Copyright 2019 The Associated Press. All rights reserved.

Donkere wolken boven de Perzische Golf: het tankstation van de geïndustrialiseerde wereld

De spanningen tussen de Verenigde Staten en Iran laten zich steeds meer voelen. Het nieuwe incident in de Straat van Hormuz, waar twee olietankers beschadigd raakten, is het meest recente voorbeeld. De VS beschuldigt Iran de schepen te hebben aangevallen, Iran ontkent en zegt dat de VS oorlog wil stoken. Op de internationale markten gaan de olieprijzen de hoogte in. De Straat van Hormuz is strategisch en economisch dan ook erg belangrijk.  

Vorig jaar trok de VS zich terug uit het nucleaire akkoord met Iran en voerde het nieuwe, scherpe economische sancties in. Die doen de economie van Iran wankelen. Niet enkel de nieuwe Amerikaanse sancties doen dat, maar ook het wegtrekken van Europese en Aziatische investeerders uit Iran. Bedrijven uit derde landen worden immers bedreigd met strafmaatregelen van de VS als ze zich niet houden aan het embargo dat Washington opnieuw heeft ingesteld tegen Iran.

Iraanse aanvalshelikopters en patrouilleboten van de Revolutionaire Wachten op oefening in de Perzische Golf. AP2006

VS-president Donald Trump wil vooral de uitvoer van Iraanse olie en aardgas treffen, de belangrijkste bron van inkomsten voor Teheran. Saudi-Arabië en bondgenoten zoals de Verenigde Arabische Emiraten, Koeweit en Bahrein zijn in hun nopjes en beloven om extra olie te leveren om het wegvallen van aartsvijand Iran op te vangen op de oliemarkt.

Teheran heeft echter een stok achter de deur: de nauwelijks verholen dreiging om de smalle Straat van Hormuz -de smalle uitgang van de Perzische Golf naar open zee- te sluiten. Als wij geen olie kunnen uitvoeren, anderen ook niet, luidt het. Militair zou het voor Iran niet eens zo moeilijk zijn om de zeestraat te sluiten, maar dan volgt automatisch wel een oorlog met de Verenigde Staten en andere landen. Eind de jaren 80 zijn beide landen daar al eens slaags geraakt in de zogenoemde "tankeroorlog". 

Een zeestraat van levensbelang

De Straat van Hormuz is al duizenden jaren een draaischijf van maritieme handel. Tussen 1515 en 1622 beheerste Portugal via een fort in Hormuz een groot deel van de zeehandel in de Indische Oceaan. Was dat toen vooral gericht op oosterse specerijen, dan zijn olie en aardgas de voorbije eeuw inzet van het "Game of Thrones" in het Midden-Oosten.

Het Amerikaanse vliegdekschip USS Abraham Lincoln is op weg naar de Golf.

Zowat 35 procent van alle over zee vervoerde olie wurmt zich elke dag door de zeestraat. Opvallend is dat slechts 10 tot 15 procent daarvan naar de Verenigde Staten gaat. Meer dan 60 procent van de olie gaat naar India en verder oostwaarts, vooral Japan, China, Zuid-Korea en Australië. 

Op het smalste punt is de zeestraat slechts 39 kilometer breed en dan zijn er nog rotsen en eilandjes in. In elke richting is er een vaarroute van twee zeemijlen breed, gescheiden door nog eens twee zeemijlen. Het is dus drummen voor grote tankers en supertankers in de Golf. Een paar raketten in zee of wat oorlogsdreiging is voldoende om de wereldwijde olieprijzen de hoogte in te schieten, evenals de verzekeringspremies voor de rederijen van tankers. 

Ook pijpleidingen komen in het vizier

De Straat van Hormuz heeft twee oeverstaten: het neutrale en vrij prowesterse sultanaat Oman op het Arabische Schiereiland en Iran aan de overkant. Daar zijn marine-eenheden van de Pasdaran of Revolutionaire Wachten gespecialiseerd om met kleine bootjes "de veiligheid ter zee te garanderen". In de praktijk kunnen die snelle boten en mini-duikboten echter aanvallen uitvoeren op tankers. Tegelijk heeft Iran ook anti-scheepsraketten opgesteld in de regio.

Een beeld van de "tankeroorlog" uit 1987 toen de VS en Iran slaags raakten op het einde van de Golfoorlog tussen Iran en Irak. AP1987

Om het risico te spreiden hebben de Arabische rivalen pijpleidingen gebouwd buiten de Straat van Hormuz om. Zo loopt er een door de Verenigde Arabische Emiraten naar het deelstaatje Fujairah aan de Indische Oceaan. Daar is een grote olieterminal met opslagplaatsen gebouwd. Door Saudi-Arabië loopt van de Perzische Golf naar de haven Yanbu aan de Rode Zee een belangrijke pijpleiding met een capaciteit van 5 miljoen vaten per dag.

Het is dan ook geen toeval dat net die twee alternatieve opties in mei al eens aangevallen zijn. Eerst was er de aanval op vier tankers voor de kust van Fujairah. Daarna hebben drones van de sjiitische Houthi's vanuit Jemen -een bondgenoot van Iran- twee aanvallen uitgevoerd op de trans-Saudische pijpleiding. De waarschuwing is duidelijk: ook die alternatieve routes zijn niet veilig.

De waarschuwing van de recente aanvallen is duidelijk: ook de alternatieve routes buiten de Straat van Hormuz zijn niet veilig

Voor het tankertransport van olie en aardgas vanuit de Golf naar Europa zijn er overigens niet minder dan drie "flessenhalzen". Naast de Straat van Hormuz is er het Suezkanaal in het noorden van de Rode Zee. Dat kanaal is stevig in handen van Egypte, maar dat geldt niet voor de Bab al-Mandeb, de 30 kilometer brede zeestraat tussen de Indische Oceaan en de Rode Zee. Vorig jaar zijn daar twee Saudische tankers getroffen door raketten van de sjiitische Houthi's in Jemen, bondgenoten van Iran. 

Toch is die route minder belangrijk voor Europa dan u denkt. De EU betrekt slechts 6 procent van zijn olie uit Saudi-Arabië. Daarmee komt dat land na grote leveranciers zoals Rusland, Noorwegen, Kazachstan, Irak en Nigeria. Een olieschok in de Golf zou vooral directe gevolgen hebben voor de economie in het Verre Oosten, maar door het grote gewicht daarvan zou een ontregeling daar tot een wereldwijde recessie leiden die ook in Europa en Noord-Amerika gevoeld zou worden. 

Witte stippellijnen: oliepijpleidingen in Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten.

Bekijk het verslag uit "Het Journaal" hier: 

Video player inladen...