Schoenen Torfs en IT-bedrijf Easi mogen zich ook in 2019 "greatest place to work" noemen

Het begint eentonig te worden - al voor het tiende jaar op rij krijgt het familiebedrijf van Wouter Torfs de titel van werkgever van het jaar. En het is al de vijfde keer dat de lijst van de kleinere organisaties wordt aangevoerd door het Leuvense IT-bedrijf Easi. Wat is het geheim van deze twee bedrijven? Waarom staat hun personeel 's morgens met plezier op om te gaan werken?

In de Docks Dome Event Hall in Brussel maakt het Great Place to Work Institute Belgium vanavond de namen bekend van de twintig organisaties die dit jaar tot Best Place to Work zijn uitgeroepen. De titel, vroeger ook bekend als Werkgever van het Jaar, is het resultaat van een onderzoek dat Great Place to Work elk jaar in ons land voert in samenwerking met Vlerick Business School.

Great Place to Work heeft in totaal 48.000 werknemers bevraagd en het HR-beleid van 130 bedrijven tegen het licht gehouden. De bevraging onderzoekt hoe medewerkers op de werkplek vertrouwen, trots en collegialiteit ervaren. De antwoorden op deze vragen wegen zwaarder door dan het HR-onderzoek, twee derde van de eindscore wordt bepaald door de resultaten van de eigen medewerkers. 

Het resultaat is een rangschikking van tien grote en en tien kleinere organisaties, een mix van bedrijven die actief zijn in IT of HR, food of non-food verkopen, uitvaarten verzorgen en voor het eerst ook een farmaceutisch bedrijf. Opvallend - de twee lijsten verschillen nauwelijks van die van de vorige jaren.

"Hier voelen wij ons thuis"

Professor Anja Van den Broeck is expert management en motivatie aan de KULeuven. Ze stelt met ons vast dat Great Place to Work 2019 een jubileumeditie is voor zowel Torfs als Easi. Van den Broeck kent de twee bedrijven, ze weet wat hun waardenkader is en hoe ze dat in de praktijk brengen.

"Ik denk dat je kan zeggen dat in die twee bedrijven mensen echt gezien worden als mens. Ze vinden er een echte thuis. De stichter van Easi heeft het bijvoorbeeld over liefde voor zijn medewerkers. Dat klinkt misschien wat overdreven, maar uiteindelijk gaat het erover je plek op het werk te kennen en goede professionele relaties op te bouwen.

Dat geldt trouwens voor alle great places to work.  Omdat in het onderzoek de scores van de medewerkers zwaarder doorwegen dan de HR-bevraging kan je besluiten dat de werknemers ervan overtuigd zijn dat ze een fijne werkplek hebben, dat ze er dingen kunnen doen die ze goed kunnen, dat ze zichzelf kunnen zijn. Ze voelen zich ook rechtvaardig behandeld en ze zijn trots op hun team en hun organisatie."

Hoe krijgt het management dat voor mekaar, zo'n positieve sfeer? Van den Broeck: "dat zit in hele kleine dingen - een verjaardagskaartje sturen, contact opnemen met een medewerker die ziek thuis is of na een periode van afwezigheid informeren wat er gebeurd is. Zulke attenties zijn veel waardevoller dan elk jaar de relaties te evalueren tijdens een functioneringsgesprek."

Meten is weten

Elk jaar zijn er meer bedrijven die meedingen naar de titel van Werkgever van het jaar, deze keer dus 130. Wie eraan begint, blijft meestal meedoen, zegt Robbyn Schoebben van Great Place to Work. "De organisaties betalen, afhankelijk van de grootte van het bedrijf, tussen de 5.000 en de 10.000 euro voor het onderzoek. De analyse is een goede leidraad , sommige doen om de twee jaar mee en passen tussen twee onderzoeken in hun bedrijfsstrategie aan op basis van de resultaten."

Van den Broeck bevestigt: "Meten is weten, het is voor een bedrijf belangrijk om de goede en de slechte punten in kaart te brengen, om te zien waar ze goed bezig zijn en wat voor verbetering vatbaar is. En doordat het een wedstrijd is, met resultaten die publiek worden gemaakt kan het misschien bedrijven die minder focussen op een aangename werkplek wakker schudden.

Die denken dan: Torfs al tien jaar, Easi al vijf jaar! Er moet dan toch iets zijn dat medewerkers kan motiveren, hoe doen die bedrijven dat? De wedstrijd kan dus bedrijven stimuleren om ook te focussen op werkbaarheid. Een goede zaak als je weet dat volgens een onderzoek van de Serv (Sociaal-economische Raad Vlaanderen) maar de helft van de jobs in ons land werkbaar is bevonden."

Meest gelezen