Op bedevaart naar Scherpenheuvel

Louis van Dievel, schrijver en journalist, kijkt elke week met een guitige blik naar de kleine en grote actualiteit. Vandaag: Er mogen weer kaarsen branden in de basiliek van Scherpenheuvel en dat heeft voorwaar iets losgemaakt bij hem. Hij out zichzelf als misdienaar, zij het in lang vervlogen tijden!

opinie
Louis van Dievel
Louis van Dievel is schrijver en journalist. Hij was journalist bij VRT NWS.

Het zal u misschien verbazen maar ik was onlangs nog eens “op bedevaart” in Scherpenheuvel. Mijn geliefde en ik waren op zoek naar het dialectwoordenboek van deelgemeente Averbode (“Oep z’n Eiverbeus”) dat in de lokale VVV te koop bleek te zijn. Nu ik daar toch was liep ik de beroemde basiliek met de sterrenkoepel binnen. Het was een vreemde gewaarwording. Want van buiten zag de basiliek er nog steeds enorm uit, maar van binnen leek ze effenaf klein. Het klopte van geen kanten met mijn herinneringen als kleine jongen. 

Op stap met de Vrouwengilde

Het moet 1963 of daaromtrent geweest zijn. Ik was misdienaar in de kleine parochie van de Putsesteenweg in Bonheiden. De Vrouwengilde ging op bedevaart naar Scherpenheuvel. Met de bus, welteverstaan. De kapelaan ging mee, uiteraard, om de vrolijke uitstap een religieus tintje te geven. En dus moest er ook een misdienaar mee, de kleine krullenbol Louis. Er werd gezongen in de bus, Marialiederen, allicht. Het moet mei zijn geweest, de bedevaartmaand bij uitstek. 

Het was druk in Scherpenheuvel. Er werd gebeden in de basiliek, de kapelaan bad voor, ik zwaaide allicht met het meegebrachte wierookvat, er werden kaarsen aangestoken. In mijn herinnering waren de muren van de basiliek behangen met krukken en ex voto’s, smeekbeden of dankbetuigingen voor wonderbaarlijke genezingen. Die gebeurden namelijk nog. Na het kerkbezoek werd een toer gemaakt langs de toen nog lange rij kramen waar Mariabeeldjes, foto’s van de paus, kaarsen, prullaria en vooral noppen en pepernoten werden verkocht, de specialiteit van de Scherpenheuvelse bakkers. De meegebrachte boterhammen werden in een van de talrijke etablissementen rond de basiliek opgegeten, onder het genot van een filterkoffie. Dat had ik nog nooit gezien, zo’n mooie zilverkleurige filter die op een even chique koffietas werd gezet.

De terugreis ging langs Olen, waar de buslading vrouwen zich meester maakte van het terras van een van de cafés daar die allemaal de authentieke ‘Pot met de Drie Oren’ van Keizer Karel beweerden te bezitten. De kapelaan hield het bij spuitwater, en ik bij een cola, maar de vrouwen bestelden allemaal een zwaar bier en de sfeer werd uitgelaten. Het was de enige dag van het jaar dat ze aan het huishouden konden ontsnappen, maar dat besefte ik toen nog niet. ’s Avonds zouden de vrouwen weer thuis zijn en moest er opnieuw dag in dag uit voor man en kroost gezorgd worden.

Te voet en met de fiets

Een paar jaar later ging ik met de jeugdbeweging te voet naar Scherpenheuvel. We vertrokken nog voor het ochtendgloren. Via Keerbergen, Tremelo en Aarschot legden we welgezind en overmoedig de 34 kilometer naar de basiliek af, en keerden met de bus van de NMBS terug naar huis, met onze voeten vol blaren en stramme spieren. Dat heb ik wel een keer of drie gedaan, denk ik. En nog vaker met de fiets, want het heuvelachtige landschap van Scherpenheuvel was een sportieve uitdaging voor vijftien-, zestienjarigen. We gingen toch altijd de basiliek een keer binnen, en altijd had ik dat gevoel van grootsheid, van ruimte. En altijd brandden er kaarsen.

Gezichtsbedrog

Ik weet ook wel dat de dingen uit je jeugd, de huizen, de kamers, de tuinen, de bossen kleiner worden met het verlopen van de jaren. Herinneringen zijn gezichtsbedrog. Maar dat het zo zou tegenvallen, zoals in Scherpenheuvel op die vrijdagnamiddag begin april, dat was toch een schok. Geen krukken of ex voto’s meer aan de muren, geen brandende kaarsen (ik weet nu dankzij het tv-journaal waarom), amper biddende gelovigen. En klein dat het binnen in de basiliek was! Ik vroeg me in alle oprechtheid af hoe al die duizenden bedevaarders vroeger een plaatsje vonden.

Misschien moet ik in de maand mei nog eens terugkeren, en een halve dag op een van de terrassen rond de basiliek zoekbrengen, uitkijkend naar vermoeide bedevaarders met blaren op hun voeten en stramme ledematen. Want het kan niet zijn dat die niet meer bestaan.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.