foto Peter Hilz (C)

Pendelen met openbaar vervoer gemiddeld tot 70 procent trager dan met de auto

Op de meest gebruikte pendelroutes in Vlaanderen en Brussel doen reizigers er met het openbaar vervoer bijna 70 procent langer over dan met de auto. Dat blijkt althans uit het grote filerapport van De Tijd. "Maar of je daarom beter af bent met de auto, is nog een andere vraag", zegt mobiliteitsexpert Cathy Macharis (VUB). Een andere belangrijke conclusie is dat ook de autowegen naar de kleinere steden zoals Leuven, Hasselt en Kortrijk steeds meer dichtslibben.   

Voor het filerapport berekenden ruim 22.000 personen met behulp van een online tool hoe lang ze in de file stonden, en of het openbaar vervoer hen sneller naar het werk zou brengen. Het gaat enerzijds niet om een representatieve steekproef, maar anderzijds zijn er geen grote afwijkingen tegenover de algemene cijfers van de verkeersdatabank van de Gentse verkeersspecialist Be-Mobile op dat vlak. 

De eerste conclusie is dat het openbaar vervoer in veel gevallen nog te traag is om pendelaars uit de auto te krijgen, omdat de reistijd gemiddeld met 67 procent zou toenemen. Uit onderzoek blijkt dat mensen pas de stap naar bus, tram en/of trein willen zetten als de extra reistijd niet meer dan 50 procent bedraagt. 

Gemiddeld stijgt de extra reistijd met het openbaar vervoer met 67% terwijl dat voor een pendelaar bij voorkeur maximaal 50% is

Zo zou wie met de trein naar het werk gaat in Gent, drie keer langer onderweg zijn dan met de auto. De Tijd maakte de berekening op basis van de populairste werkbestemmingen binnen elke stad, en voor Gent is dat de Gentse haven, die nu eenmaal (nog) niet zo goed bereikbaar is met openbaar vervoer. Er stopt geen trein en je moet sowieso een switch maken met de bus, wat meteen een pak tijd kost. Er hangt uiteraard ook veel af van de startplaats, maar we spreken hier over gemiddelden. 

Naar Turnhout wordt de reistijd verdubbeld, naar Brugge, Kortrijk en Aalst zou u met het openbaar vervoer gemiddeld de helft langer onderweg zijn. 

Goed nieuws voor wie naar Brussel pendelt

Brussel is dan weer het best bereikbaar met de trein. In 34 procent van van de populairste pendeltrajecten is het openbaar vervoer sneller dan met de auto. De gemiddelde reistijd is amper 7 procent langer. De cijfers werden in Brussel afgetoetst aan pendelaars van en naar de Europese Wijk.

Antwerpen, Sint-Niklaas en Kortrijk doen het minder goed: daar is het openbaar vervoer slechts in een vijfde van de gevallen sneller. Voor steden als Gent, Genk, Leuven, Mechelen en Turnhout, zou u zo goed als altijd sneller af zijn met de auto, files inbegrepen.

Openbaar vervoer slechts in een vijfde van de gevallen sneller dan auto voor wie naar Antwerpen reed

Ook files in en rond centrumsteden zoals Kortrijk nemen toe

Het filerapport bevestigt ook een trend die we eerder al zagen: de files in en rond Vlaamse centrumsteden zoals Mechelen, Kortrijk, Leuven en Hasselt nemen snel toe. Het is dus niet enkel meer een probleem van pakweg Antwerpen en Brussel. 

Wie met de auto naar Mechelen rijdt, doet er door de files in de spits 75 procent langer over dan in ideale omstandigheden, zonder files. Naar Leuven, Hasselt en Kortrijk komt daar de helft bij. Zelfs voor Turnhout, de best bereikbare centrumstad van Vlaanderen, nam de reistijd met een derde toe. Net daarom is het opvallend dat u er nog altijd sneller af bent met de auto dan met het openbaar vervoer. 

Gemiddeld verloren de deelnemers aan de test vorig jaar 98,6 uur in de file, wat neerkomt op 12 werkdagen op een jaar. 

"Concluderen dat je beter af bent met de auto, zou verkeerd zijn"

Cathy Macharis, professor mobiliteit aan de Brusselse universiteit VUB, zegt dat we voorzichtig moeten zijn met conclusies als we het openbaar vervoer qua reistijd afzetten tegen de auto: "Of we hieruit moeten concluderen dat je met de auto beter af bent dan met openbaar vervoer? Niet per se. Hier is enkel gekeken naar hoe lang een rit duurt. Maar op de trein kan je die tijd wel beter invullen. Het heeft ook te maken met comfort: hoeveel plaats biedt een trein, en wat is de frequentie van een bus of tram?"

Macharis wil ook niet concluderen dat het openbaar (te) slecht zou zijn. "Soms zien we dat er goede alternatieven zijn voor de auto, maar dat mensen pas een switch maken in crisissituaties, bij grote werken bijvoorbeeld. Soms gaan mensen pas dan actief nadenken over hoe ze zich anders kunnen verplaatsen."