Copyright 2019 The Associated Press. All rights reserved

Slechts 0,189 procent van de Britten beslist wie eerste minister wordt

Er zijn tien kandidaten om de ontslagnemende Theresa May op te volgen als partijleider en als eerste minister. Eerst zullen de Conservatieve parlementsleden de longlist uitdunnen tot twee, daarna zijn de partijleden aan zet. Dus zal niet meer dan 0,189 procent van de Britten beslissen wie de volgende premier van het Verenigd Koninkrijk wordt.

Democratisch

Het is een omslachtige procedure, en ze duurt langer dan een maand. Maar het minste dat je over de leiderschapsverkiezing bij de Conservatieve Partij kunt zeggen, is dat ze behoorlijk democratisch verloopt. De eerste stemronde is donderdag. Dan stemmen de Conservatieve parlementsleden ten minste één van hun collega's uit de race. Stapsgewijs brengen ze het aantal kandidaten terug tot twee, de shortlist. En dan mogen de naar schatting 125.000 leden beslissen wie van de twee de nieuwe partijleider wordt.  

Belgisch systeem

Dat is in ieder geval veel democratischer dan ons Belgische systeem. In theorie kiezen ook bij ons de partijleden hun voorzitter. Maar in de praktijk is er (meestal) niet meer dan één kandidaat --alleen Open VLD durft weleens te experimenteren met meerdere kandidaten. Eigenlijk is het in ons systeem de respectievelijke partijtop die beslist.

Waar iedereen voor staat

Boris Johnson AFP or licensors

Bovendien hebben de Conservatieve kandidaten allemaal, één voor één, een uitgesproken visie. Van Dominic Raab weten we dat hij een brexiteer van de harde lijn is, van Jeremy Hunt dat hij opnieuw wil gaan onderhandelen met de Europese Unie, en van Boris Johnson dat hij wil dat het Verenigd Koninkrijk op 31 oktober uit de Europese Unie stapt, met of zonder akkoord. Ook van de andere kandidaten weet iedereen waar ze staan tegenover de brexit.

Deficit

Tot daar niets aan de hand. Democratische leiderschapsverkiezingen dus (Nee, geen voorzittersverkiezingen. Diegene die het in de partij voor het zeggen heeft, is de politiek leider, niet de voorzitter. Voorzitters van Britse politieke partijen zijn meestal vrij obscure figuren die weinig in de pap te brokken hebben). Maar als je dan weet dat de leider van de regeringspartij meteen ook eerste minister wordt, dan zit je plotseling wel met een groot democratisch deficit.

0,18939394 procent

Er zijn iets meer dan 66 miljoen Britten. Ongeveer 125.000 van hen zijn lid van de Conservatieve Partij. Dat betekent dus dat 0,18939394 procent van de Britten zijn zeg mag doen over wie de volgende eerste minister wordt. Dat is een ernstige zaak, want Britse premiers beschikken over behoorlijk veel macht. De volgende eerste minister zal (toegegeven: niet in zijn/haar eentje, maar toch) de richting aangeven. Van zijn of haar beslissing hangt af of het Verenigd Koninkrijk al dan niet op 31 oktober uit de Europese Unie dondert.

Problemen? Nee, niet echt

Britse premiers bepalen ook grotendeels hoe het buitenlandse beleid van het land eruitziet. Dat is veel verantwoordelijkheid in handen van één persoon. Dat is veel verantwoordelijkheid in handen van 0,18939394 procent van de bevolking. Is dat nog democratisch? Mmmm... Maken de Britten daar problemen over? Mmmm, nee. Niet echt.

Grote partijen bevoordeeld

Dat heeft vooral te maken met het Britse politieke systeem, dat de grote partijen bevoordeelt, en er meestal voor zorgt dat een enkele partij aan de macht is. Dat is sinds vele decennia ofwel de Conservatieve, ofwel de Labourpartij. Af en toe, heel uitzonderlijk, in een coalitie met een veel kleinere partij, af en toe, heel uitzonderlijk met gedoogsteun (zoals deze Conservatieve regering gedoogsteun geniet van tien Noord-Ierse Unionisten).

1990

Het gebeurt niet zo vaak dat middenin een legislatuur een nieuwe partijleider en dus nieuwe premier verkozen moet worden. De vorige keer was dat Theresa May zelf, die aan de macht kwam na het ontslag van David Cameron na het brexitreferendum, maar je moet al teruggaan tot 1990 voor je het laatste voorbeeld vindt. Toen verhuisde John Major naar Downing Street, na het ontslag van Margaret Thatcher.

Margaret Thatcher AP1984

Monsters

Wie treurt om dit democratische deficit in de Britse politiek, heeft één grote troost: in deze brexittijden zijn parlementsverkiezingen nooit veraf. Er mag echt niet zoveel misgaan voor de Britten weer naar de stembus worden geroepen. Al is het heel erg de vraag of een nieuwverkozen parlement, en een nieuwe regering, de brexitimpasse wel zullen kunnen doorbreken. Het lijkt er heel erg op dat het brexitreferendum monsters heeft wakker gemaakt die de politici nauwelijks nog tot bedaren kunnen brengen.  Op 23 juni is het overigens drie jaar geleden dat de Britten gestemd hebben.