Komt het nog goed met de SP.A na de zoveelste verkiezingsnederlaag? Ervaren en nieuwe socialisten geven het antwoord

De SP.A slaagt er maar niet in om uit het dal te kruipen. De Vlaamse kiezer heeft de regeringspartijen afgestraft, maar de grootste Vlaamse oppositiepartij heeft daar niet van kunnen profiteren. De extreme partijen des te meer. Is de SP.A nog wel relevant in het huidige politieke landschap? We vroegen het aan socialisten met ervaring en enkele nieuwe gezichten.

De Vlaamse socialisten waren eind vorige, begin deze eeuw de machtspartij bij uitstek. Twintig jaar geleden betaalden ze samen met de toenmalige CVP de prijs voor de dioxinecrisis, maar anders dan de christendemocraten bleven zij wel verder besturen, onder een paarsgroene vlag. In 2003 leverde dat nog groot succes op bij de federale verkiezingen, al had dat grotendeels met de figuur van Steve Stevaert te maken. Sinds de Vlaamse verkiezingen van 2004 is de neergang echter ingezet. En daar is de partij tot op vandaag nooit meer uitgekomen.

Niet geloofwaardig

De kansen lagen nochtans voor het grijpen. Als er iets duidelijk is geworden uit de verkiezingsuitslag van zondag, dan is het wel dat de Vlaamse kiezer de regeringspartijen heeft afgestraft, vooral N-VA en CD&V. Maar even duidelijk is dat de SP.A, nochtans de grootste Vlaamse oppositiepartij, er niet in geslaagd is om die misnoegde kiezers naar zich toe te trekken.

Een rondvraag bij verschillende SP.A’ers levert een bijna eensgezinde verklaring op: de campagne was zeker niet slecht en het geloof in de slogan "zekerheid" en de aangevoerde thema’s blijft overeind, maar de SP.A miste geloofwaardigheid. "Alle regeringspartijen hebben klappen gekregen, maar wij hebben blijkbaar niet de geloofwaardigheid om als alternatief te dienen, wat toch een normale democratische reactie zou zijn", analyseert Hans Bonte, burgemeester van Vilvoorde, de uitslag. "We worden samen met de regeringspartijen afgerekend, dus dat betekent dat men ons ziet als een deel van het probleem."

Qua thema’s zaten we goed, de pensioenen, de koopkracht, de wachtlijsten, dat leeft echt. Maar het geloof dat wij het kunnen oplossen, is even weg.

Annick Lambrecht, Kamerlid en toekomstig Vlaams Parlementslid
Annick Lambrecht

Annick Lambrecht, die van de Kamer naar het Vlaams Parlement verhuist, onderschrijft dat: "Ik denk dat de mensen geoordeeld hebben dat iedereen die ooit bestuurd heeft, dat eigenlijk niet zo goed gedaan heeft, behalve de N-VA dan. Zeker ook wij. Qua thema’s zaten we wel goed, de pensioenen, de koopkracht, de wachtlijsten, dat leeft echt. Maar het geloof dat wij het kunnen oplossen, is even weg."

Ook Melissa Depraetere, afgelopen zondag verkozen voor de Kamer, heeft tijdens haar vele huisbezoeken gemerkt "dat de thema’s die wij heel prominent in de campagne hebben gezet absoluut leven". "Maar niet iedereen vindt dat wij hen daar ook de oplossing voor kunnen bieden. Terwijl we wel echt een plan hebben en ik dat bij Vlaams Belang tot op vandaag nog niet echt heb gezien. Maar mensen zoeken zo ver niet. Ik heb heel vaak gehoord dat wij in het verleden zo vaak de kans hebben gehad om het te doen en dat het toen niet of onvoldoende is gebeurd. Dus ik vrees dat het imago van bestuurspartij nog heel hard aan ons kleeft."

Hans Bonte

Volgens Bonte is dat "gigantische probleem" van geloofwaardigheid deels een gevolg van de manier van oppositievoeren. "Onze oppositie is toch wel mislukt. We hebben wel kritiek geformuleerd, maar we zijn er niet in geslaagd om een alternatief voor de regeringspartijen te worden." Dat is volgens Bonte ook een deel van de verklaring waarom de extreme partijen garen hebben kunnen spinnen bij die thema’s waar de SP.A normaal gezien sterk zou moeten staan. 

Ook Ludwig Vandenhove, ex-burgemeester van Sint-Truiden en binnenkort opnieuw Vlaams Parlementslid, vindt dat de partij beter oppositie had moeten voeren. Maar hij ziet nog een andere reden waarom extreme partijen zoals de PVDA en Vlaams Belang met bijvoorbeeld het pensioenthema konden gaan lopen: de partij heeft zich te veel verloren in berekeningen van het planbureau en te weinig aandacht gehad voor het effectief behalen van stemmen. "Als politicus moet je kunnen blijven dromen en ook al is dat idealistisch, je moet dat kunnen blijven uitbrengen. Maar al die berekeningen en al die nuances maken juist het verschil tussen de PVDA en Vlaams Belang enerzijds en ons anderzijds."

Decumul verzwakt partij

Naast een gebrek aan geloofwaardigheid heeft ook het cumulverbod (het niet mogen combineren van twee belangrijke mandaten) binnen de partij een zekere invloed gehad op de verkiezingsuitslag, zeggen vooral de oudere SP.A’ers. Van Bonte is geweten dat hij die beslissing nooit gesmaakt heeft. "Ik vind dat een beetje een pretentieuze, masochistische regel als je dat als enige partij invoert. We hebben ons daarmee verzwakt. In Vlaams-Brabant heeft ons dat 1 Kamerzetel gekost. Zo simpel is het." Ook Vandenhove haalt het cumulverbod aan als een van de oorzaken voor de verkiezingsnederlaag. "Ik vind het heel dom om daar als enige partij mee bezig te zijn. Dat heeft ongetwijfeld stemmen gekost. De burger ligt daar overigens echt niet wakker van." 

De jongere generatie ziet het anders. "Mensen liggen daar misschien niet wakker van, maar ze zijn het ook wel beu dat die oude politieke cultuur nog zo hard leeft. En als je daar iets aan wil doen, dan zijn die maatregelen wel heel belangrijk", vindt Depraetere. "Dus ik ben er heel trots op dat wij dat met onze partij hebben gedaan. Ik merk ook dat veel andere jonge mensen die de kans hebben om te cumuleren, zelf zeggen dat ze het niet doen omdat ze oprecht denken dat het beter is om het niet te doen."

We hebben gekozen voor mensen die vaak weer uit een heel klassiek arbeidersgezin komen. En dat leeft wel bij de mensen.

Melissa Depraetere, toekomstig Kamerlid
Melissa Depraetere

Volgens Depraetere zal de vernieuwingsoperatie er op termijn ook net voor zorgen dat de partij haar geloofwaardigheid terugkrijgt. "We hebben gekozen voor een aantal mensen die heel jong zijn, maar wel al een basis hebben, vooral lokaal, mensen die heel hard bezig geweest zijn in de afdeling. Maar het zijn ook weer mensen uit heel gewone gezinnen, die vaak uit een heel klassiek arbeidersgezin komen. En ik heb gemerkt dat dat wel leeft bij de mensen."

"Mensen snakken naar een nieuwe wind", zegt ook Conner Rousseau, pas verkozen als Vlaams Parlementslid. "En dat is wat wij met onze ploeg van ervaren en nieuwe mensen aan het opbouwen zijn. Maar het duurt langer om iets op te bouwen dan iets af te breken. Dus het zal nog vijf jaar heel wat bloed, zweet en tranen kosten, maar we gaan dat wel doen. We zijn ermee begonnen en we gaan dat verder doen."

Wissel van de macht?

Moet die vernieuwing ook aan de top uitgevoerd worden? Niemand wil daar forse uitspraken over doen. Ook niet over welk soort voorzitter de SP.A nu nodig heeft. "We moeten eerst kijken waar we naartoe willen en daar dan pas een profiel aan vastkleven", zegt Vandenhove. "We moeten in functie daarvan een kandidaat kiezen. Als we bijvoorbeeld zeggen dat we meer de linkse toer op willen gaan, moeten we niet iemand kiezen met een sociaal-democratisch verleden."

