Video player inladen ...

Tien jaar windenergie op zee: België is bij grootste vijf spelers ter wereld

Premier Michel is vanochtend op zee het zesde Belgische offshore windmolenpark gaan inwijden. Tien jaar nadat de eerste 6 windturbines van pionier C-Power voor onze kust zijn verschenen, is de Belgische offshorecapaciteit uitgegroeid tot een van de grootste ter wereld. 

Bijna 300 turbines staan er intussen, goed voor ruim 1.186 megawatt vermogen. Samen maken ze al flink meer stroom dan onze kleinste kernreactor, bijna 5% van alle geproduceerde stroom in ons land.

Met die 1.186 MW behoort België tot de top 5 in de wereld. De Britten staan op plaats nummer 1, Duitsland op 2, op enige afstand gevolgd door een pelotonnetje met daarin China, Denemarken en ... België. We hebben de afgelopen jaren zelfs de Nederlanders ingehaald, die vlak na België op plaats 6 staan.

“België staat wereldwijd op de vijfde plaats met zijn offshore windmolenparken, mijlenver voor de VS

Het Belgische offshore windmolenkapitaal zal de komende jaren alleen maar groeien. Het zesde park, Norther, waarvan premier Michel nu de eerste turbines officieel op gang heeft gezet, is momenteel in volle aanbouw. Nog eens 370 MW komt er dan bij. Dat zorgt voor een pak CO2-besparing. Windturbines zijn momenteel de beste energietechnologie om de klimaatopwarming tegen te gaan.

De parken groeien

Tegen 2020 zullen er nog drie parken worden bijgebouwd. Dan zullen de Belgische offshore turbines al de elektriciteit van één grote kernreactor kunnen leveren. Die negen parken liggen aan onze Oostkust, grofweg voor Zeebrugge en Knokke tussen de 20 en 50 kilometer ver op zee.

Maar daarmee is het nog niet gedaan. De regering-Michel tekende intussen een nieuwe zone uit, voor de Westkust, waar ruim 1800 MW bij zal komen. Dan zullen we een park hebben van 4000 MW, goed voor de elektriciteitsproductie van twee grote kernreactoren, genre Doel 3 en Tihange 2.

De subsidies dalen

Ook met de subsidies gaat het de goede kant uit. Waar de eerste 9 parken oorspronkelijk 16 à 17 miljard euro ondersteuningen nodig zouden hebben, slaagde de regering-Michel er intussen in daar 5 miljard af te halen. Nog 12 miljard subsidies, dus.

De eerste 9 parken zullen vermoedelijk 12 miljard euro ondersteuning nodig hebben, bij de laatste wordt dat mogelijk 0 euro

Maar de verwachting is dat het met de parken aan de Westkust een heel pak lager zal zijn. Die parken zullen worden geveild: de projectontwikkelaar die het goedkoopste bouwt (en dus het minste subsidies vraagt) zal de concessie krijgen. Het systeem is al in Nederland, Duitsland en Denemarken toegepast. Daar zijn intussen al concessies toegekend die geen cent ondersteuning meer vragen: 0 euro dus. Dat is een ronduit spectaculaire daling.

De ruimte krimpt

Maar met de nieuwe zone aan de Westkust is de plaats voor extra windturbines in het Belgische gedeelte van de Noordzee zo goed als op: we hebben gewoon geen ruimte meer. Onze territoriale wateren worden namelijk doorsneden door zeevaartroutes en onderzeese kabels. Verder zijn er nog de gebieden toegewezen aan de zeevisserij, naast sectoren die gereserveerd zijn voor zandwinning of voorbehouden als natuurreservaat.

Ruimte voor nieuwe windmolenparken is er dus niet meer, maar je kan de windmolens wel groter, krachtiger en efficiënter maken. Het is inderdaad zo dat de windturbines de afgelopen jaren spectaculair in grootte en vermogen zijn gestegen. En ze zullen dat nog doen, waardoor er met minder windmolens toch nog meer stroom kan worden gemaakt. 

Groei windturbines: oplossing voor plaatstekort

De kabels zijn te kort

Er is evenwel nog een hindernis die de groei van de windmolenparken kan vertragen: aan de Westkust liggen er niet genoeg hoogspannings­verbindingen om de stroom van de nieuwe parken naar het binnenland te transporteren. Hoogspanningsnetbeheerder Elia moet een gloednieuwe lijn leggen dwars door West-Vlaanderen en Henegouwen. Alleen al de vergunningen voor die nieuwe lijn kunnen jaren aanslepen. Er is dus haast mee gemoeid.

Maar het kan. Ook aan de Oostkust moest Elia een kleinere nieuwe lijn leggen. Dat zorgde weliswaar voor een vertraging in de bouw van de eerste windmolenparken, maar toch verwacht iedereen dat de 9 parken nog tegen 2020 klaar kunnen zijn. Het einde van de groei in de offshoresector is alleszins nog niet in zicht.

Bekijk hieronder het verslag van "Het Journaal":

Video player inladen ...