Op reis met Vlaamse meesters: Tussen de wellust van Venus en de zuiverheid van de Heilige Maagd

Elke week leiden Jos Vandervelden en fotograaf Alexander Dumarey je naar een plek in Vlaanderen of Brussel waar onze grootste schilders hun schildersezel opstelden. Ooit vonden schilders het de volmaakte plekken om verzinnelijkt te worden op het canvas. Vaak zijn ze het nu nog. Soms zijn ze het niet meer. Het schilderij van toen en het beeld van nu.

Vandaag: "Avondtrein" van Paul Delvaux uit 1957 of de freudiaanse eenzaamheid van een treinstation bij avondlicht

Met "Avondtrein" schiep Paul Delvaux een spel van licht en schaduw rond treintechnologie uit het begin van de twintigste eeuw. Maar wat het meest intrigeert aan het schilderij is dat wat er niet hoort te zijn. Het enige dramatische element: een jong meisje op de voorgrond kijkt naar een trein die klaar lijkt te staan om te vertrekken. Het ruggelings geschilderd meisje komt herhaaldelijk terug bij Delvaux. Een van die schilderijen draagt zelfs de veelzeggende titel "Eenzaamheid".

KMSK / Paul Delvaux Foundation

"Ik heb een stille, vredige scène geschilderd", zo beschreef hij "Avondtrein". "Want in bepaalde omstandigheden ben je altijd alleen". Het werk van de introverte man die Paul Delvaux was, laat zich graag verleiden tot psycho-analytische verklaringen. Al is het maar omdat hij zijn hele leven naakte vrouwenlichamen bleef schilderen. ‘Een schilderij is een schilderij’, was zijn antwoord. Toch liet hij zich zelf vaak uitdagen tot lezing van zijn eigen werk. 

De onbereikbare verloren liefde

Altijd opnieuw komt de relatie met zijn dominante moeder terug. Ze had een verstikkende invloed en prentte hem angst voor de buitenwereld in, voor vrouwen en wellust. ‘Ik ben gedurende vele jaren heen en weer geslingerd tussen de smakelijke wellust van Venus en de doorzichtige zuiverheid van de Heilige Maagd Maria.”, zei Delvaux daarover. “Ik was onwennig tegenover vrouwen en bleef bedroefd op afstand."

Op aansturen van zijn moeder verbrak Delvaux de relatie met zijn jeugdliefde.  Is het eenzame meisje op het perron een herinnering aan deze onbereikbare verloren liefde? "Avondtrein" lijkt een emotionele tijdmachine die de  toen bijna 60-jarige Delvaux terugvoerde naar impressies uit zijn jonge jaren. Met zijn fascinatie voor treinen en stationsgebouwen kon hij geen betere plek vinden dan de vredige stilte van een verlaten station bij avond. 

Modellen en maquettes

Met uitzondering van zijn beginperiode heeft Paul Delvaux nooit op locatie geschilderd. Hij bracht in zijn atelier de motieven samen die hem passioneerden en creëerde daarmee een nieuwe vreemde wereld. Niets was zoals het was bij Delvaux. Met strenge lijnen bracht hij heterogene elementen samen in een totaalbeeld: Griekse zuilen, blanke naakten, barre landschappen, statige woningen, lege straten en veel stations en treinen.

Sommige gebouwen of treinen werden met veel detail geschilderd, maar weken op bepaalde onderdelen dan toch weer af van het origineel. De echte modellen stonden in het atelier van Delvaux: de eigen verzameling miniatuurtreinen, maquettes van huizen en stations en zelfs skeletten.

Het station "Watermael"

Paul Delvaux woonde in de Klokjeslaan in Watermaal-Bosvoorde toen hij "Avondtrein" schilderde. Toen Delvaux er zich vestigde groeide snel een residentiële wijk rond grootstad Brussel. De wijkarchitectuur met de bakstenen rijhuizen en witte strepen of de witgeverfde woningen met rode daken komen op vele doeken terug.

Het nabijgelegen station ‘Watermael’ langs de lijn Brussel-Namen inspireerde "Avondtrein" en een ware trein- en tramperiode in zijn schilderscarrière. Al maakte hij nooit volledig exacte reconstructies van bestaande stations. Het stationsgebouw van Watermaal ontworpen door architect EJ Robert dateert uit 1884. Klassiek bevatte het ontwerp een lokettenhal samen met een aaneengrenzende  privéwoning van de stationschef. In 1906 mocht ‘Watermael’ zelfs de eerste publieke telefoon in België verwelkomen. Dankzij de renovatie van 1999 kwamen de rode bakstenen met witte strepen terug en kreeg het station zijn oude glorie weer. Aan de spoorzijde kwam een overhangende markies met ijzerwerk zoals Delvaux het graag minutieus schilderde. Aan de straatkant werden Delvauxs geliefde zwarte lantaarnpalen geplaatst. 

Zwanger van licht

Bij avond en met brandende spoorlichten is de dromerige sfeer van ‘Avondtrein’ en de geest van Paul Delvaux terug in Watermaal. Vele van de rode en witte huizen liggen nog in de buurt, in de Winterkoninkjesstraat of de Arcadenstraat. Soms zijn ze authentiek, vaak hebben ze hun glorie verloren. "Zo'n huis heeft tenminste een ziel", vond Delvaux. "Niets is echter en raadselachtiger dan een huis dat alles tegen zich heeft". De kenmerkende witte strepen van deze woningen worden in Watermaal in elk geval nog steeds ‘speklagen’ genoemd.

Al lang verdwenen uit het station van Watermaal zijn de enorme telegraafpalen met massaal veel porseleinen isolatoren. In de loop van de twintigste eeuw was de behoefte aan elektriciteit en communicatie zodanig toegenomen dat palen vaak overbelast werden met draden. Paul Delvaux was van kindsbeen af geïntrigeerd door telegraafpalen. "Ik hield altijd mijn oren tegen de palen", vertelde hij ooit. "Ik had gehoord dat het stemmen waren die langskwamen".

De openbare ruimte had in zijn tijd trouwens een buitengewone mix van lichtbronnen: gas, kaars, petroleum en de nieuwkomer, elektriciteit. Delvaux had dat flinterdunne streepje maan op "Avondtrein" niet nodig om zijn schilderij zwanger te maken van licht.

"Avondtrein" van Paul Delvaux hangt in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Brussel