Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved.

Zijn asielloketten buiten de EU een oplossing voor de migratiecrisis?

De vluchtelingencrisis van de voorbije jaren heeft in meerdere Europese landen tot voorstellen geleid om de asielprocedure te verstrengen. Er klinken ook suggesties om de asielloketten op Europese bodem volledig te sluiten. De asielpoort zou immers worden misbruikt als een oneigenlijk migratiekanaal, door mensen die helemaal geen asiel of bescherming verdienen. We toetsen die ideeën aan de trends die we zien in "De asielkaart van Europa". 

Laten we maar meteen een open deur intrappen. Ja, asiel- en vluchtroutes worden ook gebruikt door economische migranten en gelukzoekers. Dat blijkt uit de cijfers van de voorbije 5 jaar. Er werden toen haast evenveel asielaanvragen verworpen (2,5 miljoen) als er werden goedgekeurd (2,7 miljoen). 

Migranten zijn dus massaal meegelift op de stroom van de vluchtelingen en dat hoeft niet te verbazen: smokkelaars maken geen onderscheid. Die vaststelling zou een argument kunnen zijn tégen de asielloketten in de EU, die alleen al door hun beschikbaarheid miljoenen mensen lokken die finaal geen recht op bescherming kunnen claimen.    

Maar als je het vanuit het omgekeerde perspectief bekijkt, dan kan je aanvoeren dat de asielprocedure juist in de vluchtelingencrisis haar belang en onmisbaarheid heeft bewezen. Want als er 2,7 miljoen asielzoekers aanvaard zijn, dan wijst dat op reële noodsituaties. Ofwel kregen die asielzoekers asiel, ofwel de subsidiaire of tijdelijke vorm van bescherming. 

In beide gevallen hebben de asieldiensten geoordeeld dat hun verzoek om bescherming (tenminste tijdelijk) gerechtvaardigd was. Ze hebben de asielzoekers, kortom, erkend als mensen op de vlucht voor reële risico's  - en niet louter als migranten op zoek naar betere kansen of leefomstandigheden.

Ontschepingsplatforms

Economische migranten mengen zich onder de vluchtelingen. In een vluchtelingencrisis als die van de voorbije jaren, als mensen zich massaal en collectief verplaatsen, is dat onvermijdelijk. Om dat "misbruik" van de asielprocedure tegen te gaan, zoeken Europese beleidsmakers naar alternatieven.

De Europese Commissie liet de mogelijkheden onderzoeken voor "ontschepingsplatforms" buiten de grenzen van de EU. Dat zouden grote centra worden, op Noord-Afrikaanse bodem of in de zuidelijke Balkan, waar bootvluchtelingen en -migranten op de Middellandse Zee zouden worden ontscheept en opgevangen, tot duidelijk was of ze asiel konden krijgen of niet.

Dat betekent dat de EU-lidstaten hun asieldiensten naar daar zouden verplaatsen, en ginds, buiten het Europese grondgebied, zouden beslissen over de aanvragen. Wie erkend werd als asielzoeker zou dan volgens formele procedures naar Europa worden gehaald.  

Tot nu toe heeft geen enkel land zich bereid verklaard om een ontschepingsplatform te herbergen

Tot nu toe blijft het een louter theoretisch model, want geen enkel land heeft zich tot dusver bereid verklaard om zulke platforms te herbergen. Het lijkt erop dat het idee een stille dood zal sterven. En nu de toestroom over de Middellandse Zee is afgenomen, is de urgentie ook minder groot. Toch zou dat plan, bij een heropflakkering van een vluchtelingencrisis, weer op tafel kunnen komen.

De vraag is dan of het model enerzijds praktisch en politiek uitvoerbaar is, en anderzijds nog steeds conform de geest en de bepalingen van de Conventie van Genève en de asielprocedures. Of om de vraag concreter te maken: of de 2,7 miljoen die de voorbije jaren asiel kregen in de EU, dat via ontschepingsplatforms ook zouden hebben gekregen. 

Griekse knipperlichten

In zekere zin bestaat het model al wél. Sinds de EU in 2016 een akkoord sloot met Turkije, worden alle vluchtelingen en migranten die nog per boot naar de Egeïsche eilanden oversteken daar ter plaatse tegengehouden. Ze mogen niet meer naar het Griekse vasteland en moeten op de eilanden de afwikkeling van hun asielprocedure afwachten. 

Dat is de theorie. In de praktijk lopen de opvangkampen overvol, zodat er geregeld toch grote groepen moeten worden verplaatst. Intussen laten de leefomstandigheden in de kampen zwaar te wensen over - omstandigheden die Europa onwaardig zijn. De procedures slepen jarenlang aan. En ondanks de hulp van de ondersteunende Europese asieldienst EASO slagen de Griekse autoriteiten er niet in om dat enorme administratieve karwei efficiënt af te handelen.

In die zin kunnen de Griekse eilanden als een knipperlicht fungeren voor wie ontschepingsplatforms wil organiseren. In Griekenland gaat het, sinds de EU-Turkije-deal, om tienduizenden aanvragen. In de vluchtelingencrisis ging het om miljoenen.

Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved.

Logistieke lasten

De logistieke organisatie van een ontschepingsplatform of een gedelokaliseerd Europees asielloket zou bij een nieuwe vluchtelingencrisis enorm zijn. Er zouden honderden of zelfs duizenden Europese ambtenaren ter plaatse moeten gaan, van de diensten van de lidstaten en/of van EASO. De opvangcapaciteit zou gigantisch moeten zijn.

Intussen moet er onderwijs worden ingericht voor de kinderen en gezondheidszorg voor de zieken, gewonden, bejaarden of zwangere vrouwen. Soms wordt nogal makkelijk verwezen naar de VN als organisatie die dat soort opvang wel ter harte kan nemen, maar de VN gaat nu al gebukt onder zware financiële en logistieke lasten. 

Er moet onderwijs worden ingericht voor de kinderen en gezondheidszorg voor de zieken, gewonden, bejaarden of zwangere vrouwen

Daarnaast blijft er de vraag van de politieke haalbaarheid. Het idee dat Europese lidstaten bereid zullen zijn om mensen die recht blijken te hebben op asiel of bescherming wettig te laten overkomen, lijkt in de huidige politieke context tamelijk optimistisch.

Het zou een voortdurend getouwtrek worden tussen EU-lidstaten onderling, tussen lidstaten en de Europese Commissie, of tussen Europa en het land waar de opvangcentra gevestigd zouden zijn. Het aantal mensen dat daadwerkelijk in een Europees land asiel zou krijgen, zou veel en veel lager liggen.

Opvang in de regio

In een variatie op het thema van de ontschepingsplatforms wordt ook gepleit voor "opvang in de regio". Soms lijkt men daarbij uit het oog te verliezen dat die al op grote schaal bestaat. Neem de Syriërs. Het kleine Libanon vangt in zijn eentje ongeveer evenveel Syriërs op als heel West-Europa (ca. 1 miljoen). Jordanië heeft er zelfs méér, terwijl Turkije ruim 3 miljoen Syrische vluchtelingen herbergt.

Opvang in de regio lijkt bij uitstek geschikt (en theoretisch zelfs logisch) voor vluchtelingen die slechts tijdelijk bescherming zoeken, en aan wie doorgaans ook het statuut van subsidiaire bescherming wordt verleend. Het kan dan gaan om mensen die geweld en oorlog ontvluchten, maar die hopen op een spoedige afloop van het conflict, waarna ze snel weer naar huis kunnen. 

In de praktijk blijkt die droom van een terugkeer dikwijls lang uit te blijven. Opvangkampen groeien in de loop der jaren uit tot semi-steden, waar kinderen worden geboren en opgroeien. Zaatari in Jordanië biedt daar een goede illustratie van. Daar is een tweede generatie Syrische vluchtelingen aan het ontstaan. De Palestijnse kampen in de regio zitten aan hun derde of vierde generatie. "Opvang in de regio" kan een alternatief zijn voor asiel in Europa, maar voor de betrokkenen maakt het een wereld van verschil.  

Holebi's, bloggers, activisten

Een laatste beperking van het model van gedelokaliseerde asielprocedures, is dat het vooral gericht is op vluchtelingen die in grote groepen samen reizen en samen ergens aanbelanden. Nochtans zijn er ook tienduizenden die niet noodzakelijk het spoor en het patroon van de grote vluchtelingenroutes volgen. Voor hen zou het onlogisch of onmogelijk zijn om zich te melden in de grote opvangkampen of ontschepingsplatformen. 

Wat doe je bijvoorbeeld met de Tsjetsjeense holebi, de Iraanse vrouwenrechtenactiviste of de blogger uit China die met recht en reden moeten vrezen voor hun veiligheid? Vanuit Iran kwamen er de voorbije 5 jaar meer dan 100.000 asielzoekers aan. Eén op de drie Iraniërs wordt erkend. Vanuit Venezuela kwamen er 40.000, vanuit China 25.000. Ook daarvan worden er velen toegelaten.

Is het aannemelijk om te verwachten dat al die mensen zich naar grote opvangkampen buiten Europa zouden begeven? Of zouden voor hen de ambassades worden ingeschakeld om asielverzoeken te registreren en behandelen? Als er voor die specifieke groepen geen correcte en haalbare procedures meer beschikbaar zijn, wordt hun asielrecht de facto uitgehold. 

Geen tovermiddelen

De voorstellen om de asieldiensten en -procedures te delokaliseren, zijn begrijpelijk als reactie op de spectaculaire instroom van de voorbije jaren. Maar het minste wat je kan zeggen, is dat ze onvoldragen zijn, theoretisch en overdreven optimistisch. Bovendien dreigen ze voor heel wat mensen asiel en bescherming onmogelijk te maken.

Om het oneigenlijk gebruik van het asielkanaal door economische migranten af te remmen, zijn er andere middelen. Europa moet blijven inzetten op snellere procedures voor de beoordeling van asielaanvragen (en dus nog meer mankracht en efficiëntie van de asieldiensten) en op afdwingbare terugkeerprocedures. 

Om mensen terug te sturen is de medewerking vereist van de herkomstlanden. Waar die ontbreekt, zal er slimme diplomatieke druk nodig zijn. De belangen inzake asiel kunnen daar economische of culturele belangen doorkruisen. Het zijn geen tovermiddelen, en tovermiddelen zijn er niet. In een geglobaliseerde wereld kan je migratie niet tegenhouden, maar hooguit managen en sturen.  

Onze experten Bert De Vroey en Marjan Temmerman geven een antwoord op uw migratievragen:

Video player inladen...