Veranderen misdaadseries ons in gevoelloze monsters?

Charlotte Van Hacht schrijft over haar true crime-verslaving: verhalen van mysterieuze, vaak onopgeloste moorden. Omdat ze podcasts van dit genre verslindt, heeft ze eelt op haar ziel gekregen.

Charlotte is lid van Open VRT, de kweekvijver voor digitaal mediatalent bij VRT dat kansen creëert door met hen samen te werken. Regelmatig verschijnt een column door een jongere op de medium-pagina van Open VRT. Wekelijks publiceert VRT NWS één van die schrijftalenten.

opinie
Charlotte Van Hacht
stripkunstenaar, illustrator en schrijver

Soms gaat er een alarmbelletje af in je hoofd. Dan moet je uitzoomen en kijken naar waar je eigenlijk mee bezig bent. Mij overkwam het op een dinsdagavond.

Ik zat aan de keukentafel en kauwde rustig op nep Tuc-koeken uit de Lidl terwijl ik naar een podcast luisterde over nazidokter Josef Mengele. In de naam van rassenverbetering deed hij vreselijke experimenten op honderden jonge Joodse kinderen en baby’s.

De podcast beschreef hoe hij blauwe verf in kinderogen injecteerde (zonder verdoving) om ze arisch te maken. Toch had ik ondertussen al een half pak nep Tucs binnengewerkt zonder mijn eetlust te verliezen. Ik zag mijzelf zitten, vingers vol fluo-oranje kruimels, draadloze oortjes in mijn oren en vroeg mezelf af: "Heeft mijn true crime-verslaving me veranderd in een gevoelloos monster?".

(lees verder onder de afbeelding)

illustratie door Charlotte Van Hacht

Mijn luistergedrag een verslaving noemen, is niet eens zo overdreven. Ik leef op een dieet van gemiddeld vier podcasts per dag en ruwweg de helft ervan gaan over moord, misdaad of bedrog. Terwijl ik op straat wandel, glimlach naar kindjes op de trein of aan mijn bureau zit te tekenen, worden in mijn oren vrouwen van kliffen geduwdechtgenotes door hun mannen vergiftigd met antivriesmiddel of liftende tieners als levende schietschijven gebruikt.

Zo verkoop ik mijn misdaadobsessie aan mijzelf: het is een manier om me te beschermen

Vroeger was ik nochtans een echte angsthaas. Toen ik vijf jaar geleden naar Serial begon te luisteren, deed ik dat met een bonzend hart en nooit wanneer ik alleen thuis was. Ik zocht foto’s op van de veroordeelde Adnan Syed en probeerde op zijn gezicht te lezen of hij zijn ex-vriendinnetje wel of niet had vermoord.

Het is ondertussen een ritueel. Zodra ik iets lees over een moord of aanslag vergelijk ik foto’s van daders, zoekend naar een zenuwtrekje, een rimpeltje dat voorspelt waar ze toe in staat zijn. Hoe beter ik ze leer herkennen, hoe veiliger ik ben. Zo verkoop ik mijn misdaadobsessie aan mijzelf: het is een manier om me te beschermen.

Na vijf jaar intensief luisteren ben ik voorbereid op elk mogelijk noodlot. Ik weet nu dat je maar beter van je partner scheidt als die je levensverzekering zomaar ineens verdubbelt. Ik leerde dat je vriendelijke mannen op krukken niet moet helpen hun koffer in te laden en dat mensen die als kind vaak op hun hoofd zijn gevallen niet te vertrouwen zijn.

Het wekelijks uurtje luchtig geklets over moord vormt volgens de podcasthosts een tegengif voor de donkere, gruwelijke wereld waarin we leven

Sinds het "Tuc-incident" geloof ik die motivatie niet meer. Die podcasts zijn als de plat gereden egel naast het trottoir waar ik tijdens het fietsen naar moet kijken, ondanks mijn walging. Terwijl serieuze mensen zich zorgen maken over Ruslands Facebook-manipulatie, moordlustige zelfrijdende auto’s of het stijgende zeepeil, ben ik nog steeds bang dat BTK ‘s nachts in mijn bed zal kruipen.

Ik blijf luisteren ondanks de ongemakkelijke gevoelens die ik heb bij de cultus die rond bepaalde podcasts is ontstaan. Fans van "My Favorite Murder" noemen zichzelf "murderino’s"en verkopen op Etsy gadgets waarop gezichten van bekende criminelen zijn geborduurd.

Het wekelijks uurtje luchtig geklets over moord vormt volgens de podcasthosts een tegengif voor de donkere, gruwelijke wereld waarin we leven. Ik vraag me af of ik me niet nog onveiliger voel dan vroeger, nu ik zoveel meer manieren ken waarop iemand me kwaad kan doen.

(lees verder onder de afbeelding)

illustratie door Charlotte Van Hacht

Aan de andere kant zijn artikels over misdaad altijd mijn manier geweest om de wereld rond me te begrijpen. Toen details van de zaak-Dutroux de pers haalden, probeerden volwassenen me te beschermen door er zo weinig mogelijk over te praten. Ondertussen gonsde de nationale angst in golven langs speeltuinen, voetbalpleintjes en bushaltes.

Mijn oma deed me zweren dat ik de straat zou oversteken bij elke geparkeerde witte camionette, maar legde niet uit waarom. Voor mij was niet weten wat er precies aan de hand was veel enger dan Dutroux zelf.

Ik denk dat mijn fascinatie daar is geboren. Ik wil mijn oren niet afwenden, want als ik alle details ken, wordt het kwaad minder griezelig. Daders blijken ook gewoon mensen die vaak liefdeloos opgroeiden. Ze zijn vruchten van een scheefgegroeid systeem.

Slachtoffers leven vaak in de marge en slippen door het net van sociale bescherming. Ze leven wat politie een "high risk lifestyle" noemt en als ze verdwijnen worden er erg vaak schouders opgehaald. Deze moordzaken houden een groteske spiegel voor en zorgen dat ik verontwaardigd blijf.

Twee dagen nadat ik de nazidokter-aflevering luisterde werd ik zwetend wakker met het minzame lachje van Mengele op mijn netvlies gebrand. Ik heb mijn nachtlampje aangeknipt, wat water gedronken, al mijn moed bij elkaar geraapt en onder mijn bed gekeken. Er zat geen SS’er. Met mijn gevoelloosheid zit het wel goed denk ik.

Meer columns van het jonge schrijftalent van Open VRT kan je lezen op hun medium.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.