Voor Bonte moet de voorzitter vooral iemand zijn die "de vernieuwing op een geloofwaardige manier kan trekken". "En vooral iemand die een team op het bord kan zetten dat eensgezind op een geloofwaardige manier onze sociaal-democratische recepten zal moeten verdedigen." Ook voor Depraetere moet de (nieuwe) voorzitter "van plan zijn om de vernieuwing verder te zetten en er nog forser in te gaan". "Het mag bijvoorbeeld niet iemand zijn die ervoor pleit om de decumul weer af te schaffen." Annick Lambrecht voegt eraan toe dat het "een verbinder" zal moeten zijn, "over de generaties heen, zodat je als groep zeer sterk staat en aan één zeel trekt".

Voor Rousseau maakt de persoon minder uit. De partij moet het eerst over haar verhaal hebben. "De partij zal zich moeten redesignen, op alle fronten en wat mij betreft from scratch. Natuurlijk hebben we een geschiedenis en moeten we daar heel fier op zijn. Maar we kunnen blijven wijzen op alle goede dingen de we in het verleden hebben gedaan. Het wordt ook tijd dat we wijzen op de goede dingen die we nog kunnen doen."

SP.A-voorzitter John Crombez

Hoe relevant is SP.A nog?

Maar dan rijst de vraag: zit de Vlaamse kiezer daar wel op te wachten? Hoe relevant is de SP.A nog in een maatschappij waarin de kiezers enerzijds meer naar rechts opschuiven en anderzijds de extremen opzoeken? Hans Bonte: "Ik ben ervan overtuigd dat er meer dan ooit nood is aan een sterke sociaaldemocratische partij. Op elk beleidsdomein zal je maar de uitdagingen kunnen aangaan als de problemen via een brede maatschappelijke solidariteit aangepakt worden. De antwoorden zullen altijd gebaseerd moeten zijn op het verbinden van groepen, van mensen, van organisaties." Maar los van de ideologie van de partij, moet de SP.A vooral "geloofwaardig zijn in wat we voorstellen", zegt Bonte. 

Dat vindt ook Annick Lambrecht: "Het komt er echt op aan om aan de mensen uit te leggen dat we het kunnen oplossen, maar ook dat niet alles op te lossen is. Het is echt zeer hard aangekomen dat we sommige dingen niet goed uitleggen." Daarnaast kan de partij het volgens Lambrecht niet maken om tegen de mensen "trek uw plan" te zeggen. "Je verliest veel mensen op die manier. We moeten echt bezig zijn met de concrete zorgen van de mensen. Men zegt wel eens dat de politiek aan uw voetpad begint en dat is ook waar. We zullen lokaal heel goed moeten besturen, dicht bij de mensen, en je moet dat ook doortrekken op nationaal niveau."

We moeten vervellen tot een grotere beweging die voor inclusie gaat en dat heel scherp brengt. Dat is de enige weg die we zullen moeten bewandelen, of de laatste zal over 5 jaar het licht moeten uitdoen.

Conner Rousseau, toekomstig Vlaams Parlementslid

"Ik denk dat wij van een partij naar een beweging moeten gaan", vindt Conner Rousseau, "een beweging die een verlengstuk is van iedereen die zich op vlak van welzijn, werk, onderwijs en klimaat engageert". "We gaan die weg echt wel moeten inslaan. We moeten de partij eerst gezond maken en daarna verruimen. We moeten nu 5 jaar aan een breder verhaal werken, een sociaal verhaal, een verhaal van de positieve vooruitgang, waarin wij zeggen wat allemaal wel kan. Het antigif zeg maar voor Vlaams Belang."

"We moeten vooral het signaal van de Vlaams Belangkiezer omarmen en kanaliseren naar iets positiefs. Vlaams Belang zal niet heel zijn leven hetzelfde aantal stemmen halen. Wij moeten de juiste keuze maken om te vervellen tot een grotere beweging die gaat voor inclusie en dat heel scherp brengt. Dat zal de enige weg zijn die we gaan moeten bewandelen, of de laatste zal over 5 jaar het licht moeten uitdoen."

