UGent: Assistent achter twitteraccount "Schuld & Vrienden" maakte geen deontologische fout

De assistent en doctoraal onderzoeker achter het kritische twitteraccount "Schuld & Vrienden" maakte geen deontologische fout, zegt de universiteit Gent. Het anoniem account, dat inmiddels offline is, was erg kritisch voor de extreem-rechtse organisatie "Schild & Vrienden". Een Vlaams-nationalistische groep kon de identiteit van de beheerder achterhalen en maakte die ook openbaar. Volgens "Schild & Vrienden"-oprichter Dries Van Langenhove misbruikte de man zijn positie om aan private gegevens te geraken, maar de universiteit ontkent dat. 

Een assistent en doctoraal onderzoeker aan de UGent die beheerder was van de twitteraccount "Schuld & Vrienden" heeft geen deontologische fouten gemaakt, laat de UGent weten. 

Op het twitteraccount postte hij anoniem berichten die erg kritisch waren voor de leden van "Schild & Vrienden", de organisatie van Dries Van Langenhove die in opspraak kwam na een Pano-reportage.  Een Vlaams-nationale groep kon de identiteit van de accountbeheerder achterhalen en maakte die openbaar. Sindsdien wordt de man lastiggevallen en ontvangt hij doodsbedreigingen. 

Volgens "Schild & Vrienden"-oprichter Dries Van Langenhove gebruikte de assistent "private gegevens waarover hij als UGent-medewerker kon beschikken", maar de Gentse universiteit zegt dat er geen aanwijzingen zijn dat hij zijn positie heeft misbruikt. De man zelf zegt dat er nooit gegevens zijn gepubliceerd die niet openbaar te vinden zijn. 

De man ontkent ook dat hij zijn positie bij de universiteit misbruikt zou hebben om persoonlijke gegevens van "Schild & Vrienden"-leden te ontfutselen, schrijft "Het Laatste Nieuws".

"Voor de UGent is de vrije meningsuiting van al haar personeelsleden en studenten van groot belang, voorzover uitspraken, meningen, tweets en posts in eigen naam en voor eigen rekening gebeuren (dus niet namens en voor rekening van de UGent) en voor zover geen wet, decreet of intern reglement overtreden wordt", zegt de universiteit in een mededeling.

De assistent gebruikte het twitteraccount niet in zijn hoedanigheid van personeelslid aan de UGent, stelt de universiteit nog: "Er zijn geen aanwijzingen dat hij zijn hoedanigheid van assistent aan de UGent heeft misbruikt."

Op de veronderstelling dat hij zijn mening over de studenten liet doorwegen bij beoordelingen en bij het toekennen van punten, zegt de universiteit: "De betrokken assistent is formeel: hij kon zelf geen punten invoeren of wijzigen. Hij verklaart bovendien geen toegang te hebben tot privé-gegevens van studenten. Indien een assistent betrokken wordt bij de verbetering van examens gebeurt dat overeenkomstig de quoteringsregels vastgelegd door de verantwoordelijk lesgever."

De UGent ziet dus geen deontologische fout in deze zaak. "Er is geen enkele aanwijzing dat de meningen/overtuigingen en de verspreide tweets de betrokken assistent beïnvloed hebben in de uitoefening van zijn functie aan de UGent."