Ze stemmen anders, maar Walen denken niet (zo veel) linkser dan Vlamingen

Vlaanderen stemde rechts, Wallonië links. Die simpele vaststelling leidt tot grote problemen bij de regeringsvorming, maar denken Vlamingen en Walen ook zo anders over politieke thema’s? Neen, blijkt uit een onderzoek van vijf universiteiten. "We vinden veel minder verschillen dan de stemming doet vermoeden", zegt politicoloog Stefaan Walgrave van de Universiteit Antwerpen. 

De impasse in de Wetstraat lijkt na 26 mei compleet. Tegenovergesteld stemgedrag – het zuiden naar links, het noorden naar rechts – maakt het heel erg moeilijk om nog een federale regering te vormen, en meteen gaat het debat weer over confederalisme. Nauwelijks tien jaar nadat we een grote staatshervorming kregen – de zesde ondertussen al.

Maar zijn de verschillen zo groot, is er sprake van twee compleet verschillende democratieën? Niet noodzakelijk, zo blijkt. Onder de uitslag van 26 mei gaat een andere werkelijkheid schuil. Eén van relatief gelijklopende publieke opinies in Vlaanderen en Wallonië. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit Antwerpen, KU Leuven, de Brusselse VUB en aan Franstalige kant de UCL in Louvain-la-Neuve en de Brusselse ULB. 

Het ene centrum is het andere niet

Het begint al met de manier waarop Vlamingen en Walen zichzelf zien. De twee groepen zien zichzelf als behoorlijk centristisch. Nu is dit relatief: wat een Vlaming als het centrum ziet, kan een Waal helemaal anders zien.

Maar als gepeild wordt naar specifieke thema’s blijken de publieke opinies ook daar behoorlijk parallel te lopen. Opvallend: vooral op socio-economisch vlak. “Daar vinden we nauwelijks verschillen tussen Vlamingen en Walen”, zegt Walgrave. “Waarbij de Walen niet linkser zijn dan Vlamingen. Ondanks de sterke score van de (uiterst-linkse) PTB.”

Vlamingen en Walen geven op elk van de vragen in de grafiek heel vergelijkbare antwoorden. En ze gaan ook altijd samen naar links of naar rechts. Die beweging gaat bij Vlamingen wat verder naar rechts en bij Walen wat verder naar links, maar bijna nergens is sprake van grote verschillen. 

Op de socio-culturele as, migratie meer bepaald, zit er wél een groter verschil. Walgrave: “Daar zijn de Vlamingen rechtser. Als je vraagt wat het belangrijkste thema is, dan schuift een belangrijke groep Vlamingen migratie naar voren. Terwijl in Wallonië werkgelegenheid het belangrijkste motief is om voor een partij te stemmen.”

Opvallend is dat de staatshervorming – toch een thema dat heel nadrukkelijk op de onderhandelingstafel zal belanden – helemaal onderaan het lijstje van prioriteiten van Vlamingen en Walen staat. 

Hoe komt dat?

De vraag is nu: van waar komt die tegenstelling tussen stemgedrag en publieke opinie? Het antwoord daarop kan niet veel meer dan speculatie zijn.

“We hebben nog meer onderzoek nodig”, zegt Walgrave. “Maar zeker is wel dat er in Wallonië geen geloofwaardige rechts-radicale partij is. Bovendien zijn de PS én de PTB veel beter dan in Vlaanderen ingebed in de volkshuizen en bij arbeiders. Zoiets houdt de mensen bij de partij.”

En dat er een verschil zit in de prioriteiten van de Vlaamse en Waalse kiezer, dat heeft te maken met de realiteit, denkt Walgrave. “Neem nu de werkloosheid. Die is veel groter dan in Vlaanderen, dan is het logisch dat je dat belangrijk vindt. En tegelijkertijd heeft het ook niét met de realiteit te maken. “Als de PTB en de PS voortdurend hameren op de ongelijkheid en werkloosheid, dan is het logisch dat er daar meer aandacht naartoe gaat.”

Wie de hele studie wil raadplegen, kan hier klikken.