Ook Ludwig Vandenhove denkt dat er in Vlaanderen "altijd plaats zal zijn voor een socialistische partij, maar het zal niet gemakkelijk worden". "We zullen vooral de keuze moeten maken welke partij we willen zijn: moeten we een socialistische partij zijn zoals de PS of een sociaaldemocratische partij zoals wij nu zijn? Daar is op het terrein een groot verschil tussen. Ik zeg al jaren dat we veel meer naar links moeten, we moeten weg uit dat centrum. Ik ben ook een grote voorstander van een nauwere samenwerking tussen de PS en de SP.A, ook in tijden dat er geen verkiezingen zijn." Vandenhove wijst er ook op dat de SP.A "niet beschaamd moet zijn om een partij van de armoelijders te zijn". "We moeten ons in de eerste plaats richten op de mensen die het moeilijk hebben."

Als we ervan blijven dromen om met een beweging kiezers uit het centrum weg te halen, dan geloof ik er niet in.

Ludwig Vandenhove, toekomstig Vlaams Parlementslid
Meryame Kitir (l) van SP.A en Kristof Calvo (r) van Groen. Moeten de SP.A en Groen meer samenwerken in de parlementen?

Botst dat niet met de verruimingsoefening waar bijvoorbeeld Rousseau voor pleit? "Als het een beweging is waarbij we samenwerken met Groen en de PVDA, dan heb ik daar geen probleem mee", zegt Vandenhove. Maar als we ervan blijven dromen om kiezers uit het centrum weg te halen, dan geloof ik daar niet in." Die samenwerking ter linkerzijde benadrukt ook Lambrecht. "We moeten veel meer boven de partijgrenzen heen samenwerken en zeker met de progressieve partijen."

Depraetere wijst naar andere landen, waar socialistische partijen wel weer goed scoren. "We hebben een goed verhaal maar moeten dat misschien nog wat positiever uitdragen. In andere landen slaat ons verhaal wel aan en de klassieke socialistische recepten zitten daar telkens in. Dus de SP.A is absoluut nog relevant in Vlaanderen."

Maar dan zal de partij wel heel duidelijk moeten zijn in haar communicatie, benadrukt Rousseau. "Het zal niet wollig mogen zijn. We gaan heel duidelijk moeten stellen dat er twee keuzes zijn in de samenleving. Ofwel kies je voor een fake news sociaal-economisch programma zoals dat van Vlaams Belang dat zelfs niet iedereen van de eigen mensen mee wil krijgen, ofwel kies je voor een verhaal waar iedereen die zijn best doet erop vooruit kan gaan."

Nederlaag erkennen

De komende vijf jaar zal dat verhaal zo goed als zeker vanop de oppositiebanken verteld worden. Want als er iets is waar al de SP.A’ers die we hebben gesproken het eens over zijn, dan is het wel dat de partij de komende jaren voor de oppositie moet kiezen. "De geloofwaardigheid begint ook met onze nederlaag te erkennen", zegt Bonte. "We zijn ongeveer een derde van onze parlementsleden kwijt, in sommige regio’s bestaan we nog amper." De oppositie is dan ook een logische keuze: "De kiezer heeft dat klaar en duidelijk beslist."

In "De ochtend" herhaalt Bonte de oproep om in de oppositie te gaan, zowel op Vlaams als op federaal niveau. Anders dreigt een nieuwe nederlaag, "en dan kunnen we de boeken dichtdoen". Is de keuze voor partijkopstuk Johan Vande Lanotte als informateur dan niet vreemd? "Je moet de informateur niet beschouwen als de voorbode van een regering waarin de partij van die informateur aanwezig is. Ik denk dat Johan met al zijn ervaring naar iets moet zoeken wat werkbaar kan zijn", stelt Bonte. 

Beluister hier het volledige gesprek met Hans Bonte in "De ochtend":

Meest gelezen