2018 was een jaar van veel meer klachten en van ook wat minder

Deze week stelde de Vlaamse ombudsman zijn jaarrapport voor, traditioneel zit daar ook een stukje over VRT bij en dus een stukje over de nieuwsombudsman. De vraag naar interactiviteit blijft toenemen en dus ook de vraag naar uitwisseling met de nieuwsombudsman. In totaal mocht ik in 2018 5.000 mails ontvangen. Drie keer meer dan het vorige (nog onvolledige) jaar. Een kleine 3.000 daarvan uitten een of andere ontevredenheid over een journalistieke keuze van VRT NWS. Meer dus, maar er was ook minder.

Relatief minder site, relatief meer "Het Journaal"

2018 was daarom een jaar van méér.  Drie keer meer dus. Ook de onderwerpen van die klachten werden nog breder. Waren de klachten vorig jaar nog vooral afkomstig van mensen die de site bezochten, dan kwamen ze dit jaar ook in hogere mate van televisiekijkers. Bij de televisiekijkers vormen de kijkers van "Het Journaal" logischerwijze de grootste groep.

Eén uitzending, één artikel, één burger

Maar de klachten blijven wel enorm divers. Het merendeel gaat over één burger die contact opneemt voor één uitzending of artikel waar verder niemand zich aan heeft gestoord. Precies die disparaatheid bewijst ook dat de pure aantallen een beetje gerelativeerd moeten worden. De burger wil erg graag iets opmerken over wat hem persoonlijk is opgevallen. Maar het is niet zo dat er honderden mensen reageren op dezelfde schandelijke vergissingen. Ja zeker, de klachten zijn verdrievoudigd, maar verder is het erg moeilijk om grote lijnen te trekken en wat dan precies ontevredenheid triggert.

Nauwkeurigheid blijft vaak terugkomen, ook al is het relatieve aandeel ervan lichtjes gedaald. Ik blijf zeggen dat VRT NWS mediagebruikers die op (vaak kleinere) fouten wijzen dankbaar moet zijn. De journalist wordt eraan herinnerd dat ook details juist moeten zijn. Het aanbod wordt er beter van. Ik wil bij dezen dus iedereen die op fouten in de berichtgeving heeft gewezen in 2018 uitdrukkelijk bedanken.

“Mijn groep is niet erkend” blijft ook een gouwe ouwe als klachtentrigger. En dan kan het net zo goed gaan over “de jagers” als groep, als over een politieke overtuiging. Dat de VRT “te links” is, maar ook “te rechts” zijn uiteraard ook gouwe ouwes. Maar opvallend, net op dat punt is 2018 dus ook een jaar van “minder”.

Het aandeel partijdigheidsklachten daalt

De klachten zijn in het algemeen toegenomen, maar klachten over partijdigheid zijn relatief gesproken gedaald. (Van 31% in 2017 tot 26 % in 2018.) In een verkiezingsjaar heeft me dat eigenlijk wel verrast, al was het ook vorig jaar al een vaststelling dat partijdigheidsklachten vaak helemaal niet gaan over de pure Wetstraatverslaggeving bij VRT NWS. 

Partijdigheidsklachten gaan meer dan je zou denken over buitenlandverslaggeving en de algemene verslaggeving, en met name wanneer die verslaggeving over controversiële onderwerpen handelt, zoals de verkiezing van de Amerikaanse president Donald Trump of een onderwerp als vluchtelingen en migranten. Ik heb in vorige columns al betoogd dat het wantrouwen tegenover de verslaggeving vaak hand in hand gaat met het polariserende karakter van het onderwerp.

Een lager aandeel voor buitenland en algemene verslaggeving

Het aandeel klachten is met name gedaald voor de buitenlandberichtgeving (van 28% naar 22%)  en voor de algemene verslaggeving (van 36,7% naar 18%). Ik heb mijn rol als bemiddelaar met het grote publiek ook echt wel willen opnemen en ik heb dus heel wat discussie aangevuurd op de redactie. Met workshops en gesprekken. Dat was niet altijd prettig, maar ik heb toch ook wel een grote luisterbereidheid en interesse gevoeld voor de opmerkingen van kijkers, luisteraars en lezers. Omdat de nieuwsombudsman nog volop ontdekt wordt, is het moeilijk om het belang van cijfers precies te duiden. Maar als je net op deze categorieën, buitenland en algemene verslaggeving, gewerkt hebt, is het fijn om te zien dat hun relatieve aandeel daalt.

Waarom bericht u hier niet over?

“Selectie” als criterium is dan weer gestegen. “Waarom doet u dit niet en dat wel?” Sommige burgers wilden bij de gemeenteraadsverkiezingen meer aandacht voor hun eigen gemeente en vonden dat er te veel werd gepraat over Antwerpen. Over de verkiezingen zelf schreef ik al eerder een evaluatie.

Een bijzondere categorie zijn de Brusselse Vlamingen, die niet alleen tijdens de verkiezingen maar ook in de rest van het jaar het idee hebben dat de bijzondere regelingen die vaak voor hen gelden, niet altijd worden uitgelegd, met name in "Het Journaal". "Het Journaal" heeft natuurlijk zijn beperkingen maar minstens op de website zou daar toch wat meer rekening mee gehouden kunnen worden.

Verzwijgen

Maar ook in meer algemene termen kreeg ik in 2018 vaker de vraag “waarom VRT NWS dit verzwijgt”. Meestal is er van verzwijgen hoegenaamd geen sprake, maar soms moet ik het antwoord ook gewoon schuldig blijven. Het is lang niet eenvoudig om te reconstrueren waarom een bepaald onderwerp wel of niet werd gebracht. Het hangt af van het andere nieuwsaanbod die dag, maar ook van welke journalisten er werken en waar ze voeling mee hebben. En soms is het niet meer dan de luim van de eindredacteur die bepaald heeft waarom het ene wel en het andere de uitzending niet heeft gehaald. De waarheid is dat gewoon toeval soms ook een rol speelt.

Desinformatie

En dan zijn er de verwijten en vragen die mij worden toegestuurd op basis van desinformatie op sociale media. Vaak luidt de beschuldiging ook hier dat VRT iets zou “verzwijgen”, maar de klager wil vaak ook gewoon weten of er nu iets van aan is. Ook dat is voor de nieuwsombudsman niet altijd eenvoudig te beantwoorden. Tegelijk zou VRT NWS blij moeten zijn dat een burger zich precies tot VRT NWS richt als een toetssteen van wat klopt of niet. Voor de redactie - en voor de nieuwsombudsman - is het ondoenlijk om op alle berichten op sociale media te reageren. Maar dat neemt niet weg dat het prettig zou zijn als VRT NWS meer mensen en middelen vrij zou maken om af en toe verstandig te reageren op berichten op informatie en desinformatie op sociale media.