Video player inladen ...

Gruuthusemuseum na 5 jaar renovatie weer open: veel meer dan oud bier in een nieuw vat

Het nam 5 jaar intens werk om het Gruuthusemuseum aan de Dijver in Brugge een grondige restauratiebeurt te geven. Het 19e eeuwse neogotische "musée d'antiquités et de dentelles" is nu een modern museum met een nieuw verhaal. Elke etage toont de context van een andere eeuw, van de Bourgondische tijd tot de toekomst. Het unieke gebouw en de enorme collectie gaan nu prima samen. 

Bijna 600 jaar geleden bouwde de vader van Lodewijk van Gruuthuse zijn stadsvilla tussen de Dijver en de Onze-Lieve-Vrouwekerk. Zoon Lodewijk (1427-1492) heette oorspronkelijk anders, hij noemde zich naar het product waarmee hij schatrijk werd: gruut, of gruit, van dezelfde familie als gort, een kruidig basisproduct voor bier. Brugge is nog altijd een brouwerijstad. Lodewijk, ook schildknaap-schenker van Filips de Goede en kamerheer van Maria van Bourgondië, liet het breed hangen. Hij was een mecenas en verzamelaar van manuscripten, die helaas verspreid raakten over Frankrijk en Nederland, denk aan het befaamde "Gruuthusehandschrift" uit 1400.  

Van Lodewijk naar Louis

Na 1600 werd het paleis een pandjeshuis, "de Berg van Barmhartigheid". Daarom is het wat vreemd dat de sociale dimensie, en het moeilijke bestaan van  gewone mensen en sukkelaars volledig afwezig blijft in het nieuwe Gruuthuse.

In de 19e eeuw dwong de Brugse stadsarchitect Louis Delacenserie, ook ontwerper van het Centraal Station in Antwerpen en de Sint-Petrus-en-Pauluskerk in Oostende, heel Brugge in een neogotisch pseudo-middeleeuws keurslijf. Hij nam er het intussen verloederde Gruuthuse bij, sloopte hier wat, voegde daar wat toe. Van die neogotische aanpak zijn nog wat vrij grappige resten overgebleven, vooral in de vorm van geschilderde muurtegels en behangsel met leder en goud. Het gebouw werd een rommelig en geleidelijk ook stoffig museum van antiek en kantwerk.  

Na de restauratie is die verzameling van 600 objecten nog dezelfde, maar de context en scenografie zijn helemaal anders. Het circuit leidt de bezoeker 3 hoog, en nog hoger naar het "belvedère" op een toren, en naar de zolder met massieve gebinten waar jongeren aan de kunst van de toekomst mogen werken. Elke etage vertelt over een ander tijdperk, van de Bourgondiërs naar Delacenserie en de ontdekking van Brugge als romantische toeristische bestemming zo'n 150 jaar geleden. 

Bekijk hieronder de reportage in "Het Journaal": 

Video player inladen ...

Plus est en vous

Het museum maakt nu de wapenspreuk van Lodewijk van Gruuthuse waar: plus est en vous. Die spreuk verschijnt af en toe op nok- en dwarsbalken. De stad Brugge is er in geslaagd een stevige meerwaarde te geven aan in se dezelfde inhoud. Alles is ook prima toegankelijk voor mensen met een beperking, slechtzienden kunnen werken met voelsystemen, er staan en hangen schermen en interactieve touchscreens, misschien te weinig voor de jongeren van 2020. 

foto Dominique Provost

Het interieur straalt en blinkt, de parketvloeren knerpen heerlijk, de schouwen en meubelen zijn zonder meer indrukwekkend, leuke vloeren her en der, avontuurlijke wenteltrappen, en vanuit sommige ramen krijgt de bezoeker een aparte kijk op de Brugse skyline. Meest spectaculair is de particuliere bidkapel van de familie Gruuthuse die via een overgang uitkomt in de Onze-Lieve-Vrouwekerk, ter hoogte van het koor en de glas-in-loodramen. Die ramen zie je van hieruit beter dan van waar ook in de kerk. Het gezin kon er onzichtbaar de eucharistie volgen. 

Geen nieuw bier in een oud vat, of omgekeerd

Zet u zich even schrap voor een opsomming van wat er te bewonderen valt in het Gruuthusemuseum.  Vooreerst hangen er de originele negatieve koperplaten waarmee Marcus Gerards zijn beroemde plattegrond van Brugge maakte, met getekende gevels en volkse en pittoreske taferelen in de rand, onder meer een plassende vrouw. Er zijn nog meer kaarten, zegels, oude brieven, stempels, documenten, glasramen die van elders komen, versierde manuscripten, kachel- en vloertegels, muziekinstrumenten, Bourgondische munten en schilderijen. 

foto Dominique Provost

Voor alle duidelijkheid: dit is geen kunst- maar een ambachtenmuseum. Toch hangen er werken van onder meer Pieter Pourbus en Jan Hals, en die stellen Brugge en het Zwin voor, vooraanstaande Bourgondiërs, bloemstukken, stillevens en burgerlijke taferelen. Voorts vindt de bezoeker er kraagstenen en balkzolen van andere oudere Brugse gebouwen en allerlei beelden, bas-reliefs en houtsnijwerk. En uiteraard originele Brugse kant. 

De Bourgondiërs zijn alive and kicking

Het beroemdste stuk is wellicht die fascinerende terracotta portretbuste van de jonge Karel de Vijfde met een platte houten hoed, vervaardigd door een onbekende kunstenaar. Maar ook de wandtapijten trekken de aandacht, de koffers en kisten, het bestek en andere huisraad, knielbanken, schoenen, pruiken en kleren, kruisbogen, maquettes, retabels, juwelen, grafplaten, religieuze objecten en parafernalia van schutters- en andere gilden, balboekjes, een naainecessaire en een inktpottenset. Gelukkig is alles ruim en riant bij goed invallend daglicht opgesteld en gehangen.   

©2019 Dominique Provost

Gruuthuse is noch min noch meer de meetlat waar geen enkel nieuw museum nog onder mag blijven

Till-Holger Borchert, directeur Brugse musea

Vanaf vrijdagavond is er een feestelijk openingsweekend, info vindt u hier. En intussen heeft Vlaams minister president Geert Bourgeois (NVA) de hele omgeving van Dijver, Gruuthuse en Onze-Lieve-Vrouwekerk definitief beschermd. Hierbij meer uitleg.