Video player inladen...

Brussels minister Smet wil metro naar Groot-Bijgaarden: "Maar Ben Weyts is tegen"

"Ben Weyts is tegen." Dat is het antwoord van Brussels minister voor Mobiliteit Pascal Smet (SP.A) op de vraag waarom er geen trams vanuit Brussel naar de gemeenten in de Vlaamse rand rijden. Pogingen om de metrolijn naar Simonis te verlengen tot Groot-Bijgaarden worden volgens Smet geblokkeerd door de Vlaamse regering. 

Tot de verkiezingen stuurt "De zevende dag" elke week twee politici met elkaar op date. Deze week zitten Pascal Smet en Hendrik Bogaert (CD&V) met elkaar aan tafel. De één is bevoegd voor de Brusselse tunnels, de ander staat er vaak in vast met de auto. Mobiliteit in Brussel kan en moet beter vinden ze allebei. 

Of er dan geen tramlijnen kunnen worden verlengd tot de Brusselse rand, vraagt Bogaert? "Ben Weyts (Vlaams minister voor Mobiliteit, N-VA) is tegen", zegt Pascal Smet. "Men ziet dat als een uitbreiding van Brussel, maar eigenlijk is het gewoon een manier om comfort aan te bieden. Je auto parkeren in Groot-Bijgaarden en 20 minuten later sta je in Kunst-Wet."

(lees verder onder het fragment waarin Ben Weyts ter sprake komt)

Video player inladen...

Maandag Nederlandsdag

Maar mobiliteit is niet het enige wat beter kan, vindt Bogaert. "Vlamingen in Brussel moeten 1 dag per week alleen Nederlands spreken," had Hendrik Bogaert begin maart nog gezegd. Het was volgens hem "de ideale manier om Franstaligen te laten zien hoeveel moeite en toegevingen wij doen om ons dagelijks aan te passen in het sterk verfranste Brussel."

Het is de eerste vraag van Smet aan zijn date: "Waarom heb je die uitspraak eigenlijk gedaan? Vijandigheid ten opzichte van het Nederlands in Brussel is eruit, maar we hebben een probleem met het Franstalig onderwijs. Heel wat Brusselaars willen Nederlands leren spreken, er zijn gewoon geen goede leerkrachten Nederlands te vinden."

Als gemiddelde Vlaming voel je je in Brussel net in het buitenland.

Hendrik Bogaert

Volgens Bogaert hebben Vlamingen die in Brussel komen werken maar weinig zin om na het werk in Brussel te blijven rondhangen. Het is een totaal andere wereld dan de wereld die ze gewoon zijn en dat is vermoeiend. "Als gemiddelde Vlaming voel je je in Brussel net in het buitenland." 

Smet vindt het internationale karakter van Brussel net een troef en wat het buitenlandgevoel betreft: "Als diezelfde Vlaming naar New York gaat, loopt die meteen naar China Town om er alle Chinezen te zien. Je moet van je getto's een troef maken. Als er nu mensen komen kijken naar Molenbeek vinden ze het opmerkelijk hoe hard het daar op een dorp lijkt." 

Quinoa, hoofddoeken en tsjeven

Als de twee uitgepraat raken over de uitdagingen in Brussel, leren we dat beide politici steak-friet verkiezen boven een quinoa met vergeten groenten en dat ze allebei niet houden van spotnamen voor politici. "Onze jongeren gebruiken 'tsjeef' dan wel als geuzennaam, ik vind het een verschikkelijk scheldwoord," zegt Bogaert. "Maar jij bent geen tsjeef, jij zegt je mening en dat waardeer ik", antwoordt Smet. 

Wat ze vinden van de stelling "Weg met de hoofddoek," blijft tijdens deze blind date wel een mysterie. Wanneer Hendrik Bogaert die stelling leest op een van de gesprekskaartjes wordt die stelling snel aan de kant geschoven. Bogaert pleitte in zijn boek vorig jaar nog voor een hoofddoekenverbod. 

Bekijk hier de volledige Blind Date

Video player inladen...