KU Leuven gaat mee "slimme" bananen kweken

De KU Leuven heeft een akkoord getekend met Bioversity International om een van onze favoriete fruitsoorten te redden: de banaan. De universiteit wil er mee voor zorgen dat bananen in de toekomst beter bestand zijn tegen ziektes en ze willen er ook voor zorgen dat de banaan de klimaat­verandering kan overleven.

De KU Leuven heeft vandaag een overeenkomst ondertekend om de toekomst van de banaan te verzekeren. Samen met het internationale onderzoekscentrum Bioversity International willen ze overal ter wereld "slimme" bananen kweken die bestand zijn tegen ziektes en schimmels. Die bananen moeten ook de klimaatverandering kunnen overleven. Ze moeten dus tegen lange periodes van droogte kunnen. 

30 miljoen mensen afhankelijk van banaan 

De banaan is voor heel veel mensen belangrijk. Samen met rijst, tarwe, maïs en aardappelen zijn bak-, kook- en bierbananen de belangrijkste voedingsgewassen van onze planeet. Voor 30 miljoen mensen die vooral in Afrika en Azië wonen, is een banaan zelfs als voedingsbron onmisbaar. Dat vertelt professor Rony Swennen van het Laboratorium voor Tropische Plantenteelt. "De wereldbevolking groeit en dus moet ook de bananen­productie stijgen. Dat is moeilijk want er wordt doorgaans maar één soort bananen gekweekt en die heeft heel wat vijanden, denk maar aan schimmels en plagen. Om de teelt te verbeteren is er meer onderzoek nodig." 

Nieuwe soort nodig

Er is dus nood aan een nieuwe, slimme superbanaan. De KU Leuven wil meewerken om die op grote schaal te laten kweken door de boeren. Ze stellen daarvoor hun genenbank van bananensoorten ter beschikking. De KU Leuven heeft de grootste bananencollectie ter wereld. Er liggen daar meer dan 1.500 soorten wilde en eetbare bananensoorten. Die zouden sneller bij de boeren moeten geraken door dit nieuwe akkoord. 

"We stellen met de KU Leuven onze collectie ter beschikking om door boeren en onderzoekers te laten gebruiken. Wij hebben ongetwijfeld goede bananensoorten die tegen droogtes bestand zijn. Leuven kan dus die nieuwe bananen aan de boeren leveren. Maar we moeten weten of die nieuwe bananensoorten ook passen in het landbouwsysteem van de boeren en of ze wel de juiste smaak hebben. Daarom gaan we nu nog intenser samenwerken", aldus professor Rony Swennen.