Lokale sociale media in opmars: "We willen de betrokkenheid tussen buurtbewoners vergroten"

Regionale onlinegemeenschappen krijgen alsmaar meer leden. Het totaal aantal actieve leden van platformen als Hoplr en Postbuzz verviervoudigde gedurende de laatste twee jaar. De platformen werken samen met verschillende steden en gemeenten om makkelijker hun inwoners te bereiken. Tegelijkertijd willen ze de betrokkenheid tussen buurtbewoners vergroten. 

Met zo’n 185.000 actieve gebruikers in Vlaanderen, verspreid over verschillende platformen als Hoplr en Postbuzz, zijn de regionale "online communities" in opmars. Deze communities dienen als sociaal online platform, vergelijkbaar met Facebook of Twitter, waar mensen zelf berichten kunnen plaatsen en ook berichten krijgen uit hun specifieke regio. “We willen de betrokkenheid tussen buurtbewoners in steden en gemeenten verbeteren”, zegt Jennick Scheerlinck, oprichter van Hoplr. 

Privacywetten

Hoplr werkt samen met verschillende grootsteden als Mechelen, Gent, Brugge en Leuven. Zo kunnen gemeenten en steden makkelijk hun inwoners bereiken. "Door het sturen van pushberichten over verkeersproblemen of algemene oproepen zijn inwoners sneller op de hoogte van wat er in hun gemeente aan de gang is. Inwoners kunnen op die berichten reageren, maar hun eigen berichten of conversaties blijven afgeschermd", verduidelijkt Scheerlinck. 

De kritiek die Facebook kreeg over data en privacy willen we absoluut vermijden
Stefan Seghers, woordvoerder Postbuzz

Advertenties zijn uit den boze, dataverzameling en –verspreiding ook. Daarmee onderscheiden de regionale platformen zich van de andere, grote socialemediaplatformen. “De kritiek die Facebook kreeg over data en privacy willen we absoluut vermijden. “Mensen kunnen bovendien zelf kiezen wat ze te zien krijgen en wat niet", zegt Stefan Seghers, woordvoerder van Postbuzz. "Gebruikers krijgen niet alleen berichten van elkaar te zien, maar ook artikels of zoekertjes. Dat kiezen ze allemaal zelf."

"Ge zijt van..."

Ondanks de sterke toename in inschrijvingen, zullen soortgelijke platformen wellicht nooit de plaats van de grote sociale media innemen. "Zulke platformen werken ook met een heel andere logica", verduidelijkt Michael Opgenhaffen, professor sociale media aan de KU Leuven. "Maar de socialemediareuzen zoals Facebook, Instagram en Twitter vervullen verschillende functies, zowel op het hyperlokale als op het globale niveau. Ze doen dienst als nieuws-, informatie- en communicatieplatform."

Hoewel de actieve invulling van Facebook er de laatste jaren op achteruit ging - gebruikers scrollen meer door het nieuwsoverzicht, zonder berichten te plaatsen - tonen sommige Facebookgroepen aan dat er nog behoefte is aan meer betrokken platformen. Dat ziet professor Opgenhaffen ook. "Hoplr en Postbuzz leggen de focus op het hyperlocale netwerk, waarmee ze aan een bepaalde behoefte voldoen. Populaire Facebookpagina's als "Ge zijt van..." - waar mensen graag actief in discussie gaan met elkaar -  tonen dat er nog wel vraag is naar een meer actieve invulling van sociale media. Als je zulke platformen beter kan organiseren, loont dat zeker."