McPHOTO / INSADCO / Bilderbox

Energiearmoede daalt niet ondanks zachte winters

De voorbije winters waren relatief zacht. Toch blijft de groep gezinnen die moeite hebben om hun energiefactuur te betalen even groot. De angst voor een winterprik zit er diep in. De Koning Boudewijnstichting volgt de situatie met hun jaarlijkse Barometer van de Energiearmoede en noemt die zorgwekkend.

Wie in energiearmoede leeft, heeft moeite om zijn energierekening te betalen. Het gaat om gezinnen die in verhouding een (te) groot deel van het gezinsbudget moeten besteden om hun woning te kunnen verwarmen. Anderen beperken hun verbruik noodgedwongen of vrezen dat ze bij een winterprik niet in staat zullen zijn hun woning voldoende warm te krijgen.

Verborgen energiearmoede

Sommige gezinnen zijn creatief om de factuur zeer laag te houden. Ze beknibbelen zodanig op hun verbruik dat ze minder dan de helft verbruiken van even grote gezinnen in vergelijkbare woningen. 4,5 procent van de gezinnen leeft met zo'n verborgen vorm van energiearmoede.

Maar de grootste groep - zo'n 14 procent van de gezinnen in België - heeft een energiefactuur die 12 procent of meer van hun beschikbaar inkomen opslokt. Dat is dubbel zoveel als bij een doorsneegezin.

De Koning Boudewijnstichting peilt ook naar subjectieve armoede. 6 procent van de gezinnen zegt niet genoeg geld te hebben om de woning te verwarmen. Die groep wordt groter.

Woningnood is groot probleem

Een te laag inkomen is een van de belangrijkste oorzaken van energiearmoede. Op dat vlak is er volgens de Koning Boudewijnstichting geen noemenswaardige vooruitgang geboekt. Een structureel armoedebeleid zou dus ook meteen een impact hebben op de energiearmoede. 

De groeiende woningnood is een bijkomende oorzaak. De voorbije jaren proberen heel wat organisaties dat probleem onder de aandacht te brengen. Er is een tekort aan sociale woningen. Daardoor is er grote vraag naar goedkope huurwoningen. Maar het aanbod is relatief beperkt en neemt nauwelijks toe. Het gevolg is dat de prijzen stijgen. Volgens de Koning Boudewijnstichting moeten gezinnen tegenover een paar jaar geleden 30 procent meer uitgeven aan wonen en blijft er dus minder over om uit te geven aan bijvoorbeeld energie.

Daar moet nog aan toegevoegd worden dat de goedkope huurwoningen ook vaak niet of niet goed geïsoleerd zijn. Wie zo'n woning wil verwarmen, moet relatief veel uitgeven. 

Aanbevelingen

Eigenaars en private verhuurders moeten meer gestimuleerd worden om hun woning te renoveren en isoleren, vindt de Koning Boudewijnstichting. En de overheid zou zelf op grote schaal moeten investeren in de isolatie én nieuwbouw van sociale woningen. Er bestaan allerhande systemen om op een betaalbare manier de kwaliteit van de woningen in het onderste segment te verbeteren, argumenteert de stichting.

Waar komen de cijfers vandaan?

De barometer van de Koning Boudewijnstichting steunt op de Belgische databank van de EU-SILC-enquête over de levensomstandigheden van huishoudens. Het onderzoek wordt jaarlijks uitgevoerd bij een steekproef van ongeveer 6.000 gezinnen en bevat vrij gedetailleerde informatie over de energiekosten.