De Aarschotstraat op een autovrije zondag in 2010. BELGA/BOGAERTS

Deel van Brusselse Aarschotstraat  krijgt oude naam van voor de Eerste Wereldoorlog terug

Een van de beruchtste straten van het land, de Brusselse Aarschotstraat, verandert van naam. Tenminste het noordelijke deel ervan. Dat krijgt de naam terug die de straat voor de Eerste Wereldoorlog droeg.  

De gemeenteraad van Schaarbeek heeft het plan goedgekeurd om het noordelijke deel van de Aarschotstraat een andere naam te geven.

De Aarschotstraat ligt vlak naast het Brusselse Noordstation en vormt een centrum van prostitutie. Je vindt er de ene vitrine na de andere met schaarsgeklede vrouwen. Behalve door de drukte voor de vitrines komt de straat regelmatig in het nieuws voor zwerfvuil, drugshandel en gevechten tussen bendes.  

Maar dat geldt enkel voor het deel van de Aarschotstraat naast het eigenlijke station. Het stuk ten noorden van het kruispunt met de Koninginnelaan is daarentegen een rustige, onopvallende woonbuurt.

Kwalijke reputatie

Wijzigingen van straatnamen zijn meestal niet populair, maar ditmaal zijn het de inwoners zelf die aandrongen op een naamsverandering. Ze zijn de kwalijke reputatie van hun straat meer dan beu. De eigenaar van een winkeltje krijgt voortdurend mensen over de vloer die vragen waar de rosse buurt is. Hij durft ook zijn kinderen niet op straat te laten spelen.

Inwoners zeggen dat ze scheef worden bekeken als ze, bijvoorbeeld voor een sollicitatie, hun adres moeten opgeven. Een drukkerij in de straat moest ervaren dat sommige klanten liever niet wilden komen vanwege het adres. Dat werd zo gênant dat de drukkerij nu het adres gebruikt van een aangrenzend gebouw in een andere straat. 

Martelaarsstad

Het noordelijke deel van de Aarschotstraat heet vanaf juni opnieuw Keulenstraat. Dat is de naam die de straat tot de Eerste Wereldoorlog droeg.  Maar vanwege de zeer anti-Duitse houding die er meteen na de oorlog heerste, werd die naam in 1919 gewijzigd.

De nieuwe naam verwees naar Aarschot, de stad die vreselijk geleden had door de Duitse inval in augustus 1914. Toen werden zo'n 170 burgers gefusilleerd en de stad werd in brand gestoken. Aarschot gold daarom als "martelaarsstad".

Het is niet de enige Brusselse straat die na de Eerste Wereldoorlog haar naar Duitsland verwijzende naam verloor. De Dinantstraat in het centrum heette vroeger Beierenstraat en de Munchenstraat in Sint-Gillis werd omgedoopt in Andennestraat. Ook Dinant en Andenne zijn martelaars­steden uit 1914.

Die naamsveranderingen zijn geen typisch Brussels of Belgisch fenomeen. Heel wat landen die tijdens de Eerste Wereldoorlog tegen Duitsland vochten, hebben de toen al te "Duitse" straatnamen omgedoopt. Tot in Australië en Canada toe. Daar hebben zelfs steden een andere naam gekregen. 

De Keulenstraat werd rond 1840 aangelegd naast de toen nog jonge spoorlijn. Er werd toen hard gewerkt aan een spoorverbinding tussen Brussel en Keulen, die van zeer groot economisch belang zou zijn.