en werkt als een ‘tracker’: wetenschappers kunnen eruit afleiden of mens en dier lokaal waren of van elders kwamen.

De neanderthalers van Spy bleven ter plaatse en joegen in de directe omgeving van de vindplaats. Maar de neanderthalers van Goyet haalden hun prooien van buiten het lokale ecosysteem, of anders gezegd: ze kwamen van een andere regio.

Hier speelt misschien een opmerkelijk scenario mee: de botten van de neanderthalers van Goyet vertonen sporen van kannibalisme, zoals uit een studie in 2016 bleek. Insnijdingen, inkepingen en inslagen wijzen erop dat de menselijke resten gevild zijn en de botten gekraakt werden voor het voedzame beenmerg. Veel vragen over deze zaak blijven open, maar het valt de onderzoekers op dat juist de niet-lokale neanderthalers slachtoffer werden van kannibalisme.

De neanderthalers van Spy en die van Goyet bleken op basis van de waarden van de zwavelisotopen homogene groepen te vormen. Er waren weinig individuele verschillen.

De moderne mensen van Goyet laten onderling wél verschillen optekenen in hun verplaatsingsgeschiedenis. De onderzoekers vermoeden dat de moderne mens een gevarieerder en sterker regionaal netwerk had. Het lijkt erop dat individuen zich bij andere groepen aansloten en zo meer ideeën konden uitwisselen. Misschien was dat wel het belangrijkste wat moderne mensen voorhadden op neanderthalers.

De studie "Stable isotopes reveal patterns of diet and mobility in the last Neandertals and first modern humans in Europe" is gepubliceerd in Scientific Reports.