De politiek, de media, justitie en politie, allemaal hebben ze de slachtoffers van tienerpooiers aan hun lot overgelaten

Gisteren hebben in "Pano" jonge meisjes getuigd over hoe ze verstrikt raakten in het web van tienerpooiers. Naar aanleiding van die reportage vroegen John Crombez (SP.A) en Zuhal Demir (N-VA) in "De afspraak" dringend betere opvang voor de slachtoffers. "Voor het eerst in jaren kreeg ik het gevoel dat deze problematiek haar plaats heeft gekregen in het publieke debat", reageert Klaus Vanhoutte, directeur van Payoke. "Eindelijk! Van bloed, zweet en tranen gesproken."

opinie
Klaus Vanhoutte
Directeur van Payoke, het centrum voor de opvang en begeleiding van slachtoffers van mensenhandel.

Ja, het gebeurt in België, en ja, het is niet nieuw. Verre van. In 1998 trok Payoke aan de alarmbel. We zijn 21 jaar later. Honderden minderjarige meisjes zijn in die tijdspanne op een afschuwelijke manier de vernieling ingejaagd. Als ze dan op hun 22e of 23e op onze radar verschenen, waren het nog zieltogende, gebroken hoopjes mens. Met amper kans op herstel. Een leven gereduceerd tot overleven. De meisjes die gisteren de moed hebben opgebracht te getuigen waren nog niet geboren, toen de eerste wanhopige gevallen aan onze poort aanklopten. Waar denk je trouwens dat in de meeste gevallen hun kinderen terecht zijn komen? 

De politiek, de media, justitie en politie, allemaal hebben ze die kinderen aan hun lot overgelaten met als excuus dat die meisjes nu eenmaal zo waren en het in wezen zelf zochten.

Maar we moeten de frustratie die voortvloeit uit die jarenlange ontkenning van ons afschudden en eerlijk blijven. Het was niet alleen de jeugdzorg die het probleem al die jaren heeft genegeerd en geminimaliseerd. De politiek, de media, justitie, politie en samen met hen alle officiële instituties in dit land hebben dit net zo goed gedaan. Laten we in dit alles niet telkens dezelfden met de vinger wijzen.

Allemaal hebben ze die kinderen aan hun lot overgelaten met als excuus dat die meisjes nu eenmaal zo waren en het in wezen zelf zochten. Een eenzaat die het Gentse parket in 2012 de eerste tienerpooiers als mensenhandelaars veroordeeld kreeg niet te na gesproken. Niet dat daar toen één artikeltje over is verschenen. Vandaag vallen de experts niet alleen van achter het behang, ze vallen ook nog over elkaar heen. Het kan verkeren. Dus, laten we vooral eerlijk blijven voor we ons met z’n allen op het witte paard hijsen. 

Warm water niet opnieuw uitvinden

Maar ik ben ook blij. Het systeem beweegt, nog niet met overtuiging, maar Rome is naar verluidt ook niet op één dag gebouwd. Maar goed, waar staan we nu? In september 2018, jawel 2018, heeft Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen (CD&V) zijn hielen in het zand geplant en formeel gesteld dat slachtoffers van tienerpooiers slachtoffers van mensenhandel zijn. Iets wat ze wettelijk gezien al altijd geweest zijn. Ze hebben recht op wat elk ander erkend slachtoffer van mensenhandel al sinds 1995 krijgt. 

En nu komt het. Al 24 jaar bestaan er drie erkende organisaties in dit land waar slachtoffers van mensenhandel aangemeld moeten worden. Het zijn Payoke in Antwerpen, Pag-Asa in Brussel en Sürya in Luik. Die organisaties moeten erop toezien dat elk slachtoffer een onderdak in een aangepaste shelter, gespecialiseerde psychosociale begeleiding, juridische ondersteuning, medische ondersteuning, psychologische ondersteuning en administratieve ondersteuning krijgt. Een begeleiding die trouwens gemiddeld tussen de drie à vijf jaar duurt. Ondertussen is dit 24 jaar expertise met die specifieke doelgroep.

We moeten het warm water heus niet opnieuw uitvinden. Het concept mensenhandel enerzijds, en hoe men een slachtoffer van de tienerpooiermethode moet opvangen en begeleiden anderzijds, mag dan vrij nieuw zijn voor sommigen, voor die drie erkende organisaties in dit land en de partners binnen het multidisciplinaire model waarin zij functioneren is dit allerminst het geval.

Gelukkig wordt dit ondertussen ook door heel wat instellingen erkend. Sinds ons mandaat in Vlaanderen door minister Vandeurzen werd uitgebreid en de instellingen ertoe aangezet worden mogelijke slachtoffers aan te melden, kunnen en mogen we eindelijk onze ervaring ook aanwenden voor minderjarigen en delen met die instellingen. 

Welke opvang?

Ook hier is enige nuancering nodig. Ik heb zelden meer authentieke betrokkenheid ervaren als bij de talloze begeleiders en opvoeders die ik de afgelopen jaren heb mogen ontmoeten. Maar zij moeten functioneren binnen een groot systeem van kaders allerhande en zich aan de regels houden. Grote systemen staan nu eenmaal niet bekend voor hun grote flexibiliteit. Al dient gezegd dat er al heel wat instellingen een eigen koers varen. Waarmee ik bedoel, mensen op de vloer weten heus wel wanneer het fout gaat met een kind, maar ze moeten natuurlijk ook de middelen en de informatie krijgen om er concreet iets aan te doen. 

Laten we de controle die de dader heeft over zijn slachtoffers niet onderschatten. 

En hoe zit het nu met de opvang? Wel, voor de meesten is het ondertussen duidelijk dat er sprake moet zijn van een gespecialiseerd aanbod dat het kind door de verschillende fases van zijn herstel heen kan ondersteunen. Moet er in dat aanbod sprake zijn van een gesloten opvang? Wellicht, maar dan wel met aangepaste begeleiding voor deze specifieke problematiek. Laten we de controle die de dader heeft over zijn slachtoffers niet onderschatten. Maar er moet net zo goed sprake zijn van overgangsverblijven om ten slotte te eindigen bij initiatieven zoals de vzw Ne(s)t.

Er is niets dat ons ervan weerhoudt om een dergelijk gespecialiseerd parallel traject te ontwikkelen binnen de structuren van de jeugdzorg. Ook hier moeten we het warm water niet uitvinden. Ondertussen is dat het pad dat we vanuit de Stuurgroep Tienerpooiers aan het bewandelen zijn. Laten we nu maar met z’n allen hopen dat het geen jaren zal duren voor zo'n traject het daglicht ziet.

Tot slot hoop ik net zo goed dat we beginnen in te zien dat dit niet louter een Antwerps probleem is, het is niet eens slechts een Vlaams probleem.