EU-president Donald Tusk hoopt nog altijd dat de Britten in de Europese Unie zullen blijven

Tijdens het debat over de brexit in het Europees Parlement riep Tusk op om niet fatalistisch te worden. Hij hoopt nog altijd dat de Britten blijven. Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker verdedigde het uitstel van de brexit tot 31 oktober, maar niet iedereen was het daarmee eens.

Het is even wat stil geweest rond de brexit, maar toch boog het Europees Parlement zich vandaag in Straatsburg over de kwestie en dan vooral over het uitstel dat de Europese Raad de Britten had toegekend tot 31 oktober.

Europees voorzitter Donald Tusk vindt het nog altijd realistisch dat er uiteindelijk geen brexit zal komen. "Iedereen is de brexit moe, maar dat mag geen excuus zijn om er snel komaf mee te maken. In moeilijke tijden hebben we dromers en dromen nodig", klonk het.

Dat was niet de verwachting van Jean-Claude Juncker, de voorzitter van de Europese Commissie. Hij verdedigde het uitstel tot 31 oktober. "De EU heeft geen belang bij problemen in Groot-Brittannië", merkte Juncker op. Het uitstel geeft de instellingen "een brexitpauze", zodat ze zich kunnen concentreren op "meer positieve dossiers" zoals het afsluiten van handelsakkoorden, de aanstelling van nieuwe leiders voor de instellingen en de meerjarenbegroting voor na 2020. Het was overigens zijn laatste optreden als Commissievoorzitter in het EU-Parlement.

Een totaal ander geluid kwam van voormalig premier Guy Verhofstadt, nu liberaal fractievoorzitter in het Europees Parlement en medeonderhandelaar over de brexit. Het uitstel van de brexit zou volgens Verhofstadt de eenheid onder de lidstaten en instellingen op de proef stellen. Dat leidde dan weer tot een geïrriteerde reactie van EU-voorzitter Tusk.