Muizen met kanker leven langer en zijn actiever als ze ketonen krijgen

Omdat ketonen als “super fuel” het lichaam sterker maken, biedt dat mogelijk ook perspectieven voor sommige patiënten. Niet per se qua genezing, maar wel om de levenskwaliteit te verbeteren wanneer er zich afbraakprocessen in het lichaam voordoen. Maar Hespel benadrukt dat het nog vroeg is, en dat we de resultaten op muizen in geen geval mogen extrapoleren naar mensen. "Dat is voorbarig, mogelijk zelfs gevaarlijk." De Stichting tegen Kanker vult aan: "De resultaten zijn nog verre van overtuigend." 

Bewegingsfysioloog Peter Hespel en zijn team aan KU Leuven hebben concrete tests uitgevoerd met muizen. Muizen die kankercellen kregen ingeplant werden ingedeeld in een groep die ketonen kreeg en een groep die de ziekte zonder ketonen moest trotseren. De resultaten zijn spectaculair. 

Muizen die ketonen kregen, leefden gemiddeld 40 procent langer en bleven dubbel zo actief

De wetenschappelijke publicatie daarover is pas voor over enkele maanden, maar Hespel wil er in een gesprek met onze redactie alvast het volgende over kwijt: “De muizen die ketonen kregen, overleefden 40 procent langer, en waren tegelijk nog actiever.” Die activiteit werd gemeten aan de hand van rondjes die de muizen draaiden in een loopwiel in hun kooi. De ketonengroep bleek duidelijk energieker. “De ketonengroep was dubbel zo actief (+100 procent) en draaide tot 20 kilometer per dag, tegenover 10 tot 12 km voor de niet-ketonengroep. Zij konden ook hun spierkracht en spiermassa beter bewaren.”

Met andere woorden, de levenskwaliteit van de muizen die ketonen innamen, was een stuk beter en omdat ze langer konden vechten tegen de kanker, konden ze tijd kopen. “Dat lopen kan een parameter zijn voor hun levenskwaliteit, want hoe slechter muizen zich voelen, hoe minder actief ze worden."

Bekijk de video: "Muizen met ketonen leefden 40 procent langer, en da's toch wel spectaculair"

Video player inladen...

Niet zomaar extrapoleren

Dit experiment, met het extern toedienen van ketonesters, zou in een volgende fase met een groep kankerpatiënten gedaan moeten worden, vooraleer we conclusies voor de behandeling van patiënten kunnen trekken. “We mogen dit niet zomaar extrapoleren naar alle kankerpatiënten. Je moet ook weten dat sommige kankers ketonen misschien zouden kunnen gaan gebruiken als brandstof, en dat willen we uiteraard niet, want dat zou de groei van deze kankercellen bevorderen.”

We praten bij kanker eigenlijk over hetzelfde proces

Wat kan dan een mogelijke link zijn tussen Hespels onderzoek op duursporters en kankers? “We praten over hetzelfde proces”, zegt Hespel. “Zoals we bij de sporttest bij de proefpersonen zagen, stopt het innemen van keton-esters het aftakelingsproces van het lichaam af. Bij herhaaldelijk zware inspanningen praten we over hetzelfde proces. Het gaat evengoed om een langzame fysieke aftakeling, ook bij goed getrainde sporters.”

Het proces dat zich bij een kanker manifesteert, is in wezen niet anders. Het lichaam wordt aangevallen door tumoren en komt zo onder druk te staan, ook de spieren. Dit is ook wat de ketonen doen bij een hongerstaking: ze beletten dat de spieren te snel worden afgebroken door het energietekort. Op dezelfde manier zou de inname van ketonen de levenskwaliteit van de kankerpatiënten kunnen verbeteren. 

"Belangrijk dat patiënten goed blijven eten"

Mathijs Goossens van de Stichting tegen Kanker kan zich niet uitspreken over het toedienen van externe ketonesters, net omdat er zo weinig over is geweten. Ook hij wijst op mogelijke valkuilen: "Er zijn meerdere redenen waarom je conclusies van dieetonderzoeken bij muizen niet zomaar kunt toepassen op de mens. Zo is bijvoorbeeld het effect van een dieetmaatregel (eender welke) bij de mensen veel beperkter dan bij muizen, omdat bij mensen de stofwisseling vele malen trager is." 

"Daarnaast is een kankergezwel bij een mens relatief gezien veel kleiner dan bij een muis, daarom laat een dieetaanpassing zich bij mensen veel minder makkelijk voelen. Bijkomende studies bij mensen zijn dus zeker nodig, want de effecten van een ketonendieet werden al onderzocht in enkele studies bij mensen, en de resultaten daarvan zijn verre van overtuigend."  

De effecten van een ketonendieet werden al onderzocht bij mensen en de resultaten daarvan zijn verre van overtuigend

Goossens geeft nog een algemene stelling mee: "Voor kankerpatiënten is het belangrijk dat ze op gewicht blijven, en voldoende blijven eten, om niet in cachexie (extreme magerheid door ernstige ziekten, red.) te raken. Als patiënten toch ketonensupplementen willen proberen, ondanks het ontbreken van bewijs, dan dringen we er vooral op aan dat ze dit doen in overleg met hun arts." Goossens onderstreept nog dat er andere ingrepen zijn die wel een bewezen effect hebben op genezingskansen. "Kijk bijvoorbeeld met je arts of lichaamsbeweging mogelijk is." 

Ook Marleen Finoulst, journaliste die thuis is in supplementen, kan zich niet uitspreken over ketonen bij kankerbehandeling. "Volg geen bepaald dieet, maar eet voldoende", is ook hier het devies.