Op reis met Vlaamse meesters: Wanneer een Belgische fanfare door de Vlaanderenstraat trekt

Elke week leiden Jos Vandervelden en fotograaf Alexander Dumarey je naar een plek in Vlaanderen of Brussel waar onze grootste schilders hun schildersezel opstelden.  Ooit vonden schilders het de volmaakte plekken om verzinnelijkt te worden op het canvas. Vaak zijn ze het nu nog. Soms zijn ze het niet meer. Het schilderij van toen en het beeld van nu.

Vandaag: "Muziek in de Vlaanderenstraat" van James Ensor of het schilderij uit 1891 waar de muziek uitspat

"Muziek in de Vlaanderenstraat" is een werkje van amper 24 op 19 centimeter, maar verbergt des te meer mysterie en verwondering. James Ensor schilderde het vanuit zijn zolderatelier in Oostende. Vanop de vierde verdieping keek hij recht in de Vlaanderenstraat. Onder had zijn moeder een winkel met maskers, schelpen en souvenirs. Het was de tijd van de militaire parades, stoeten en optochten.

Vanuit vogelperspectief toonde Ensor de doortocht van een militair muziekkorps. De Belgische kleuren zijn overal en de driekleur wappert. Was het een staaltje van spot om het spektakel in de Vlaanderenstraat te situeren? Ensor sprak Frans en Oostends. Hij had goede vrienden onder flaminganten, waaronder niet in het minst de Vlaamsgezinde letterkundige en politicus August Vermeylen. Maar tegelijk noemde hij hen schertsend "vlaanderofielen" of "geklauwaardiseerde Leliaards". Met zijn gekende ironie en "practical jokes" maakte Ensor geen onderscheid, niet voor vrienden, niet voor  vijanden. Sommigen stellen nog steeds dat de schilder in werkelijkheid geen vrienden had, enkel bewonderaars en bezoekers. 

© www.lukasweb.be - Art in Flanders vzw

Akoestiek tussen de hoge straatwanden

Eind negentiende eeuw werd de Vlaanderenstraat volgebouwd met hoge neoklassieke burgerhuizen. Waarschijnlijk was Ensor begeesterd door het akoestisch effect van de muzikale optocht tussen de hoge straatwanden. Op de hoogte van zijn atelier moet het geklonken hebben als in een uitstekende concertruimte. De schilder was trouwens zelf muzikant en speelde ondermeer harmonium en klarinet.

Ensor moet ook gebiologeerd zijn geweest door het claustrofobische van een nauwe straat in de stad. Door de straat stappen tot maximaal 17 militairen zij aan zij. Het publiek lijkt tot vijf rijen dik te staan. De stoet moet op deze manier onmogelijk door de straat hebben gekund. Door de straat vol te stouwen met marcherende mensen toonde Ensor zijn fascinatie voor de massa.

De massa was met de opkomst van het socialisme en het proletariaat een negentiende eeuws fenomeen dat filosofie en kunsten was binnengedrongen. "Muziek in de Vlaanderenstraat" toont de blinde en anonieme mensenstroom, de marionetten die gedwee voortbewegen op het ritme van marsmuziek.  Voor de massa hadden Ensor en zijn intellectuele tijdgenoten tegelijk ontzag en vrees. De massa die staat voor solidariteit maar ieders individualiteit bedreigt.

Cover van "Het verdriet van België"

Toch straalt er ook veel feestelijkheid uit "Muziek in de Vlaanderenstraat". Ensor, die vaak uitblonk in sarcasme, moet genoeg sympathie hebben gehad voor het eindeloos aantal optochten in zijn straat. Want het moet vaak druk zijn geweest in de Vlaanderenstraat: processies, zeewijdingen, karnaval,  officiële parades en herdenkingen met lokale korpsen en militaire muziekkapellen.

Schrijver Hugo Claus koos het schilderij in 1983 voor de cover van zijn boek "Het verdriet van België". De motivering van zijn keuze verklaarde hij later in de krant Het Parool: "Feestelijk en toch niet vrolijk, macaber zelfs". Het zouden de woorden van Ensor zelf kunnen geweest zijn.

De Vlaanderenstraat ademt Ensor

De Vlaanderenstraat waarvan Ensor de gebouwen vrij natuurgetrouw schilderde,  is vandaag nog nauwelijks te herkennen. Enkel het in 1860 gebouwde Hotel Leopold II aan de rechterzijde staat er nog. Het hotel waarvan de puntgevel en de koetspoort behouden zijn gebleven, heet nu Albert II. De Vlaanderenstraat ademt gelukkig nog steeds Ensor met het Ensorhuis dat momenteel wordt omgebouwd tot een belevingscentrum rond de schilder.

Het woonhuis van Ensor op de hoek van de Vlaanderenstraat en de Van Iseghemlaan ging in 1999 tegen de grond en werd vervangen door een karakterloos appartementsgebouw. Een van de houten zolderramen waarlangs de schilder zijn stad zag, werd symbolisch gered om bewaard te worden in het James Ensorhuis. Ensor schilderde het grootste deel van zijn oeuvre tussen 1875 en 1916 vanuit zijn zolderatelier. Door de vijf vensters zag hij de stad en de polders. Het bijna telescopisch zicht dat hij had op zijn Vlaanderenstraat bleef hem al die tijd bezielen. Hij schilderde ze "met de zon", "onder de sneeuw" of "bevlagd".

Ensor was een honkvaste man. Het decor van zijn schilderijen was de Vlaanderenstraat en andere herkenbare plekken in het Oostende van de eeuwwisseling. Toch was hij een man van de wereld die de kunstscène volgde, contacten onderhield met schrijvers, politici en notabelen. Vanuit zijn veilige Oostende bekampte hij de wereld, de verstarde kunstacademie, de kleinburgerlijkheid en het gekonkelfoes van clerus en politici.

"Muziek in de Vlaanderenstraat" van James Ensor hangt in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen