Klimaatverandering: de zomers in Spanje worden langer, warmer en droger

In zowat de helft van Spanje duurt de zomer opmerkelijk langer dan begin de jaren tachtig. Dat blijkt uit cijfers van het Spaanse instituut voor meteorologie Aemet. Meer zon, meer warmte en meer streken die te kampen hebben met grote droogte.

Vijf weken langer duurt de zomer in grote Spaanse gebieden, als je vergelijkt met begin de jaren tachtig. Per decennium komen er in het hele land ongeveer vijf zomerse dagen bij. Maar in delen van Spanje en Portugal is het verschil nog groter. Dat is onder meer het geval aan het noordelijke deel van de Middellandse Zee. De hele kuststreek van Barcelona tot Benidorm bijvoorbeeld ziet er gemiddeld elk jaar één warme, zomerse dag bij komen. 

De zomer in Spanje begint duidelijk vroeger dan voorheen

Spaans weerkundig instituut

Dat heeft niet alleen prettige kanten. Ook het aantal tropische nachten, waar de temperatuur nooit daalt onder de 20 graden, neemt toe. Dat bedreigt de kwaliteit van de slaap en de gezondheid. Dat is zeker het geval in grote steden, zoals bijvoorbeeld Madrid, waar zogenaamde "warmte-eilanden" ontstaan. En ook de droogte bedreigt steeds grotere delen van Spanje. Zo zou er de voorbije 30 jaar een stuk land zo groot als België (dertigduizend vierkante kilometer) zijn overgeschakeld naar een "semi-aride" zone, waar dus meer droogte voorkomt en soms woestijnvorming dreigt.

Daar zijn stukken van Castilla-La Mancha bij, de streek ten zuiden en zuidoosten van Madrid. Maar ook een stuk van Andalusië en het bekken van de rivier de Ebro, meer noordelijk in Spanje, hebben er veel last van. 

De cijfers zijn afkomstig van de Spaanse databank van klimaatgegevens, die onder meer put uit informatie van 58 observatoria in het hele land.