archieffoto AFP or licensors

Verschillende gewonden bij protest tegen regering in Albanië

In de Albanese hoofdstad Tirana zijn zondagavond tien politieagenten en drie andere mensen gewond geraakt bij incidenten naar aanleiding van een manifestatie tegen de regering. Dat heeft het Albanese ministerie van Binnenlandse Zaken gemeld.

De politie maakte gebruik van traangas en waterkanonnen om de menigte uit elkaar te drijven. De betogers eisten het ontslag van de socialistische premier Edi Rama en waren erin geslaagd om door de politieversperringen te dringen. Ze probeerden het parlementsgebouw te bereiken, dat werd bewaakt door tientallen leden van de anti-oproerpolitie.

De Albanese oppositie eist al maandenlang dat Rama zou opstappen. De oppositie beschuldigt de regerende Socialistische Partij van de premier van verkiezingsfraude en corruptie. Meer dan zestig parlementsleden van de rechtse Democratische Partij (PD) en haar bondgenoten legden eind februari uit protest hun functie neer.

Al drie decennia, sinds het einde van de communistische periode, zijn de sociaaldemocratische PS en de rivaliserende PD in een felle machtsstrijd verwikkeld. Rama nodigde de oppositie al verschillende keren uit voor "een dialoog om een oplossing te zoeken voor de politieke crisis", maar die weigert daarop in te gaan en liet ook weten niet te zullen deelnemen aan de verkiezingen op 30 juni.

Zaterdag 8 juni is een nieuwe manifestatie gepland.