ImageGlobe

Waarom forensisch onderzoek, autopsie en andere onderzoeken aangewezen zijn bij onverwachte overlijdens van zuigelingen

Wetsdokter Werner Jacobs stelde bij "Van Gils & gasten" dat de term wiegendood te veel gebruikt wordt terwijl hij niet aan de definitie voldoet. Bij grondig onderzoek kan je in veel gevallen van wat nu geregistreerd wordt als wiegendood, wel een oorzaak voor het overlijden vinden. Een delicaat thema dat veel reacties losmaakt. Voor Wim Van de Voorde, hoogleraar gerechtelijke geneeskunde en diensthoofd forensische geneeskunde, zijn forensisch onderzoek aangevuld met medische onderzoeken, absoluut aangewezen bij een plots en onverklaarbaar overlijden van een kind jonger dan 18 maanden.

opinie
Wim Van de Voorde
Wim Van de Voorde is gewoon hoogleraar gerechtelijke geneeskunde en medische deontologie aan de KU Leuven en diensthoofd forensische geneeskunde aan het UZ Leuven

Gisteren werd Vlaanderen via de media opgeschrikt door de uitspraak van collega Werner Jacobs bij "Van Gils & gasten” dat hij bijna steeds een oorzaak vindt na autopsie bij wiegendood. De gevolgtrekking dat wiegendood niet zou bestaan is vlug gemaakt en mag dan al wenkbrauwen doen fronsen, er zijn wel degelijk argumenten om elk onverwacht overlijden van een jong kind (trouwens op elke leeftijd) grondig te onderzoeken.

De term "wiegendood" wordt immers te pas en te onpas gebruikt. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) mag men enkel besluiten tot (echte) wiegendood (het zogenoemde SIDS of "Sudden Infant Death Syndrome") wanneer de oorzaak waarom een kind jonger dan 1 jaar plots is komen te overlijden in zijn bedje niet is gevonden na grondig onderzoek met autopsie. Dus zonder autopsie is de diagnose van wiegendood niet mogelijk.

Wat er juist misgegaan is bij zo’n "echte" wiegendood blijft tot vandaag onduidelijk. Er wordt onder meer gedacht aan onrijpe hersenen (bijvoorbeeld na premature geboorte) en aangeboren (erfelijke) hartritmestoornissen. Daarnaast blijkt niettemin uit autopsieën op zogenoemde wiegendoden dat volgens de literatuur in 15 procent een aantoonbare oorzaak wordt gevonden, zoals aangeboren (hart)afwijkingen en infecties (zonder enig ziekteteken voordien), maar ook verstikking, accidenteel of intentioneel.

Veilige slaapomgeving

Uit eigen vaststellingen op een reeks van 25 door onze dienst forensisch onderzochte "wiegendoden" werd in 8 gevallen de diagnose van (echte) wiegendood (SIDS) weerhouden. In 7 gevallen (28 procent) konden we accidentele verstikking aantonen door het samenslapen in het ouderlijke bed met versmachting door druk van een (slapende) volwassene (zogenoemde overlaying) of door afsluiten van mond en neus door een zacht voorwerp (bijvoorbeeld een zacht kussen) of door inklemming van het gezichtje (zogenoemde wedging).

Het zijn dramatische toestanden waarbij goedmenende ouders zich vaak van geen kwaad bewust zijn. Vandaar dat het uitermate belangrijk is dat jonge ouders op het hart moet worden gedrukt te zorgen voor een veilige slaapomgeving: nooit op de buik te slapen leggen, gehomologeerd bedje in originele staat gebruiken, zo weinig mogelijk voorwerpen in het bedje leggen (zeker geen grote zachte kussens of knuffels…). Sinds eind jaren 1980 wordt hier meer en meer aandacht aan besteed en is het aantal geregistreerde wiegendoden drastisch gedaald, maar deze aanbevelingen moeten blijvend herhaald en verbeterd worden.

Uitzonderlijke gevallen

Daarbuiten hebben we helaas ook te maken met uitzonderlijke gevallen van doding door smoring (bijvoorbeeld door drukken van gelaat in het kussen), vergiftiging met drugs, en niet-accidenteel schedelhersentrauma (zogenoemde "abusive head injury" of "shaken baby").

Het staat vast dat dergelijke doodsoorzaken zich kunnen voordoen zonder uitwendige tekens. Ze kunnen bijgevolg sterk gelijken op de (zeldzaam geworden) echte wiegendoden en slechts gevonden worden door diepgaand onderzoek.

Voor forensische artsen staat buiten kijf dat de ware toedracht enkel achterhaald kan worden door onderzoek van omstandigheden ter plaatse én autopsie, aangevuld met microscopisch, radiologisch, toxicologisch,  microbiologisch en genetisch onderzoek.

Wim Van de Voorde

Waaier aan onderzoeken

Voor artsen gespecialiseerd in forensische geneeskunde staat buiten kijf dat de ware toedracht van een onverwacht of plots overlijden van een baby enkel maar kan worden achterhaald door onderzoek van de omstandigheden ter plaatse (slaaphouding? slaapomstandigheden?) én autopsie aangevuld met microscopisch (hart-, long- of hersenvliesontsteking?), radiologisch (misvormingen, breuken?), toxicologisch (geneesmiddelen, toxische stoffen?),  microbiologisch (ziektekiemen?), en in de toekomst hopelijk ook genetisch, onderzoek.

In minstens de helft zal de ware toedracht kunnen worden gevonden en zal er per definitie geen sprake meer zijn van "wiegendood". Dan kan desgevallend aan preventie worden gedaan, kunnen vragen van de ouders en familie beantwoord worden en uitzonderlijk een misdadig opzet worden ontmaskerd.

Waarom geen wettelijke initiatieven?

Hoe komt het toch dat niet alle onverwachte overlijdens van jonge kinderen op degelijke wijze worden onderzocht? Er is nochtans sinds 2007 een "wiegendoodwet" (26 maart 2003) van kracht in België. In Nederland bestaat de "NODOK-procedure", waar helaas de verplichting tot autopsie inmiddels is opgeheven.

Het voordeel van deze wettelijke initiatieven is dat de wetgever een medisch onderzoek verplicht zonder de pijnlijke, traumatiserende, stigmatiserende en soms culpabiliserende tussenkomst van politie en justitie.

Forensisch onderzoek kan via gerechtelijke weg ouders en opvang vrijpleiten van verdenking, en meer nog, een verklaring opleveren met soms belangrijke gevolgen voor de andere kinderen of voor een kinderwens.

Wim Van de Voorde

Nadelen zijn evenwel dat weinig of geen onderzoek naar de omstandigheden ter plaatse wordt gevoerd, dat de artsen opgeleid zijn om ziekten te diagnosticeren maar geen forensische kennis en ervaring hebben, en dat autopsie geweigerd kan worden. Dan staan we natuurlijk weer bij af.

Bovendien kan het forensisch onderzoek via gerechtelijke weg ook de ouders, de onthaalmoeder, de kinderopvang vrijpleiten van verdenking, en meer nog, vaak een verklaring opleveren met soms belangrijke gevolgen voor de andere kinderen in het gezin of opvangplaats of voor de kinderwens van de ouders.

Absoluut aangewezen

Het lijdt geen twijfel dat een forensisch onderzoek met plaatsbezoek en autopsie absoluut aangewezen zijn bij elk onverklaard overlijden van een zuigeling. Vooroordelen tegen autopsie moeten door correcte voorlichting worden weggewerkt en een juiste empathische aanpak vergt de nodige kennis, communicatie en een zorgvuldige, neutrale houding.

Waarom voor die enkele tientallen onverwachte overlijdens bij kinderen jonger dan 18 maanden niet van bij aanvang de forensische patholoog inschakelen? Deze arts-specialisten beschikken bij uitstek over de nodige kennis en kunde om de ware toedracht te achterhalen waar zowel de ouders en familie als de maatschappij enkel maar wel bij kunnen varen. En ook het plots afgebroken jonge onschuldige leven heeft alle recht op de waarheid…

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.