Video player inladen...

Groeipotentieel van 3D-printing in ons land is groot. Maar volgt de industrie wel?

Van tandwielen voor vliegtuigen tot sturen voor racewagens: de Belgische expertise in 3D-printing behoort tot de wereldtop. Een studie van technologiefederatie Agoria voorspelt bovendien heel wat groei in die sector. Tenminste: als de Belgische industrie meewil.

Een digitaal ontwerp van een product laag na laag fysiek "uitprinten" uit een materiaal naar keuze, dat is 3D-printing of in het jargon "additive manufacturing". En u weet het of niet, maar Belgen zijn daar goed in.

Met Materialise en het intussen door Amerikanen overgenomen Layerwise, ooit gegroeid uit onderzoek aan de KU Leuven, telt ons land enkele van de absolute toppers in die wereldwijde 3D-printingindustrie. Daarrond is de voorbije decennia ook een heel ecosysteem van 3D-printingbedrijven gegroeid.

Groeipotentieel

De 3D-printingindustrie claimt het potentieel te hebben om de maakindustrie de komende decennia grondig te hervormen. De troeven zijn legio, zo vertelt Camille Mommer van technologiefederatie Agoria in "De markt". Zo is het veel makkelijker om onderdelen en producten op maat en voor specifieke doeleinden te maken. 

"En je kunt ook gewoon onderdelen printen wanneer je die nodig hebt", weet Mommer. Dat zorgt voor minder fysieke opslagkosten, want er is enkel een "virtuele stock". "Je hebt je 3D-bestanden op de computer en kunt gewoon op aanvraag producten en onderdelen printen. Waar dan ook ter wereld, dus dat zorgt ook voor een daling in de transportkosten." Omdat je producten laag voor laag opbouwt uit een bepaald materiaal, heb je ook minder grondstof nodig en minder afval achteraf.

Hoe werkt dat precies? Bekijk hier de reportage die Trui De Maré maakte bij twee Belgische bedrijven:

Video player inladen...

Met die ommekeer in het achterhoofd wilden Mommer en haar collega's wel eens onderzoeken wat het groeipotentieel van die sector is in ons land. Uit een bevraging bij 95 bedrijven in ons land, blijkt dat de helft verwacht om minstens met 10 procent te groeien in de komende jaren. Binnen vijf jaar zou het aantal 3D-gerelateerde jobs in de Belgische maakindustrie kunnen verdubbelen, concludeert de studie. "Vandaag zijn er zowat 1.500 mensen bezig met zo'n 3D-job. Dat zouden er dus 3.000 kunnen zijn tegen 2024."

Wil de industrie wel mee?

En toch. De beloftes van de sector zijn dan wel groot, Mommer merkt dat die nieuwe technologie nog wat te traag wordt opgepikt door de industrie in ons land. "De industrie is daar volgens ons wel klaar voor. We moeten gewoon nog beter leren communiceren over de businessopportuniteiten van 3D-printing", vindt Mommer. "Veel kmo's zijn het gewoon om op een bepaalde manier te produceren. Zij zien niet altijd de opportuniteiten om technieken aan te passen."

Ook moeten de opleidingen meer aandacht hebben voor die nieuwe technieken. "Heel veel ingenieurs en designers leren nog dingen ontwerpen op een traditionele manier. Daardoor beperken ze zichzelf. Leren ontwerpen voor 3D-printen trekt die mogelijkheden open. En ook in de businessscholen moeten de opportuniteiten van 3D-printing beter aangeleerd worden. Want het zal de jongere generatie zijn die die kennis zal binnenbrengen bij bedrijven."

Agoria-CEO Marc Lambotte waarschuwt de traditionele industrie daarom: "Als onze maakindustrie deze obstakels niet overwint, lopen we mogelijk de enorme voordelen mis die die technologie te bieden heeft. Dat zou ons wellicht een niet in te halen achterstand bezorgen."

Bekijk hier het hele gesprek met Camille Mommer in "De markt". Of volg het programma om 12.30 uur op Eén:

Video player inladen...