"Veel tijd was er niet om "Dschinghis Khan" in het leven te roepen, maar het lukte!"

Zes artiesten die elkaar nauwelijks kenden, van wie sommigen wel een paar noten konden zingen maar voor wie dansen vooral een nobele onbekende was, laat staan samen dansen in een vooraf uitgedokterde choreografie. Een bijkomend probleem was dat het lied dat ze moesten brengen, een met veel bombast en kitsch versierde discodreun, helemaal klaar was en snel op de markt moest gebracht worden omdat het nu eenmaal als Duitse inzending voor het Eurovisiesongfestival van 1979 zou kunnen gebruikt worden. Maar muziekcomponist Ralph Siegel slaagde er 40 jaar geleden toch in om op een zestal weken een groep, genaamd "Dschinghis Khan", in het leven te roepen, met een Europese hit tot gevolg - ook in Vlaanderen - en nog hitsucces in diverse Europese landen vele jaren later.

Maar ook al was het lied klaar, eind 1978, een groep was er niet. En dus moest er begin 1979 snel naar groepsleden gezocht worden, want de Duitse voorronde voor het Songfestival, midden maart 1979, was het eerste belangrijke doel om de groep te lanceren.

Ralph Siegel: "Ik heb iedereen opgebeld, die ik van ver kende en van wie ik wist dat hij niet aan een of ander contract vasthing. Van Frankfurt tot Liechtenstein, van Zürich tot Luxemburg, overal heb ik naartoe gebeld. Na een tweetal weken wist ik een 15-tal zangers en zangeressen te overtuigen voor mij auditie te doen in München. Zes ervan wist ik het meest te begeesteren met het concept "Dschinghis Khan" en zij vormden dan ook de gelijknamige groep.” (Steppenwind, Boek "Dschinghis Kahn" van Peter Cornelsen en Peter Hartmann jr., 1980)

De groep werd uiteindelijk samengesteld uit 2 Hongaren, Leslie Mandoki ("Ik dacht dat ik een auditie voor een rockalbum ging doen, maar dat was het duidelijk niet. Toen ik tegen Ralph zei dat ik nauwelijks kon dansen, zei hij: "Je ziet er goed uit, en dat dansen, dat leren we je wel."") en Edina Pop, 2 Duitsers, Steve Bender ("Het was helemaal niet de muziek die ik aanvankelijk wilde maken. Wat niet betekent dat ik niet achter het concept stond.") en Wolfgang Heichel, de in Nederland geboren Henriette Strobel en de Zuid-Afrikaan Louis Hendrik Potgieter.

Ralph Siegel: "Het was belangrijk dat de 6 groepsleden het met elkaar konden vinden, niet alleen als deel van een muzikaal project. En dus liet ik hen samen gaan wandelen, liet ik hen samen tijd doorbrengen, gingen ze samen inkopen doen. Gelukkig was er veel humor en tegelijkertijd ook voldoende beroepsernst om dit project te doen slagen." (Boek "Dschinghis Kahn")

Leslie Mandoki: "Het was geven en nemen. Ze wilden dat ik dat deed, oké, maar daardoor kon ik dan meer optreden. Wat voor mij dan wel weer erg belangrijk was. Misschien naïef, maar voor mij werkte het wel." (Tv-programma "Damals war’s", maart 2009)

Modeontwerpers en visagisten moesten voor de juiste look zorgen. De bekende Duitse choreograaf Hannes Winkler - hij wordt weleens het 7e groepslid genoemd - moest het zestal dan weer de nodige dansbewegingen bijbrengen. Maar hoe rudimentair de danspassen ook waren, het bleek geen sinecure om de "in Sachen Choreographie absolute Newcomer" bij de les te houden. Siegel herinnerde zich in deze periode vooral veel spierpijnen bij de groepsleden.

Steve Bender: "We oefenden onze danspassen tot 6 uur lang per dag. Ik viel er kilo’s door af en dat was dan weer mooi meegenomen. Al betekende dat dan weer dat de kostuums regelmatig aangepast moesten worden." ("Damals war’s")

Leslie Mandoki: "Dat dansen, dat was afzien. Op dat vlak was ik een volledige 'miscast'. Het waren zware trainingen. Uiteindelijk moet ik concluderen dat die me alleszins niet tot een ballerina hebben omgetoverd." (Handelsblatt, april 2017)

Maar het lukte: de voorronde in Duitsland werd overtuigend gewonnen. Wolfgang Heichel: "Plots werd er over ons in de Bundestag gedebatteerd. En werd er in Der Spiegel de vraag gesteld of het wel zo’n goed idee was om een liedje dat het geweld verheerlijkt en over bloeddorstige onderwerpen gaat naar een Songfestival te sturen. Maar het was toch maar entertainment, niet?" (N-TV, mei 2007)

Voor het Eurovisiesongfestival zelf was het discoconcept duidelijk nog te vernieuwend, want de diverse jury’s plaatsten de groep pas op de 4e plaats, na 3 uiterst traditionele Songfestivalliedjes. Maar het publiek dacht er anders over en "Dschinghis Khan", of het nu in een Duits- dan wel Engelstalige versie was, begon aan een opvallend hitparadeoffensief, zelfs tot in Nieuw-Zeeland.

Tot de definitieve split in 1985 - er waren nadien wel nog reünieconcerten – volgden nog diverse Europese hits en ook Japan viel voor de charmes van de vaak bombastische discodeuntjes. In Vlaanderen wist de groep in 1982 nog een hit te scoren met "Kaboutertjes".

Maar het zal vooral "Dschinghis Khan" zijn waarmee de groep bij ons gekend zal blijven. Veertig jaar geleden hield de single het alvast 2 maanden lang vol in onze hitparade: